Weekendje skiën: 20 euro

In het voormalige mijnstadje Klíny brengt de wintersport nieuwe inkomsten. Het is er nog altijd goedkoop. Spótgoedkoop.

Varda Rössler, de man die de skilift bedient, bestelt een dubbele graanjenever. Het is halftien in de ochtend, de zon kiert amper over het Ertsgebergte. 'Neem er ook één!', roept hij joviaal. Voordat de gast in het café op de piste kan weigeren, heeft de bardame al een Beefeater London Dry Gin ingeschonken. 'Proost', zegt Rössler, terwijl hij zijn glas heft. De bardame drinkt vrolijk mee.

De sfeer is ronduit gezellig in Klíny, de wintersportplaats die claimt de goedkoopste van Europa te zijn. Het is klein - iedereen kent elkaar - en gemoedelijk. Kleine huizen schurken tegen ruige bergruggen aan, families waggelen op skischoenen door de sneeuw. Het dorp beschikt over twee bescheiden hotels die samen 70 gasten kunnen herbergen. En daarmee is alles over de overnachtingsmogelijkheden in dit Tsjechische plaatsje gezegd. Over de langste van de drie skipistes, 450 meter, suis je in drie minuten naar beneden.

Klíny is een gekke plek met honderd inwoners en een bijzonder verleden. In een houten restaurant, tevens het enige, doet Josef Dlouhý die geschiedenis graag uit de doeken. Hij is multimiljonair, rijk geworden na de verkoop van de kolenmijn bij een petrochemische fabriek, die in de Tweede Wereldoorlog nog de naam Reichswerke Hermann Göring droeg. De Duitsers produceerden er brandstof om zuidelijke landen te kunnen beschermen tegen een aanval van de Russen. In dit restaurant, een voormalige houten barak, woonden de Duitsers die hier bruinkool uit de grond haalden, vertelt de 48-jarige Dlouhý. Na de val van het communisme werd hij eigenaar van de mijn. Schatrijk werd hij ervan, 'en doodongelukkig'. De hele streek was vervuild, bomen gingen dood, mensen trokken weg, Klíny leek op een maanlandschap dat de naam Death Valley kreeg.

Dlouhý wilde iets nuttigs doen met zijn geld. Hij verkocht de mijn en investeerde zijn miljoenen in het opknappen van zijn geboorteplaats. Hij legde in Klíny drie skipistes aan; een van 450 meter, een van 341 meter en een van bijna 300 meter - een oefenbaantje met een kinderskischool.

Achter het restaurant is een ijsbaan voor snowtubing, glijden op autobinnenbanden, verderop is een minigolfveld, een kinderspeelplaats en een klimtoren. Alles is er mini. In de omgeving zijn dode bomen omgezaagd en nieuwe, Canadese dennen geplant, want 'die groeien als een gek'. Daartussen zijn langlauf-, mountainbike- en wandelpaden uitgezet. In de bossen mag zonder restricties op reeën en zwijnen worden gejaagd.

Het grote voordeel van dit mini-ski-oord: je rijdt er in 7,5 uur naar toe en het is spotgoedkoop. Een dag skiën kost omgerekend 11 euro, twee dagen skiën is 20 euro. En dan hebben we het niet over dal-uren, maar over de weekends in het hoogseizoen. Een vijfdagenpas kost nog geen 50 euro.

Uit de geluidsboxen bij de skilift schallen Tsjechische volksliederen en Duitse schlagers. Varda Rössler zet zijn lege glas met een klap op de bar en loopt buiten zijn eerste skiliftbezoekers tegemoet. Op de kinderskibaan worstelen drie leraren met vijf kinderen die zijwaarts over een langwerpig tapijt tegen de helling op leren lopen. Een jochie huilt als hij achterover in de sneeuw ploft. 'Je kunt niet naar papa als je niet kunt skiën', zegt ski-leraar Virka Mudroch een tikkeltje chanterend. 'Dan moet je toch echt even je best doen. Kom, ik help je.' Het joch huilt nog harder.

Skiërs die met de sleeplift naar boven zijn gekomen, zijn met tien stappen terug in hun hotel, waarvan de voordeur grenst aan de skihelling waarop het stamcafé - tevens het enige - van Varda Rössler staat. Beide hotels heten Emeran (I en II), ze zijn vernoemd naar Dlouhý's kolenmijn Emeran, wat letterlijk 'ga naar het licht', betekent. 'Eén treintje vol kolen leverde me evenveel op als een hele maand met twee volgeboekte hotels, zegt de multi-miljonair. 'Maar de bevrediging is vele malen groter. Ik heb in tien jaar nog geen winst gemaakt, maar wel werkgelegenheid gecreëerd en het gebied mooi opgeknapt.'

Klíny richt zich op families uit Tjechië en Duitsland. Tijdens schoolvakanties zit het hier vol, zegt Karel Michalovic, die het terrein onderhoudt. 'We hopen dat ze in de zomer terugkomen om te wandelen of fietsen.' Michalovic is trots op zijn baas, die eigenaar is van zo'n beetje alles hier, zo ver het oog reikt.

Voorbij de horizon staan ze nog, de kale, dode bomen als gevolg van lucht- en grondvervuiling en ontbossing. Maar ook daar, in het nabijgelegen Mnisek, zo'n zes kilometer van de Duitse grens, worden nieuwe dennen geplant. De gemeente heeft een oude mijngroeve laten vollopen met rivierwater zodat het landschap met een meer wordt verfraaid. Over dertig jaar moeten alle littekens in het landschap weg zijn, zegt Michalovic.

Zijn baas bouwt elk jaar iets nieuws. Dit jaar nog komt er een buitenterras, volgend jaar een indoorsportzaal voor tennis, voetbal en fitness, en een stoeltjeslift, 'want dan tel je pas echt mee', zegt Dhoulý. Ook legt hij een snowpark aan voor kinderen, met iglo's en ijssculpturen. In 2014 worden de pistes dubbel zo lang. 'Dan ben je niet meer in 3, maar in 7 of 8 minuten beneden.'

www.kliny.cz

undefined

Meer over