InterviewJesse Klaver

‘We hebben misschien wel ons meest succesvolle jaar achter ons’

null Beeld Rebecca Fertinel
Beeld Rebecca Fertinel

GroenLinks-leider Jesse Klaver wil dit keer wél gaan regeren. De formatie moet beter dan in 2017, liefst met hulp van andere progressieve partijen. ‘We moeten elkaar vasthouden en samen optrekken.’

Het is erop of eronder voor GroenLinks. Geen partij schuurde zo vaak tegen de macht, zonder ooit te regeren. ‘We gaan Nederland veranderen’, was het motto toen Jesse Klaver (34) vijf jaar geleden fractievoorzitter werd. Maar in de formatie 2017 haakte hij af.

Hoe maak je die stap, zonder de idealen van je partij te verloochenen? Door op te trekken met zo veel mogelijk geestverwanten in de directe omgeving, lijkt het antwoord. Het lastige is: dan moeten die geestverwanten er net zo over denken.

U werd in 2015 partijleider en begon met meet-ups, een ‘beweging’. In 2017 scoorde u de beste uitslag voor GroenLinks ooit, sinds 2019 bestuurt de partij in zo’n honderd gemeenten. U hebt acht leden in de Eerste Kamer, het hoogste aantal ooit. De verkiezingen in maart moeten de klap op de vuurpijl worden. Hoe vindt u zelf dat het gaat ?

‘Ik ben heel tevreden. Dit zijn klimaatverkiezingen, maar met een coronacampagne. Hoewel je de beweging niet ziet, is die online groter dan ooit. Het denken over onderwerpen die eerst buiten de orde waren, wordt mainstream. Zoals het verhogen van het minimumloon, de klimaatverandering.’

Als u op 18 maart wakker wordt met 76 zetels, wat doet u dan als eerste?

‘De klimaatnoodtoestand uitroepen. Vervolgens nemen we alle maatregelen die nodig zijn om de klimaatdoelstellingen voor 2030 te halen. De bio-industrie moet gehalveerd, Schiphol mag niet verder groeien, Lelystad gaat niet open, de kolencentrales gaan nog voor 2025 dicht, meer windenergiewinning op de Noordzee…’

Hoe ziet Nederland er dan in 2025 uit?

‘Wat ik vooral hoop, is dat we de tegenstellingen verkleinen. Het gevoel hebben weggenomen dat mensen er níét bij horen. Een einde aan racisme en verdeeldheid, de tegenstelling tussen rijk en arm.

‘Markten die niet eerlijk zijn, daar gaan we nu echt wat aan doen. De huurmarkt gaan we volledig reguleren met een maximumhuurprijs. De zorgmarkt gaan we in zekere zin nationaliseren en regionaal organiseren. Als corona ons iets laat zien, naast heel veel ellende, is het dat artsen en verpleegkundigen verzuchten: konden we altijd maar zo werken. Want er is nu contact met andere ziekenhuizen, met huisartsen en thuiszorg over de werkverdeling.’

Met wie gaat GroenLinks besturen?

‘In 2017 dacht ik dat de beste garantie op verandering een zo groot mogelijk GroenLinks was. Maar bij de formatie hielden GroenLinks en D66, die ik tot het progressieve kamp reken, elkaar niet vast. Rechtse partijen deden dat wel. Ik verwacht dat D66 achteraf niet blij is met het kabinet dat er kwam en wij zijn niet blij dat we er niet in zaten.

‘Nu denk ik: de beste garantie op verandering is niet het antwoord op de vraag wie de grootste progressieve partij wordt. De oplossing is dat de progressieve partijen elkaar vasthouden en samen optrekken. Dat moeten we voor de verkiezingen uitspreken.’

Een jaar geleden, in de Amsterdamse Tolhuistuin, vormden PvdA, SP en GroenLinks een front. Lilian Marijnissen zegt nu dat de SP net zo makkelijk met de ChristenUnie of het CDA kan samenwerken als met de linkse partijen.

‘Ik zag dat ook niet aankomen, maar kan alleen voor mezelf spreken. Ik ben er bloedserieus in. De SP heeft … Nou ja, dat is hun keuze, al geef ik Marijnissen nog niet op. Maar de karavaan moet door. Met de PvdA trekken we samen op, die afspraak staat. Ik hoop dat ook D66 deel wil uitmaken van een progressieve alliantie. Wij zouden heel graag een stembusakkoord sluiten, een afspraak dat we ook na de verkiezingen samen optrekken. Er zijn volop gesprekken over.’

Wat houdt een stembusakkoord in?

‘Een gezamenlijke inzet voor de formatie. Dan zie ik drie dingen die er in elk geval in moeten: een new green deal voor Nederland, de verhoging van het minimumloon en investeren in onderwijs.

‘De afstand tussen GroenLinks, PvdA en D66 is minder groot dan met de VVD. Twee van deze drie is het gelukt om met de VVD afspraken te maken in een coalitie. Dan moet het met ons drieën zeker lukken. De vorige keer zei ik ‘we gaan Nederland veranderen’. Die ‘we’ is nu niet alleen GroenLinks, maar de alliantie van progressieve krachten. Dat is mijn inzicht van de afgelopen jaren.’

Jullie drie, een voor allen, allen voor een?

‘Ja wat mij betreft.’

Hoe belangrijk is het voor GroenLinks om in het kabinet te komen ?

‘De druk is nu nog groter. De komende tien jaar zijn cruciaal voor de aanpak van de klimaatverandering. Als GroenLinks er niet bij zit, dan gaat het niet gebeuren. Niet dat het kabinet niets heeft gedaan, maar de doelstellingen worden niet gehaald.’

Uit een peiling bleek dat GroenLinks en PvdA samen meer zetels kunnen halen dan ieder apart.

‘Dit soort keuzen moet je niet maken op basis van peilingen, maar omdat je erin gelooft. Als progressieve samenwerking een oprechte drang is om Nederland te veranderen, dan zal dat een dynamiek teweegbrengen die de boel op zijn kop kan zetten. Dat is nodig na tien jaar Rutte. Ik ben buitengewoon op hem gesteld, maar als premier is het lang genoeg geweest. Na tien jaar Rutte zijn 40 duizend mensen dakloos, zijn de huren met 35 procent gestegen, geen kabinet-Rutte heeft de klimaatdoelstellingen gehaald. Als er ooit reden was voor een andere wind in Den Haag, is het nu.’

Dan hebt u ook in eigen kring zendingswerk te verrichten. Met uw miljonairsbelasting treft u ook een enkeling in de eigen achterban, sommige GroenLinkers zijn niet onbemiddeld. Ze zijn voor windmolens, maar liever niet te dicht in de buurt, zie het verzet in Amsterdam en Weesp.

‘Nu praten jullie over GroenLinksers alsof het een menssoort is die onlangs is ontdekt. Niets menselijks is een GroenLinkser vreemd. Ons programma heet niet voor niets Tijd voor nieuw realisme. Er is een nieuwe werkelijkheid ontstaan. Wat niet meer realistisch is, is dat de woningmarkt onveranderd blijft, dat de gaskraan open blijft, dat het toeslagenstelsel mensen in problemen brengt. De tijdgeest is veranderd. Mensen vragen niet om een overheid die alles voor hen regelt, die willen een overheid die het leven een beetje overzichtelijk houdt.’

Vier jaar noemde u zichzelf met nadruk premierskandidaat. Is dat nu weer zo?

‘Ja, mijn ambitie is dat GroenLinks zo groot is dat dat mogelijk wordt. Maar dat je door premier te worden alles verandert, die gedachte is weg. Het zou fantastisch zijn premier Rutte te vervangen door Klaver, door Ploumen of Kaag. Maar ik ben ervan doordrongen geraakt dat de wisseling van één persoon het verschil niet gaat maken. Uiteindelijk gaat het om wat we programmatisch weten te veranderen.’

CV

1 mei 1986 Geboren te Roosendaal

1999- 2004 VMBO T

2004 – 2008 Hbo social work

2006 – 2009 Voorzitter Dwars, jongerenorganisatie GroenLinks

2009 tot 17 juni 2010 Voorzitter CNV Jongeren

17 juni 2010 Lid van de Tweede Kamer

12 mei 2015 Fractievoorzitter en politiek leider van GroenLinks

Klaver is getrouwd en heeft drie zonen

Als premier heb je leiderschapskwaliteiten nodig. U bent zes jaar partijleider. Er ging nogal wat mis in de fractie. Een medewerker werd op straat gezet wegens seksueel ontoelaatbaar gedrag. Een Kamerlid moest wegens een affaire binnen de partijleiding opstappen. Kamerlid Özdil moest vertrekken wegens een standpunt over het studieleenstelsel, dat de partij later alsnog overnam. Hoe kijkt u daarop terug ?

‘Dit gebeurt waar mensen werken; dingen gaan goed, dingen gaan niet goed. Natuurlijk heb ik fouten gemaakt. Bij het vertrek van Zihni Özdil heb ik publiekelijk te veel gezegd. Die fout maak ik niet opnieuw.’

GroenLinks kwam in verlegenheid door kandidaat-Kamerlid Kauthar Bouchallikht, nummer 9 op de lijst, die banden met de moslimbroederschap zou hebben, en jaren geleden aanwezig was op een anti-Israëlische demonstratie. Wat vindt u van die kritiek?

‘Wij geven altijd ruimte aan nieuw talent. Dan loop je risico’s. Emancipatie zit in onze vezels. Zij strijdt voor gelijke rechten, ook voor de lhbtq+-gemeenschap. Ze zegt zelf: ik wil voor mij de vrijheid om een hoofddoek te dragen, en voor andere vrouwen om dat juist niet te doen. Dat is de kern van waar wij voor staan.’

Had u haar gesproken voordat ze op de lijst kwam?

‘Het is niet zo dat de partijleider iemand moet spreken voordat die op de lijst komt. We hebben een commissie, en mensen die scouten. We kenden haar uit de klimaatbeweging. Ik wist wie ze was.’

Heeft u achteraf gedacht: we hadden haar beter in beeld moeten hebben?

‘Achteraf is het mooi wonen, zeggen ze in Brabant – ik geloof dat die van Theo Maassen is. Gedane zaken nemen geen keer. Ik weet wie ze is en waar ze voor staat: het gedachtengoed van GroenLinks. Dat is wat voor mij telt. Het gaat om een fijne mix en een goede ploeg. In teams heb je diversiteit nodig.’

En als ze echt nauwe banden met moslimbroederschap had? Zou dat uitmaken?

‘Dat is een als-dan-vraag. Dan moet ik precies weten hoe het zit. Maar laat ik helder zijn: het gedachtengoed van GroenLinks en de moslimbroederschap is niet verenigbaar.’

Anderhalf jaar geleden keerde u zich tegen scorebordpolitiek: minder politiek voor de bühne, minder moties om mee te scoren. Er was bijval van andere partijen. Er waren er ook die zeiden: je bent in de politiek voor de ideeënstrijd. Staat u er zelf nog helemaal achter?

‘Ik bedoel met scorebordpolitiek dat soms zaken niet tot stand komen omdat het succes niet op een ander mag afstralen, of omdat een ander er niet genoeg voor strijdt. Aanleiding was toen de discussie over het onderwijs: hoe kan het dat partijen altijd willen investeren in onderwijs, maar dat je dat in het regeerakkoord niet terugziet? Doordat niemand aan zo’n onderhandelingstafel er echt voor strijdt.

‘Iets telt pas in Den Haag als het echt van jou is. Dit noemen we bij GroenLinks de Pechtold-doctrine. Je moet een probleem creëren, anders kun je het ook niet oplossen. Pechtold was daar briljant in, dan kwamen er botsingen en huppekee, had je geweldig politiek theater. Politiek duiders stellen altijd de vraag wie de winnaar is, nooit wat de samenleving ermee is opgeschoten. Dat wil ik doorbreken.

‘We hebben misschien wel ons meest succesvolle jaar achter ons. Ik wil goede resultaten boeken waar mensen wat van merken, of dat nou wel of niet zichtbaar is. Wij hebben ingebracht dat die twintig miljard euro van het groeifonds van Hoekstra en Wiebes alleen wordt uitgegeven aan duurzame bestemmingen. Dat gebeurde geruisloos. Meestal geldt: hoe groter de politieke clash, hoe kleiner het resultaat.’

De ChristenUnie heeft een scorebord op de site: dit haalden we binnen, dit niet. Je moet je successen toch uitventen voor je achterban?

‘Wij praten er over, nu weer voor een miljoenenpubliek van de Volkskrant. Maken we er een show van, dan wordt het superdominant. Nog nooit deden we zo veel zaken met het kabinet. In relatieve rust boden we de coalitie de ruimte verstandig met onze voorstellen om te gaan. We rekenen nu voor het eerst met een interne CO2-prijs – het is supersaai wat ik nu ga vertellen, het zal vast het interview niet halen – die hoger is dan de ETS-prijs (de prijs in het emissiehandelssyteem, red.) in Europa. Dat betekent dat die twintig miljard niet kan worden uitgegeven aan projecten die slecht zijn voor het klimaat. Bij een enorme publieke strijd was dat niet gelukt. Nu hadden we minister Wiebes tegenover ons en die snapte dat dit een goed idee is.’

We krijgen nu het beeld van GroenLinks als lobbyclub achter de gordijnen.

‘…dan leg ik het niet goed uit. Mijn punt is: het gaat vaak niet over het resultaat maar over het proces. Politiek is pas relevant als er drama bij komt, lijkt het.’

U zegt dus: we hebben de afgelopen jaren veel bereikt zonder ermee te koop te lopen?

‘Ja, buiten de vergaderzaal. Maar ook in de toon van de debatten: zoek je het keiharde conflict of geef je de ander de ruimte tot iets te komen? Dat heeft ook met de tijdgeest te maken. We hadden eerst de neiging alleen te agenderen. Nu is er politieke ruimte om resultaten te boeken.’

Hoofdpunten uit het GroenLinks-verkiezingsprogramma

• Snelle treinen gaan Nederland verbinden met meer Europese landen. De trein naar Brussel, Londen en Parijs gaat straks ieder uur. Lelystad Airport gaat niet open. Schiphol en de regionale vliegvelden worden kleiner en concentreren zich op de luchtvaart die voor Nederland belangrijk is.

• De CO2-uitstoot moet sneller omlaag. De CO2-heffing voor het bedrijfsleven moet omhoog, ook voor de landbouw. In 2040 zijn de elektriciteitsopwekking en de industrie klimaatneutraal, in 2045 is de hele samenleving klimaatneutraal. Er komen geen kerncentrales, wel komt er een Klimaatfonds van 60 miljard euro.

• Geen btw voor groente en fruit. Gratis schoolfruit op de basisschool.

• Er komt een eind aan de bio-industrie.

• Vier dagen gratis kinderopvang, buitenschoolse opvang helemaal gratis. Kleinere klassen op school. Het onderscheid tussen algemeen en bijzonder onderwijs verdwijnt.

• 1 miljoen nieuwe woningen voor 2030, minstens 40 procent sociale huur.

• Nieuwe vermogensbelasting voor miljonairs.

Meer over