AchtergrondNoord-Korea

Wat moet Joe Biden aan met Trumps ‘vriend’ Kim Jong-un?

President Trumps dreigementen met ‘vuur en woede’, noch zijn ‘historische’ topontmoetingen met de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un hebben bereikt dat deze zijn kernarsenaal opgaf. Aankomend president Joe Biden krijgt nu het advies te kiezen voor een realistischer aanpak: wapenbeheersing.

Donald Trump en Kim Jong UnBeeld AP

Tot nog toe hebben Trump en zijn voorgangers steeds gestaan op volledige ontmanteling van het Noord-Koreaanse kernwapenarsenaal. Maar alle sancties, beloningen en beloftes van vriendschap hebben niet kunnen voorkomen dat het land inmiddels naar schatting dertig kernwapens heeft.

Ook Trumps pogingen zijn ‘vriend’ Kim Jong-un te verleiden tot een 'historisch akkoord’ hebben volgens Sico van der Meer, kernwapenexpert bij Instituut Clingendael, maar weinig concreets opgeleverd. ‘Positief is dat Noord-Korea is gestopt met zijn kernproeven en de meeste rakettesten. Maar het land gaat nog steeds door met de ontwikkeling van kernwapens en werkt nu zelfs aan onderzeeërs die kernraketten kunnen lanceren. Daarmee zouden ze echt onkwetsbaar worden.’

Daar komt volgens hem bij dat Trump Kim Jong-un op het schild heeft gehesen door hem als zijn gelijke te behandelen. ‘Feitelijk heeft hij Noord-Korea daarmee  als kernmacht erkend.’ Dat maakt het volgens hem lastiger de Noord-Koreaanse leider ervan te overtuigen zijn kernarsenaal op te geven, maar vermoedelijk was dat toch al een illusie. Waarom zou Kim Jong-un zomaar zijn levensverzekering opgeven?, vroeg ook Antony Blinken, Bidens kandidaat voor de post van minister van Buitenlandse Zaken, zich twee jaar geleden af.

In plaats van te staan op volledige denuclearisatie zou Biden volgens sommige experts zich beter bij de realiteit – Noord-Korea is een kernmacht – kunnen neerleggen en moeten proberen concrete afspraken met Noord-Korea te maken om de risico’s van een nucleair conflict te verkleinen. ‘Het gevaar is natuurlijk dat je daarmee een precedent schept’, zegt Van der Meer. ‘Je kunt andere landen, zoals Iran of Saoedi-Arabië het idee geven dat het kennelijk loont aan kernwapens te werken. Als je er maar lang mee doorgaat, ondanks alle sancties, kom je uiteindelijk toch in een positie dat je ermee kunt chanteren.’

‘Anderzijds zit er onder het huidige regime in Noord-Korea weinig anders op’, vreest Van der Meer. ‘Zolang Kim Jong-un in het zadel zit, zie ik het er niet van komen dat Noord-Korea zijn kernwapens uit handen zal geven. Of je moet gaan denken aan het omverwerpen van het regime, maar daar zitten ook weer allerlei haken en ogen aan.’

Voordeel van een aanpak die uitgaat van de feitelijke situatie is volgens Van der Meer dat de VS daarmee wat rust zouden creëren, zodat er geen ongelukken kunnen gebeuren. ‘Dan richt je je meer op het beheersen van de risico’s, zodat er geen kernconflict uitbreekt door misverstanden of het ontbreken van onderlinge communicatie.’

Net als bij de wapenbeheersingsakkoorden met de Sovjet-Unie en Rusland zou het dan moeten gaan over wederzijdse inspecties en het openen van hotlines, zodat beide partijen voortdurend met elkaar in contact staan en zich kunnen vergewissen van elkaars intenties. ‘Ik denk dat er op dat gebied veel te halen valt, aangezien er in Noord-Korea onredelijk veel angst leeft voor een mogelijke Amerikaanse kernaanval. Dat kan gevaarlijke misverstanden opleveren.’

Vuur en woede

De strategie van ‘vuur en woede’, waarmee Trump Noord-Korea aanvankelijk bedreigde, was volgens hem levensgevaarlijk. ‘Je moet er toch niet aan denken dat de boel per ongeluk zou escaleren en Noord-Korea zijn kernwapens zou inzetten. Er staat teveel op het spel, we zijn te laat: de werkelijkheid is nu dat Noord-Korea kernwapens heeft, dus moet je zorgen dat die kernraketten in hun silo’s blijven.’

Een Noord-Koreaanse kernraketBeeld AP

De VS zouden Noord-Korea ook economische hulp kunnen aanbieden in ruil voor het prijsgeven van alle details van zijn kernwapenprogramma en het staken van de verdere ontwikkeling van het kernarsenaal. 

Of Biden ook daadwerkelijk voor een dergelijke vorm van wapenbeheersing zal kiezen, is volgens Van der Meer nog onduidelijk. ‘Strategisch geduld’ was het motto van het beleid dat president Obama en vicepresident Biden voerden ten opzichte van Noord-Korea. Het kwam erop neer de druk van de internationale sancties zo hoog op te voeren dat het Noord-Koreaanse bewind uiteindelijk door de knieën zou gaan. Maar ook dat leverde niets op.

Van der Meer: ‘Ik heb geen idee van wat Bidens Noord-Korea-beleid nu werkelijk inhoudt. Onlangs had hij een opiniestuk in een Zuid-Koreaanse krant, maar dat ging nauwelijks over Noord-Korea. Wel maakte hij duidelijk dat hij veel waarde hecht aan de militaire samenwerking met Zuid-Korea, terwijl Trump het steeds had over de kosten van de Amerikaanse troepenmacht daar. Maar wat te doen met Noord-Korea, daar kwam hij eigenlijk niet aan toe.’

Het lijkt er in ieder geval op dat Biden Noord-Korea niet echt als een topprioriteit ziet, maat dat kan volgens Van der Meer van de ene op de andere dag veranderen. Hij sluit niet uit dat het bewind van Kim Jong-un Biden al snel op een provocatie zal trakteren – bijvoorbeeld een raketproef – om de aandacht op zich te vestigen. ‘Ze willen voor vol worden aangezien. En de beste manier om voor elkaar te krijgen dat je serieus wordt genomen is te laten zien dat je een bedreiging vormt. De grote frustratie van Noord-Korea is dat het eigenlijk een armetierig ontwikkelingslandje is. Maar het heeft wel een groot wapen waarmee het kan zwaaien.’

Meer over