Analyseklimaattop over klimaatadaptatie

We moeten ons aanpassen aan de opwarming van de aarde. Maar wie wil daarvoor betalen?

Hevige regens veroorzaken overstromingen in de grensregio van India, Nepal en Bangladesh. Armere regio’s zijn het kwetsbaarst voor klimaatverandering.  Beeld Anupam Nath / AP
Hevige regens veroorzaken overstromingen in de grensregio van India, Nepal en Bangladesh. Armere regio’s zijn het kwetsbaarst voor klimaatverandering.Beeld Anupam Nath / AP

Klimaatbeleid draait vooral om de vraag hoe we de opwarming van de aarde tegengaan. Veel minder om de vraag hoe we ons aanpassen aan de opwarming die er al is. En wie dat moet betalen. Daarover gaat de eerste wereldtop over klimaatadaptatie waarvan Nederland maandag gastheer is. En waar we meteen onze waterbouwkundige kennis in het zonnetje kunnen zetten.

Eén grote overstroming en twee cyclonen hebben de vissers langs de rivier Padma in Bangladesh de afgelopen twee jaar te verwerken gekregen. Hele dorpen spoelen weg. Tienduizenden trokken al weg naar de stad. Wat moeten de mensen anders, zegt Ayesha Siddika, lokaal klimaatactivist. ‘We vertellen hun dat ze zich moeten aanpassen, maar kunnen ze de cyclonen tegenhouden? Een nieuw eiland opwerpen? Hulp hebben ze nodig.’

De klimaatcrisis slaat niet alleen hard toe in Bangladesh, ze is al overal. Vorig jaar werden door overstromingen, stormen, droogte en apocalyptische bosbranden wereldwijd meer dan 50 miljoen mensen getroffen. Maar de gevolgen worden vooral gevoeld door de armste mensen in arme landen, die vaak nog sterk afhankelijk zijn van de natuur en door de opwarming over de rand worden geduwd, zoals de vissers in Bangladesh.

Het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen is daarvoor allang geen oplossing meer. Zelfs als we per direct alle emissies staken, neemt de opwarming nog decennia toe. We zullen ons dus zo goed mogelijk moeten aanpassen aan die steeds warmere wereld. Dat is ook het uitgangspunt van de Climate Summit on Adaptation, de eerste top over klimaatadaptatie ooit, waarvan Nederland maandag virtueel gastheer is. Tientallen wereldleiders zullen er onder meer bespreken hoe rijke landen de arme landen kunnen helpen.

. Beeld Volkskrant Infographics
.Beeld Volkskrant Infographics

Een snelle omslag is noodzakelijk, waarschuwde VN-topman António Guterres in december. ‘De race naar klimaatweerbaarheid is even cruciaal als de race naar nul uitstoot.’ We moeten dus evenveel geld steken in adaptatie als in mitigatie. Als we dit niet snel doen, lopen we straks tegen astronomische kosten aan, stelde het VN-milieubureau (UNEP) onlangs. Toch heeft een kwart van alle landen nog geen adaptatieplan.

Het gaat om een scala aan maatregelen. De Global Commission on Adaptation stelde voor de VN vijf speerpunten vast: early warning-systemen voor natuurrampen, klimaatbestendige infrastructuur (vooral in verstedelijkte kustgebieden en rivierdelta‘s, waar een groot deel van de wereldbevolking woont), droogte-resistente gewassen, efficiënt zoetwaterbeheer en natuurlijke kustbescherming (zoals mangrovebossen). Zulke ‘natuurlijke oplossingen’ verdienen volgens de UNEP prioriteit. Ze kosten relatief weinig en leveren veel op.

Klimaatadaptatie is sowieso een no brainer, zou je zeggen. Een mondiale investering in adaptatie van 1,8 biljoen dollar in de komende tien jaar levert volgens de Global Commission een opbrengst op van liefst 7,1 biljoen dollar. Voor elke aan adaptatie uitgegeven dollar komen er dus vier terug, nog afgezien van het feit dat de maatregelen soms, zoals voor door zeespiegelstijging bedreigde eilandstaatjes, een existentiële noodzaak zijn.

Vreemd genoeg gaat echter van alle klimaatgelden wereldwijd tot nu toe maar 5 procent naar adaptatie, zo’n 30 miljard dollar per jaar (geld steken in groene en hernieuwbare energie is voor bedrijven en overheden veel lucratiever). En dat terwijl de wereldwijde kosten van aanpassing aan de opwarming nu al zo’n 70 miljard dollar per jaar bedragen, oplopend tot 140-300 miljard in 2030 en 280-500 miljard per jaar in 2050.

De wanverhouding pakt voor arme landen nog veel slechter uit. Die moeten het voor hun adaptatiebudgetten vooral hebben van het Green Climate Fund, het VN-klimaatfonds waar rijke landen volgens de afspraken van Parijs vanaf 2020 zo'n 100 miljard dollar per jaar zouden steken. In 2017-18 was dat volgens de rijke landen 60 miljard, maar volgens critici netto hooguit 20 miljard. En bij 80 procent van dat geld gaat het dan ook nog om leningen, vaak tegen ongunstige condities, waarvan de effecten de armste mensen zelden bereiken.

Het is een morele kwestie, zegt Cécile Duflot van hulporganisatie Oxfam, een kwestie van ‘klimaat-rechtvaardigheid’. Arme landen zouden zich niet diep in de schulden moeten hoeven steken vanwege een probleem dat vooral door de rijke landen wordt veroorzaakt. ‘Stort het klimaatfonds dus eindelijk vol, zet al die leningen om in giften en zorg dat je de mensen bereikt die het meest worden geraakt.’

De coronacrisis is volgens de organisatoren van de adaptatietop in Den Haag een unieke kans om de zaak bij te sturen. De biljoenen die nu wereldwijd in coronaherstelplannen worden gestoken zou je moeten investeren in een Green Recovery. ‘We maken waarschijnlijk niet nog een keer mee dat zoveel biljoenen in de wereldeconomie worden gepompt, dus we moeten deze kans niet laten lopen’, stelde Inger Andersen van UNEP.

Daar lijkt het vooralsnog wel op. De verhouding tussen grijze (op fossiele energie gebaseerde) en groene oplossingen is 4 staat tot 1, zegt Patrick Verkooijen van het Global Center on Adaptation in Rotterdam. ‘Tot nu toe wordt maar een fractie van de coronagelden gebruikt om klimaatweerbaarheid op te bouwen.’

Een belangrijke reden is dat het lastig blijft geld te steken in iets waarvan de voordelen zich pas op lange termijn uitbetalen. Het is dus zaak publiek geld zoals uit het VN-klimaatfonds zo in te zetten dat je er bedrijven en financiële instellingen mee verleidt om ook te investeren. ‘Zet de miljarden in om de biljoenen vrij te maken’, in de woorden van Verkooijen. Ongeveer zoals Nederland ooit deed bij de grote inpolderingen.

2021 MOET JAAR VAN DE DOORBRAAK WORDEN

Het jaar 2020 had een doorbraakjaar moeten worden voor het klimaat. In plaats daarvan was het een verloren jaar met trieste records. Het was het warmste jaar ooit in Europa, het zee-ijs rond de Noordpool slonk verder dan ooit, er waren overstromingen in Azië en Afrika en enorme bosbranden in Australië en Siberië. De wereld is nu al 1,25 graad opgewarmd, terwijl de opwarming in 2100 niet meer mag zijn dan 1,5 graad om een klimaatramp te voorkomen. Politiek verdrong vorig jaar de coronacrisis het klimaat echter van de agenda. Zo werd de klimaattop van Glasgow verschoven naar eind dit jaar. Een tegenvaller, want daar zou het akkoord van Parijs uit 2015 worden aangescherpt. Landen zouden er nieuwe klimaatplannen tot 2030 presenteren die moeten zorgen dat de mondiale CO2-uitstoot in 2050 uitkomt op nul. Ook zouden er afspraken over geld worden gemaakt. Dat moet nu allemaal dit jaar gebeuren. Enig lichtpuntje is dat president Biden de VS weer terugbrengt in Parijs, op 19 februari is het zo ver. Net op tijd om dan maar van 2021 een doorbraakjaar voor het klimaat te maken.

WAT STAAT ER OP HET SPEL BIJ DE ADAPTATIETOP?

De Climate Adaptation Summit (CAS2021) in Den Haag maandag is de eerste (zij het noodgedwongen virtuele) wereldtop die helemaal is gericht op klimaatadaptatie. Het doel is landen te stimuleren meer te investeren in adaptatie, met name ook via hun coronaherstelprogramma’s. Inspiratie kunnen ze halen uit het werk van de door de VN ingestelde Global Commission on Adaptation, met oud-VN-topman Ban Ki-moon, Bill Gates van de Gates Foundation en Kristalina Georgieva van het IMF. De Haagse top, waar naast talloze Europese leiders ook de Chinese vicepremier Han Zheng, de nieuwe Amerikaanse klimaatgezant John Kerry en VN-topman António Guterres spreken, moet leiden tot een ‘adaptatie-actie-agenda’ voor de cruciale periode tot 2030 en afspraken over financiële hulp voor de derde wereld. De organisatie is in handen van het in Rotterdam gevestigde Global Center on Adaptation, dat wordt voorgezeten door Ban Ki-moon en oud-DSM-topman Feike Sijbesma.

Lees ook: Nederlandse delta kan een lab voor klimaatadaptatie worden

Acht eeuwen strijd tegen het water hebben van Nederland een grootmacht in aanpassing aan klimaatverandering gemaakt. Wereldwijd kan van die kennis worden geprofiteerd.

Meer over