Wedergeboorte van een zondagskind

Lang veranderde alles wat Thomas Dekker aanraakte in goud. Tot de epo-affaire van 2009. Komend seizoen rijdt hij weer tussen de allerbesten, bij Garmin-Cervélo. Een 'schonere' ploeg bestaat niet.

BART JUNGMANN

Thomas Dekker is 27 jaar en heeft een erelijst waarop menig wielrenner trots zou zijn. Voorgangers Michael Boogerd en Erik Dekker begonnen rond die leeftijd pas te oogsten. Opvolgers Bauke Mollema en Robert Gesink zijn nog niet zover.

Met tweevoudig zilver op het WK voor beloften, zowel in de tijdrit als op de weg, maakte Dekker in 2004 een stormachtige entree bij de profs. Daarna won hij de Ronde van Romandië en de Tirreno-Adriatico, twee zeges die van alles beloofden voor de rest van zijn loopbaan.

Maar in 2008 liep de weg van Thomas Dekker dood. Verdachte bloedwaarden zetten hem op een zijspoor bij Rabobank, de ploeg die hem altijd had gekoesterd als een kasplantje. Een jaar later, bij herkeuring van datzelfde bloed, bleek er sprake van epogebruik. Dekker, inmiddels in dienst van Lotto, werd voor twee jaar geschorst.

In juli maakte hij zijn comeback in het peloton. Noodgedwongen pikte Dekker tot nu toe kruimels. Maar een week geleden kwam duidelijkheid over zijn toekomst. Volgend seizoen keert Thomas Dekker terug op het hoogste niveau.

En wat betreft zijn erelijst: die is in feite dus al een paar jaar oud.

Voor hetzelfde geld had ik hier tegenover een Tourwinnaar gezeten.

'Zo kijk ik er niet naar, hoor. Ja, natuurlijk flitst het wel eens door je hoofd, wat als. . . Maar het heeft geen zin om daarin te blijven hangen.'

Het interview heeft plaats in het Amsterdamse kantoor van zijn zaakwaarnemers Martijn en Eelco Berkhout. Sinds de positieve dopingtest van 2009 behartigen de twee broers, oude bekenden uit de wielersport, Dekkers belangen.

Ze zitten deze dinsdagmiddag ook aan tafel omdat ze wel iets meer zijn dan dat. 'Zonder Martijn en Eelco was het zo niet afgelopen. Ik had niet de mentale sterkte gehad om dit in mijn eentje te doen.'

Het gesprek gaat vooral over de toekomst die Thomas Dekker nog rest als wielrenner. Maar geen toekomst zonder verleden.

Zijn bliksemsnelle opkomst lijkt al verleden tijd. Nederland weegt nu de kansen van Mollema en Gesink. Toch is hun talent, in vergelijking met het zijne, beperkt. Iedereen was er destijds van overtuigd dat Dekker zich te zijner tijd met de besten zou meten. Thomas Dekker was een gebeeldhouwde uitgave van Joop Zoetemelk en Jan Janssen.

Maar de jeune premier van toen bestaat niet meer. Het losgewoelde haar ligt nu in een scheiding achterover gekamd. Zijn gezicht draagt de sporen van frustratie en opoffering.

Alleen die uitdagende hoogmoed is gebleven. In sneltreinvaart beantwoordt hij vragen. De teleurstelling gaat verstopt in bijzinnen. Als het even zoeken is naar een volgende vraag zegt hij vilein: 'Ja, dat gaat snel, hè?'

Ben je een ander mens geworden?

'Dat wat vroeger normaal was, is het nu niet meer. Ik was 16 jaar toen ik mijn eerste contract tekende bij Rabo. Daarna ging het als een streep omhoog tot 2008. Dat is een lange periode geweest. Het was een tijd waarin je alles kon maken voor je gevoel.'

Ging het je te gemakkelijk af?

'Dat heeft er wel mee te maken. Weinig zelfreflectie, denken dat het er allemaal bij hoort. Het snelle leven, de doping ook. Een gevoel van onaantastbaarheid.'

Ben je een andere renner geworden?

'Nee, als coureur hoop ik weer mijn sterke kanten terug te vinden: het tijdrijden, het klimmen. Het wordt een ontdekkingstocht, maar het komt zeker terug. Ik ga een voorjaar rijden als altijd, alleen begint dat tegenwoordig al in Qatar en Oman. Daarna Amstel, Waalse klassiekers. Baskenland, Zwitserland, Dauphiné.'

Tour?

'Ik hoop het wel. Maar ga niet te veel verwachten. In Oman en zeker in Qatar heb ik niets te zoeken. Maakt me niet uit, als het maar koers is.'

Thomas Dekker is een paar dagen geleden teruggekeerd uit Boulder (Colorado), waar hij officieel werd toegevoegd aan het Amerikaanse Garmin-Cervélo. Meteen bij zijn comeback in juli had Dekker al zijn zinnen gezet op deze wielerploeg die zich laat voorstaan op onberispelijkheid inzake dopinggebruik. Het clean team als dream team.

Het heeft er tot op het laatst om gehangen?

'Pas een uur voor de presentatie van de ploeg kregen we groen licht en konden de handen worden geschud. Jonathan Vaughters, de ploegleider, zag het al lang in me zitten. Anders was-ie ook niet dat hele traject met me gestart. Maar in zo'n ploeg moeten alle neuzen dezelfde kant op staan. Op de laatste dag kwam de echte baas van Garmin, een man uit het conservatieve gedeelte van Amerika. Hij wil overal bij betrokken zijn, dus dat was nog best spannend. Maar goed, ik heb hem mijn ding verteld en toen was alles in orde.'

Nooit het gevoel dat je aan het lijntje werd gehouden?

'Het vertrouwen was er altijd wel, maar ik heb wel vaak gedacht: kom nu met duidelijkheid. Het is al zo moeilijk geweest. In oktober was mijn programma afgelopen en dan nog een maand wachten. Maar ik moet Vaughters eeuwig dankbaar zijn voor de kans die hij me biedt.'

Voor jullie is het altijd deze ploeg geweest?

'Er waren wel alternatieven, maar dit was verreweg de beste keuze. Mooie ploeg, goede mentaliteit. Veel ploegen willen dat uitstralen, anti-doping, maar zij doen dat ook echt. Zij hebben de standaard gezet op het gebied van schone wielersport. '

Martijn Berkhout: 'Het was niet zo moeilijk geweest om Thomas onder te brengen bij een of andere Italiaanse ploeg. Een winnaar van de Tirreno kan in Italië overal terecht. Maar dat wilden we niet.'

Eelco Berkhout: 'En wat ook een rol heeft gespeeld dat je tussendoor Riccò en Sinkewitz had, twee renners die in de oude fout vervielen. Dat vertraagt ook weer het proces.'

Is Garmin ook een keuze geweest om voor jezelf elk risico uit te sluiten?

'Nee, voor mezelf had ik de knop al omgezet toen ik bij Lotto zat. Geen foute dingen meer doen. Het was een eigen keuze om met doping te beginnen en ook om ermee op te houden. Nee, dat was niet moeilijk. Het heeft me meer kwaad dan goed gedaan en ik heb er geen euro meer door verdiend.'

Hoe reageerden de aanstaande collega's op je?

'Heel goed, al zullen er onder 29 renners vast wel een paar zijn geweest met aarzelingen, maar daar heb ik niks van gemerkt. Op de eerste dag heb ik mijn verhaal verteld tegenover de hele ploeg. Dat was best wel moeilijk en emotioneel.'

Scheelt het dat David Millar, ook een vroegere zondaar, bij de ploeg rijdt?

'Het bewijst dat Vaughters mensen een tweede kans geeft. Iemand mag een fout hebben gemaakt, maar dan hoeft het niet op te houden. Dat spreekt me aan. Niet hypocriet doen over doping.'

Met de presentatie in de Amsterdamse bibliotheek van zijn biografie Schoon genoeg en de vertoning van de documentaire Niemand kent mij keerde Thomas Dekker een half jaar geleden terug aan het front. Boek en film waren de verslaglegging van de val van een wonderkind. Vooral de documentaire was confronterend.

Was het moeilijk naar jezelf te kijken te midden van een volle zaal?

'Het was emotioneel, ook in de wetenschap dat ik de volgende dag weer mocht fietsen. Het is geen reclamefilmpje geworden in de zin van: hier is-ie weer. Ze hebben me anderhalf jaar gevolgd en je kunt niet anderhalf jaar toneelspelen.

'Ik loop in de film niet weg voor mijn verantwoordelijkheid en dat is wat mij betreft ook de boodschap. Ik ben eerlijk geweest. Nou ja, niet voor 100 procent. Ik heb nooit verteld hoe het echt is gegaan met de doping. Ik wil niet mensen tegen me in het harnas jagen. Ik heb de deur dichtgedaan en ben mijn weg gegaan. De eenzame fietser.'

Hoe sterk was die eenzame fietser?

'In het begin niet zo. Eerst was er boosheid en een gevoel van onrecht. Je weet wat er is gebeurd en waar het is gebeurd. Ik schatte de ernst van de situatie ook nog niet goed in, alsof ik na twee jaar de draad gewoon weer kon oppakken. Het was een moeilijk proces, zeker voor iemand bij wie het altijd vanzelf is gegaan.'

Je maakte op het laatst een eenzame indruk.

'Dat ben ik wel geweest, al heb ik ook gewoon de dingen gedaan, die een jongen van 25 doet. Maar er zijn zeker perioden van grote eenzaamheid geweest.'

Getwijfeld aan jezelf?

'Nee, dat nooit. Ik heb nooit het wielrennen eraan willen geven omdat ik weet wat ik kan.'

Je wilde genoegdoening?

'Voor mezelf, niet voor een ander. Ik heb altijd voor mezelf gefietst, alleen vroeger misschien meer op een arrogante manier. Zo van: volgende week sta ik er wel weer. Ik had het geluk van een goede omgeving, van ouders die er alles voor opzij hebben gezet, maar het is allemaal uit mezelf gekomen. Naar Italië gaan, veel trainen. Allemaal eigen keuzes.'

En waarin zit dan de verandering, als mens?

'De kern is het allemaal niet meer normaal te vinden. Die excessen blijf ik houden, dat hoort bij me, maar niet meer in de doping. Ik moet dat vertalen naar de trainingen, naar wedstrijden. De randzaken scheiden van de hoofdzaken en het extreme vinden in sportprestaties.'

De voorbije maanden heeft Thomas Dekker alle kermiskoersen van de Lage Landen gezien. Tot 1 augustus was hij een prof zonder ploeg. Daarna mocht hij aansluiten bij Chipotle, de opleidingsploeg van Garmin. Dat bood de mogelijkheid deel te nemen aan de Ronde van Portugal. Dat werd geen succes.

Aan de overeenkomst zat ook ander materiaal vast. 'Ik moest van schoenen en van pedaalsysteem wisselen. Naderhand bleken de plaatjes niet goed afgesteld. Dat scheelde zes millimeter met mijn oude schoenen. Ik kreeg last van mijn bovenbenen en irritatie bij elke omwenteling van de pedalen. Ik kreeg kramp. Dat had ik nog nooit gehad.

'Daardoor heb ik een paar etappes moeten missen in Portugal, terwijl ik voelde dat het steeds beter ging. Niet om te winnen, want Portugal is een land waar het oude wielrennen nog glorieert, maar ik ging wel steeds beter omhoog. Pas bij terugkeer bleek wat er aan de hand was. Ik heb mijn oude schoenen weer aangedaan en het probleem was meteen verholpen.'

Zijn tijdelijke ploeggenoten besloten het seizoen met koersen waarin geen plaats was voor een 27-jarige en dus keerde hij terug naar het rondje rond de kerk.

Wel won Dekker met vriend en collega Johan Vansummeren de Duo Normand, een koppeltijdrit. Weer zo'n venijnig tussenzinnetje. 'Toch nog wat gewonnen. Hoeveel Nederlanders kunnen dat zeggen dit jaar?'

Tijdrijden is toch ook je specialiteit?

'Ja, maar daarvoor moet je wel de hardheid kunnen opbouwen. Dat kon ik nu niet. Het was ook lastig. Windkracht zes, 10 graden, hele dag regen. En ik heb echt wel mijn aandeel geleverd.'

Vaughters noemt je de beste van jouw generatie. Dat schept verwachtingen?

'Die mogen er ook zijn.'

Heeft hij voorwaarden gesteld, bijvoorbeeld over je samenwerking met de Italiaan Cecchini?

'Met deze sportarts werk ik sinds 2009 al niet meer samen. Adri van Diemen begeleidt me nu en die werkt ook voor de ploeg. Alles is duidelijk voor Vaughters en voor de ploeg.'

Je contract heeft een looptijd van een jaar.

'Maakt me niet uit. Het had ook een contract voor drie maanden kunnen zijn. Er moet druk op zitten. Ik denk dat ik in één seizoen duidelijk kan maken van meerwaarde te zijn voor de ploeg.'

Waar ligt het grootste obstakel, sportief of mentaal?

'Toen het zo goed ging, was ik mentaal ijzersterk. Dat gevoel moet weer terugkomen.'

Maar je drijfveren zijn sterker?

'Ik weet nu beter waarmee ik bezig ben, maar het moet er sportief nog wel uit komen. Er zit nog twaalf jaar in het vat. We zullen zien wat daar nog uit komt.'

undefined

Meer over