'We slaan knechten, geen meesters'

De instelling waar ex-dominee Joachim Gauck de baas van is heeft zo'n lange naam, dat hij 'Gauck-Behörde' wordt genoemd. Hoe moet dat als hij volgend jaar weggaat?...

'Wij hebben afgezien van een politieke zuivering zoals de entnazifisierung na de oorlog in West-Duitsland. Een leraar wordt niet gevraagd: ''Was je lid van Honeckers SED?'', maar ''Was je een informant van de geheime politie?'' We hebben in totaal 4,3 miljoen aanvragen gekregen, dus je kunt zeggen dat het Duitse volk de wet heeft geaccepteerd.

'Het is wel een beetje eenzijdig om je zo te concentreren op de geheime dienst. Het belangrijkste in het systeem waren de heersenden, en die zaten in het centraal comité en het politbureau. Als we deze mensen beter behandelen dan de informanten van de geheime dienst, is dat een politieke fout. Maar deze fout komt door een zekere generositeit van de nieuwe politici in 1990. Ze wilden geen communistenvervolging.

'Alleen verkiezingsvervalsers of de verantwoordelijken voor de doden aan de grens zijn voor de rechter gekomen. Maar we hadden alle mensen in een leidinggevende functie kunnen verbieden de komende vijftien jaar in openbare dienst te werken. De Tsjechen hebben zoiets wel gedaan. Tegen ons zeggen ze: ''Jullie slaan de knechten, maar niet de meesters'' en ze hebben gelijk.

'Voormalige Stasi-officieren mochten niet in overheidsdienst blijven. Ze zijn als regel in het bedrijfsleven gegaan: computers, onroerend goed, verzekeringen. Het zijn lieden die vroeger al ellebogen hadden, veel ondernemers weten dat te waarderen. Ze zijn dus vandaag de dag vaak in een economisch gunstige situatie. Hun slachtoffers van destijds zijn meestal werkloos.

'De IM's (Informelle Mitarbeiters, red.) betalen voor hun verraad, maar ook betrekkelijk. Vaak is het aantal dat verder werkt hoog. Van de Oost-Berlijnse leraren die de Stasi hebben geïnformeerd, kon 79 procent gewoon doorwerken. Van een heksenjacht, zoals de post-communisten het noemen, is dus geen sprake.

'We hebben van de naoorlogse tijd geleerd, dat je geen streep kunt zetten onder het verleden. Een natie die niet strijdt over dictatuur, over daderschap en machteloosheid, is niet volwassen. Ik vind het een grote winst dat we dat wel doen. We zijn onmiddellijk na de Wende begonnen alles precies te bekijken. We slaan de dossiers open, en daaruit blijkt dat deze maatschappij zichzelf gedelegitimeerd heeft. De dossiers documenteren de dagelijkse terreur in de DDR. Mijn archief is een apotheek tegen de nostalgie.'

Meer over