Wat te doen met Demjanjuk?

Je moet oppassen met de normalisering van het kwaad

Toch absurd dat je ineens, 66 jaar na dato, probeert uit te zoeken of je grootvader misschien door John Demjanjuk is opgevangen in het vernietigingskamp Sobibor.
John heette trouwens toen nog Iwan.

Mozes
En mijn grootvader heette trouwens Mozes. Hij is geboren op 27 mei 1867. Over twee weken jarig, maar toch ver weg. Tien jaar geleden kon je nog zeggen ‘in de vorige eeuw’, maar dat kan ook niet meer. Van Mozes weet ik dat hij via Westerbork in Sobibor terecht is gekomen.

Dat weet ik omdat grootvader bij zijn binnenkomst de 45 cent die hij bij zich droeg, heeft moeten afgeven. Dat is keurig door de kampbeheerders genoteerd. Ver na de oorlog heb ik als nabestaande die 45 cent teruggekregen. Met rente.

Wat heb ik met die 45 cent plus rente gedaan? Ik weet het niet meer. Een biertje van gekocht, denk ik.

Vanuit Westerbork is Mozes op transport gezet naar Sobibor. Daar is hij op 5 maart 1943 om het leven gebracht. Die 5 maart was ook de verjaardag van mijn vader. Ik verzin die dingen niet, die dingen gebeuren gewoon.

Kampbewaker
Als de gegevens kloppen, heeft Demjanjuk eerst in een ander kamp – Majdanek – een opleiding tot kampbewaker gekregen en is hij op 26 maart 1943 in Sobibor gedetacheerd. Mijn grootvader bestond toen al drie weken niet meer. Zijn lot moet afgehandeld zijn door eerdere Hilfswilligen (Hiwi’s). De Hiwi’s werden gerekruteerd uit Oekraïners en ander volk. Meestal waren het grote sterke mannen, die hun Duitse leermeesters in wreedheid nog wisten te overtreffen.

Simon Pam
Andere familieleden zijn wel door Demjanjuk onder handen genomen. Simon Pam, van wie mijn vader wel eens vertelde dat ik op hem leek, heeft op 6 september 1943 de dood gevonden. Henriëtte Cosman-Pam heeft nog drie dagen langer geleefd.
In oktober 1943 verhuisde Demjanjuk naar concentratiekamp Flossenburg. Daar is hij nog een tijdje werkzaam geweest voor de divisie Totenkopf Flossenburg van de Waffen-SS.

Bij ons in de tuin bloeit de goudenregen. Ik zou binnenkort naar München kunnen afreizen om het proces te volgen. Bestaat Sobibor trouwens nog? Ik bedoel: bestaat het als een gewone stad? Kun je er een hotel krijgen? Ik houd op met zoeken als ik zie dat Auschwitz en Sobibor op het internet vallen onder ‘topbestemmingen’.

Oppervlakkig
Het is maar goed dat ik zo’n zorgeloos en oppervlakkig mens ben. Anderen die het leven zwaarder opnemen, zijn op zoek naar ‘gerechtigheid’ en willen daarom dat de 89-jarige Demjanjuk alsnog wordt berecht. Maar ik houd mijn hart vast. Demjanjuk schijnt nog over een redelijke gezondheid te beschikken, maar stel je voor dat hij tijdens het proces komt te overlijden.

Voeg daaraan toe dat in 1988 al een keer tevergeefs geprobeerd is om Demjanjuk veroordeeld te krijgen als Iwan de Verschrikkelijke van Treblinka. Er was toen sprake van een persoonsverwisseling en je kunt zijn toenmalige vrijspraak zien als een triomf voor het Israëlische rechtssysteem. Nu liggen de zaken anders en zijn er harde bewijzen.

Argument
Toch is er één argument van de voorstanders van berechting dat wel degelijk indruk op mij maakt. Dat is het argument dat het proces tegen Demjanjuk niet zozeer wordt gevoerd vanwege de oorlogsmisdaden van toen, maar vanwege de oorlogsmisdaden van nu.

Wanneer wij Demjanjuk ongemoeid laten omdat hij te oud is, dan zullen de Demjanjuks van nu wellicht menen dat zij ongeschonden de eindstreep kunnen halen, als zij zich maar lang genoeg verborgen weten te houden. Dat vooruitzicht moeten wij misdadigers als Ratko Mladic niet gunnen.

Daar zit veel in.

Oppassen
Onlangs schreef de Holocaust-expert prof. Johannes Houwink ten Cate dat het aanstaande proces in München ook door moet gaan, ‘omdat de plegers van genocide doorgaans gewone, conformistische mensen zijn, die bestraffing vrezen’. Die observatie is niet zonder grond, maar over het algemeen moet je toch oppassen met de normalisering van het kwaad.

Voordat je het weet, krijg je te horen dat de mens geneigd is tot alle kwaad, dat er in ieder mens een sadist schuilt, een masochist, een racist, een teringlijer en wat niet al. Tegen degenen die telkens weer met dat argument op de proppen komen, zou ik willen zeggen. ‘Spreek voor jezelf!’

Hitler-musical
Het is niet mijn gewoonte in mineur te eindigen en deze keer wil ik dat al helemaal niet doen. Je moet even omrijden, maar je kunt naar München via Berlijn, waar morgen de musical The ProducersFrühling für Hitler in premiére gaat. De musical is gemaakt naar de gelijknamige film van Mel Brooks, een van de grote klassiekers in het komische genre.

Hitler wordt erin belachelijk gemaakt als een halve gare revue-nicht. Aan de gevel van het theater, het Admiralspalast, hangen de banieren in de nazikleuren rood en zwart, zij het niet met een hakenkruis, maar met een Pretzel – zo’n krakelingvormig koekje.
Er zijn nog plaatsen over, zag ik op internet, want Duitsers zijn altijd erg voorzichtig als het om hun verleden gaat. Gevoel voor humor legt het daarbij weleens af tegen keurigheid, en dat kun je die Duitsers moeilijk kwalijk nemen.

Dat in ieder mens wél iemand schuilt die zijn (of haar) verleden mooier wil maken, is een notie die misschien toch een diepe waarheid bevat. Boven een bericht over de jeugd van Benedictus XVI kopte GeenStijl: ‘Paus stapt alsnog uit Hitler Jugend.’
Het wordt lente.

Meer over