Wereld van verschil

Het begin van de Ramadan hebben ze niet gehaald, maar binnenkort betrekken de Driebergse Turken en Marokkanen hun gloednieuwe onderkomens....

TEKST ANTHON KEUCHENIUS ; FOTO'S MARCEL VAN DEN BERGH

Turkse pizza op Koninginnedag

Ferat Gurbuz, voorzitter van de Turkse vereniging Hacibayram Ondanks buurtverzet en slepende procedures

Leeftijd: 34 jaar; verruilt Ankara in 1992 voor Nederland. Opleiding: MTS in Turkije. Beroep: technisch tekenaar. Vrouw: administratief medewerker. Kinderen: twee, op een christelijke school ('dat was de beste'). Hobby's: voetbal, voorstopper; voetbalde in het eerste elftal van CDN, DEV en Yasamspor. Pensioen: 'liever in Turkije, maar waarschijnlijk wil mijn vrouw in Nederland blijven'. Wil worden begraven: '100 procent zeker' in Turkije.

'We dachten: er is niet veel geld, maar we hebben wel veel handige mensen in onze achterban. En we hebben Murat en, die is bouwmanager van beroep. Dus zijn we zelf gaan bouwen. Zonder Murat was het nooit gelukt. Veel van onze mensen zagen er tegenop, maar het gaat heel leuk. Ongeveer twintig leden zijn elk weekeinde bezig met de bouw. Zo besparen we dertig, veertig procent op de kosten. Vierenhalve ton gaat de moskee kosten, schat ik. In het voorjaar moet het af zijn.

'Het geld lenen we van Diyanet, de islamitische stichting Nederland, daar zijn we lid van. Gewoon tegen 5,9 procent rente. Ze helpen ons ook met andere dingen, en ze sturen de imam. Maar verder zijn we zelfstandig.

'Twee jaar geleden ben ik voorzitter geworden. Als vice-voorzitter had ik al veel geleerd. Hoe te praten met de gemeente, dat soort dingen. Maar het kost enorm veel tijd, ik ben de hele tijd aan het vergaderen. Als de bouw af is, stop ik ermee. Ik zie mijn kinderen nog maar weinig.

'Het is een kopie van een bestaande Nederlandse moskee met wat aanpassingen. Die koepel, die is mooi, echt Turks: 20.000 euro, Nederlands fabrikaat. De tegels van de gebedsruimte laat ik uit Turkije komen. De tapijten ook. Het wordt prachtig; veel ruimte!

'Eindelijk krijgen de vrouwen ook hun eigen ruimte. Voor gebed, voor taallessen, computercursussen. En Turks koken, ook voor Nederlandse vrouwen. De vrouwen helpen bij de bouw. Ze brengen eten of verkopen Turkse pizza en shoarma op Koninginnedag. De opbrengst is voor de moskee.

'In totaal hebben we 62 leden, 250 mensen bij elkaar. Ze komen uit heel Turkije, niet uit een bepaalde streek. Koerden ook, ja. Ik ben zelf Koerdisch. Het is een hechte gemeenschap geworden. Dat komt door het dorpse karakter. We kennen elkaar goed, het is allemaal niet zo massaal. De lijntjes zijn veel korter dan in de stad. Mensen uit Utrecht zeggen wel: wat zijn jullie goed bezig zeg. Ik ben blij dat ik in dit dorp woon. Lekker rustig.

'Doordeweeks wordt er bij ons minder gebeden dan hiernaast. Dat komt: wij werken bijna allemaal. En onze imam is er alleen vrijdag en zondag. Het is geen koffiehuis, maar wel meer dan een moskee. Zachtjes televisiekijken, spelletje sheshbesh, sigaretje roken, dat kan best. Anders gaan ze ergens anders heen.

'Integreren? Ons leven bestaat al de hele week uit werken, slapen, kinderen, voetballen. Zaterdag is boodschappendag. Alleen de zondag is dan over. Moeten we dan ook integreren, of mogen we hier praten, voetballen kijken. Ik ben voor Ajax, maar ook voor Fenerbah In de kantine van de voetbalclub is geen Fenerbah Dus kijken we hier.

'Er zit geen slechte tussen onze jongeren, echt niet . Binnenkort krijgen ze hun eigen ruimte. Als we goede activiteiten hebben, komen ze wel. Ik heb al een dartboard en een dvd-speler. We gaan computers regelen, dat soort dingen. Halfuurtje darten, dvd'tje kijken, andere halfuur lesgeven. Ze spreken slecht Turks, net zo slecht als ik Nederlands. Elke generatie wordt het minder. Ik wil dat mijn kind zijn eigen cultuur kent. Anders vergeten ze alles en worden ze gewone Nederlanders.

'De bouw van de moskee is niet voor de ouderen, maar voor de jongeren. Hier leren we hen goed te leven. Het is een fundament voor later. Nederland zou blij moeten zijn dat we dat doen.'

***

Ondanks buurtverzet en slepende procedures

De oorsprong van de Marokkaanse en Turkse gemeenschap in Driebergen ligt in de jaren zestig en zeventig, toen de plaatselijke vleesfabriek Gevato gastarbeiders uit het buitenland haalde om in te zetten in de varkensslachterij bij station Driebergen-Zeist. De gastarbeiders vernederlandsten en gaandeweg kwamen ook de gezinnen van de mannen naar Driebergen.

Begin jaren tachtig krijgen zowel de Turkse als de Marokkaanse vereniging toestemming om voor 'gebed en samenkomst' gebruik te maken van verlaten noodschoolgebouwtjes aan de Akkerweg. Die liggen daar langs de rafelige oostelijke rand van de bebouwde kom tussen een moestuincomplex, weilanden, een seniorenflat en een jarenvijftig-woonwijk.

Zomer 1995 worden de barakken gesloopt wegens asbestgevaar. Dezelfde winter demonstreren de Turken en de Marokkanen voor een nieuw onderkomen. De gemeente belooft hen een stuk grond om een eigen pand te kunnen realiseren. Dat wordt hetzelfde perceeltje aan de Akkerweg, dat later voor een zacht prijsje in de handen van de verenigingen overgaat.

Wanneer de Turken en de Marokkanen er in 1996, ieder voor zich, nieuwe barakken plaatsen als tijdelijk onderkomen, komt de buurt in verzet. Omwonenden vrezen de overlast van startende, gaande en komende auto's. Volgens hen zijn dit geen moskees maar buurtcentra, maar dan in de verkeerde buurt; de meeste allochtonen wonen immers verderop in de Groenhoek. Verdere toename van overlast wordt gevreesd bij nieuwbouw.

Slepende procedures tot aan de Raad van State tegen zowel de barakken als de nieuwbouwplannen begeleiden de komst van de moskeeen, waarvoor in het najaar van 2003 de eerste stenen worden gelegd. Vrijwel tegelijkertijd start de Driebergse Raad van Kerken met enig succes een inzamelingsactie voor de bouw van de moskee Begin augustus 2004 komt ook aan de laatste juridische procedure een eind met de goedkeuring van het bestemmingsplan door de Raad van State. De casco's van beide moskeestaan dan al lang en gebroederlijk naast elkaar aan de Akkerweg.

Beide verenigingen hebben de financiering van de afbouw nog niet rond. Het zal dus nog wel even duren voordat de moskee van de Turkse vereniging Hacibayram in gebruik zal worden genomen. De Marokkanen van Annasr zijn al wat verder. Zij hopen de benedenverdieping gereed te hebben voor de vieringen voor het einde van de Ramadan half november.

***

Mooi geometrisch, echt Marokkaans

Mohammed Alkachouti, voorzitter van islamitisch cultureel centrum Annasr

Leeftijd: 36 jaar; verruilt Berkane (Noord-Marokko) eind '89 voor Nederland. Opleiding: HBO-De Horst-/sportleider. Beroep: trajectbegeleider. Vrouw: huisvrouw. Kinderen: vier, allen op christelijke school. Hobby's: taekwondo, tekenen, lezen ('alles'). Pensioen: in Nederland. Wil worden begraven: in Marokko.

'Hoe is dat nou mogelijk, hoor je om je heen, dat je dit voor elkaar krijgt. In zo'n klein dorp, met zo'n kleine gemeenschap. Met hard werken dus. We zijn niet zelf gaan bouwen, dat durfden we niet aan. Het is een echte Marokkaanse moskee geworden, mooi geometrisch. Vind ik belangrijk, die Marokkaanse uitstraling. Heel anders dan de moskee hiernaast. Er is wel overwogen om samen gebouw neer te zetten, met een Berlijnse muur in het midden. Ik heb de tekening nog thuis liggen.

'Religieus gezien zou dat kunnen. Maar uiteindelijk bleken er teveel verschillen te bestaan om het beheer te delen. Taalverschillen, cultuurverschillen. Hiernaast wordt in het Turks gepreekt, onze imam preekt in het Arabisch-berbers. Bij ons wordt niet gerookt, niet gekaart, geen muziek gedraaid. Er komen bij ons ook veel niet-Marokkanen: Afrikanen, asielzoekers, vooral tijdens de Ramadan. Die komen gemakkelijker hier, ook vanwege de taal. Bij ons wordt ook vaker gebeden, onze imam is er altijd.

'Voorzitter worden wilde ik eigenlijk niet, maar iemand moest de kar trekken. Onze vaders spraken slecht Nederlands, begrepen het niet goed en werden niet goed begrepen. Gevolg was dat er niets van de grond kwam, dat ze telkens met een kluitje in het riet werden gestuurd.

'We zijn geld gaan inzamelen, vooral tijdens de Ramadan. Na het avondgebed gaan we allemaal het land in. Naar de koffiehuizen, theehuizen, moskee overal heen geld inzamelen. Ik ben wel eens om vier uur 's nachts thuisgekomen, met zeven-of achthonderd euro op zak. Zo hebben we in tien jaar de helft van het geld opgehaald. De andere helft is door de families zelf opgebracht. Het casco van de moskee alleen al heeft 476.000 euro gekost, daar komt nog zo'n drie ton bij. We hebben geen cent uit het buitenland gehad. Ik wilde nog een vergunning halen om in Driebergen langs de deur te gaan, maar daar is het niet van gekomen. Dat is mij afgeraden.

'Zesenzeventig families zijn lid van de vereniging, al met al zijn dat zo'n driehonderd mensen. Bijna allemaal uit de Rif, Noord-Marokko. Er zijn nog dertien Driebergse families die geen lid zijn. Als ik ze tegenkom, zeg ik het wel: waarom komen jullie niet. Denk aan je kinderen, dat ze later hun achtergrond kennen. Als de moskee af is, zullen er meer families komen, verwacht ik. Dan krijgen ook de vrouwen hun eigen gebedsruimte. Nee, samen bidden gaat niet. Als een vrouw voor je bukt, kun je je hoofd er niet bij houden, zo simpel is het.

'De jongeren komen nu in de Ramadan wel, maar daarbuiten niet veel. Omdat we geen activiteiten hebben. Daarom hebben we die moskee nodig, dan kunnen we eindelijk taallessen, computercursussen gaan geven.

'Ik ben erg trots op onze gemeenschap. Bij ons is weinig criminaliteit, zo'n vijf procent van de jongens is ooit in aanraking geweest met de politie. Dat is weinig in vergelijking met de grote steden. Maar vijf is nog steeds te veel.

'Ik wil dat mijn kinderen later twee vlaggen dragen, de Nederlandse en de Marokkaanse. Ze zijn Nederlander, maar ze kunnen hun Marokkaanse huid niet afpellen. En integratie, ach, wat is integratie. We doen al overal aan mee, maar het moet wel van twee kanten komen. Hoe meer we elkaar kennen, hoe beter we met elkaar zullen omgaan. Dus ik zou zeggen: kom kijken, leer mij kennen. De moskee is er voor iedereen.'

Meer over