WEG MET DE MELKERT-BANEN

MOCHT een ijverige student communicatiewetenschappen nog eens turven welke politicus de laatste jaren het meest is genoemd in de media, dan zal minister Melkert vast hoog eindigen....

Als Kamerlid stond Melkert als 'woordvoerder-alles' bekend, tegenwoordig beperkt hij zich meestal tot zijn eigen beleidsterrein. Maar daarover worden wij, journalisten, dan ook dagelijks met minstens een toespraak, interview of persbericht verblijd.

Dat is - vanwege de gortdroge stijl waarin de boodschap doorgaans wordt verpakt - niet altijd een pretje. Maar net als in alle reclame doet ook hier de herhaling zijn werk: Melkert is nu een van de bekendste en effectiefste politici van het land.

Zijn Machiavelli-lezing is een pleidooi voor de herwaardering van de 'politiek als ambacht' en tegen dwangmatige geroep om politieke vernieuwing. Dat leidt alleen maar tot verwachtingen die later worden beschaamd.

Journalisten en commentatoren richten hun aandacht te veel op het amusante drama van de dag en te weinig op de onderstroom die daarachter schuil gaat. Maar juist uit die onderstroom blijkt dat volhardende politici wel degelijk verschil uitmaken. Dat geldt voor de Europese eenwording en nu weer de euro. Het geldt ook voor het aanpassingproces waarmee Nederland sinds het begin van de jaren tachtig bij de tijd werd gebracht.

Je zou het een realistische, sociaal-democratische, visie op de geschiedenis kunnen noemen. Die grondtoon spreekt ook uit Een wereld te winnen, het conceptverkiezingsprogram van de PvdA, waarop Melkert een stevig stempel drukte. De direct gekozen burgemeester heeft het - gelukkig - nog gehaald, maar overigens zijn vernieuwingsplannen dun gezaaid.

Vandaar misschien dat Vrij Nederland vreest dat de PvdA 'haar ziel' kwijtraakt. En het is waar: de romantische, aan het Communistische Manifest ontleende, titel wordt niet waargemaakt. Het program had evengoed Investeren in Evenwicht kunnen heten. Evenwicht tussen moderne vormen van solidariteit en de vrijheid van de markt. Tussen economische groei en milieubehoud, tussen individuele en publieke consumptie.

Het PvdA-programma is net als dat van D66 een overcompleet telefoonboek en op belangrijke onderdelen te vaag. Ook de PvdA vindt dat de luchtvaart mag groeien, maar weet niet hóe en wáár. Dat geeft te denken over het vermogen van politieke partijen om keuzen te maken, en is ook niet erg democratisch: mogen de kiezers misschien meebeslissen?

Inhoudelijk zijn er geen grote verschillen met D66. Maar het PvdA-program steekt wel beter in elkaar. Dat is niet alleen een kwestie van (meer) professionaliteit, maar ook van zelfvertrouwen. Terwijl dat van D66 regerenderwijs werd ondermijnd, kijken PvdA'ers na jaren van ellende weer fier de wereld in.

Dat blijkt vooral in de inleiding van het program. Die is misschien wat eenzijdig sociaal- (en milieu-) economisch. Over het debâcle van Srebrenica wordt niet gerept, en de culturele stand van zaken in de maatschappij komt er bekaaid vanaf, maar op de conclusie valt weinig af te dingen: 'Dit kabinet heeft per saldo vertrouwen terug gewonnen.' Het beleid van paars moet worden voortgezet.

Veruit het zwakste punt van het PvdA-programma vind ik de passage over de studiefinanciering. Terwijl D66 kiest voor zoveel mogelijk ouderonafhankelijkheid, laat de PvdA dat idee vallen: liever een hogere beurs voor wie 'het echt nodig heeft', dan ouderonafhankelijkheid. Hier schiet de verdelende rechtvaardigheid door ten nadele van jong volwassenen uit de middenklassen.

Sterk is het voorstel 30 duizend banen in de gezondsheidszorg te scheppen. Dat is niet alleen een concreet antwoord op de noden van de sector, het komt ook van een partij die heeft bewezen woord te houden. Leken de 40 duizend Melkert-banen bij het begin van paars nog het zwakke punt van de PvdA, nu kan dat Melkert-etiket er vanaf: omdat het normale banen geworden zijn, of in elk geval moeten worden.

Opmerkelijk is ten slotte de opmars van het milieudenken in de PvdA. Dat blijkt niet alleen uit de allereerste zin van het program - 'De PvdA streeft naar een duurzame economie...' - maar ook uit de wijze waarop die wordt uitgewerkt. De onvruchtbare groeidiscussie waarin D66 dankzij Wijers en Van Hulten terecht is gekomen, wordt vermeden. Van Hulten heeft natuurlijk gelijk dat veel milieuwinst van de afgelopen decennia door het volume van de groei (en consumptie) weer ongedaan dreigt te worden gemaakt. Maar los je dat op door een lager groeitempo te bepleiten?

Dat is niet alleen moeilijk te verkopen, maar daarbij komt dat de nationale overheid maar in beperkte mate over het groeitempo gaat. Veel relevanter is of de kwaliteit van de groei te beïnvloeden valt. De PvdA wil prijzen die de milieuwaarheid spreken, D66 een groen BNP, en iedereen is voor vergroening van het belastingstelsel. Maar in het PvdA-program krijgen zulke gedachten meer handen en voeten.

Zo pleit de PvdA voor verhandelbare emissierechten en voor een tweede generatie convenanten die tot het herontwerpen van producten en productieprocessen moet leiden. Last but not least wil de partij de (lage) energieprijzen voor grootverbruikers optrekken naar internationaal niveau. Dat is weliswaar niet nieuw, en lastig te realiseren, maar gedurfd is het wel.

Meer over