Wás het geblunder in de zaak-Nienke maar een incident

Sinds het leidinggeven bij het Openbaar Ministerie is vervangen door het aansturen van bedrijfsprocessen, wordt er keer op keer geblunderd, meent Tom Schalken....

In de Tweede Kamer wordt vandaag met minister Donner van Justitiegedebatteerd over het dinsdag gepresenteerde evaluatierapport in de zaakvan de Schiedammer parkmoord. De minister schreef daarover aan de Kamer eenprachtige brief die verplicht aan studenten rechten en criminologie zoumoeten worden voorgeschreven.

Maar klinken zulke mooie aan de rechtsstaat gewijde woorden uit de mondvan deze minister eigenlijk wel oprecht? Verdient justitie nu ineens eenschouderklopje omdat zij zo moedig in haar eigen keuken heeft laten kijken?

Het kan geen kwaad in herinnering te roepen dat het de echte moordenaarin de Schiedammer strafzaak is geweest die zichzelf bij de politie heeftgemeld, waardoor aan het licht kwam dat in deze geruchtmakende zaakernstige fouten zijn gemaakt. Had de dader zich niet gemeld, dan had KeesB. ten onrechte 18 jaar gevangenisstraf plus tbs moeten uitzitten.

Tegen die achtergrond doet het wat curieus aan dat te midden van allekruitdampen rond de presentatie van het rapport werd benadrukt dat eendergelijk openhartig onderzoek alleen in een rechtsstaat mogelijk is. Erwaren echter in het verleden al zo veel signalen die op een justitiëledwaling wezen, dat moet worden gezegd dat niet de rechtsstaat maar toevalhet feilen van politie, openbaar ministerie (OM), rechtbank, gerechtshofen Hoge Raad aan het licht heeft gebracht.

Bovendien kan, ondanks alle schuldbekentenissen en excuses, ook nietworden volgehouden dat het om een incident gaat. Als het hele gerechtelijkeapparaat met al zijn checks and balances er volkomen naast zit, kán ereenvoudig niet van een incident sprake zijn. Toch wekt minister Donner inzijn brief ten minste die indruk. De omstandigheden in de moordzaak waren'heel bijzonder', zodat hij geen reden heeft aan te nemen 'dat soortgelijkedwalingen zich vaker hebben voorgedaan'. Hoe weet de minister dat, als deechte dader niet toevallig bekend is?

Trouwens, als het om een geïsoleerd verschijnsel gaat en niet om eenstructureel probleem, waarom wil de minister dan dat politie en OM zo veelstructurele maatregelen nemen? Het is beschamend te lezen wat onzeinstanties van opsporing en vervolging allemaal aan elementaire zakenmoeten bijleren. Was dit dan tijdens de basisopleiding niet al gedaan? Oftijdens al die vervolgcursussen waardoor de helft van de politieonbereikbaar is?

Nee, er is wel degelijk iets fundamenteels aan de hand. Op zichzelf isdie constatering niet opzienbarend, wel dat nu pas van overheidswege wordterkend dat er iets aan moet worden gedaan. Die conclusie ligt ook voor dehand als men zich realiseert uit welke opeenstapeling van dommigheden,slordigheden, blunders, foute taxaties en beslissingen de Schiedammermoordzaak is opgebouwd. Het gebeurde niet met opzet, nee, dat moest er nogbijkomen ook.

Het is evident dat een dergelijk patroon van ernstig onprofessioneelhandelen zich niet alleen in deze ene strafzaak heeft voorgedaan. Nog nietzo lang geleden bleek in de zaak van de Twee van Putten precies hetzelfde:onprofessionele politieverhoren die resulteerden in valse bekentenissen,het ontbreken van belastende sporen (wat er wel was, bleek technisch slechtonderzocht) en zeer ontlastend bewijs (DNA van de dader) dat in het nadeelvan de verdachten werd weggeredeneerd.

Het met een dergelijke 'tunnelvisie' klemzetten van een eenmaalopgepakte verdachte, zagen we onder meer ook terug in zaken van de Zaansepaskamermoord en de Leidse balpenmoord. En hoe staat het met deobjectiviteit van de opsporing in de Deventer moordzaak?

Dat het in de Schiedammer affaire om meer dan een incident gaat, kanworden verklaard uit de omstandigheden die tot de geconstateerdeonprofessionaliteit hebben geleid. Daaraan liggen grote structureleveranderingen ten grondslag.

In de eerste plaats is veel expertise op recherchegebied tijdens dereorganisatie van de jaren negentig weggevloeid naar andere onderdelen vande politie. Deskundigen die ruime ervaring hebben met het analyseren vanpolitiedossiers in grote strafzaken, klagen al jaren over het slechtevakwerk dat door de recherche wordt afgeleverd. In Nederland kun je maarbeter geen slachtoffer worden van een ernstig misdrijf.

Daarna kwam de grote reorganisatie bij het OM. De minister trok meerpolitieke verantwoordelijkheid naar zich toe en zette het OM in het gelid.Politieke scoringsdrift straalde uit naar vervolging en opsporing. Deverzakelijking die daarvan het gevolg was, hield het OM steeds meer buitende rechtszaal. Het eerlijk en onpartijdig afdoen van strafzaken was nietmeer de hobby van het OM.

Daarnaast werd het leidinggeven aan mensen in het OM vervangen door hetaansturen van bedrijfsprocessen. Nu zegt de minister dat de parketleiding,die doorgaans achter de vergadertafel is te vinden om prestatiecijfers teanalyseren, weer meer leiding moet gaan geven en meer tegenspraak in deeigen organisatie moet organiseren.

Wiens schuld is het eigenlijk dat dit niet meer gebeurde? Wie de antennevan een organisatie verkeerd afstelt, is verantwoordelijk voor de slechteontvangst. En wat is de verantwoordelijkheid van de rechter? Die heeftonvoldoende mogelijkheden om te doorgronden wat op basis van hetaangeleverde politiedossier in het opsporingsonderzoek al of niet fout isgegaan. De rechter leunt sterk op het OM maar als dat zijn werk niet goeddoet, vergroot dat de kans op fouten. Als het OM gaat schuiven, schuift derechter mee. Tot in alle instanties.

En de Hoge Raad? Die zit, ook vanwege de werkdruk, niet te wachten ophet overdoen van wat in twee instanties al is beslist. Bovendien staat deHR bij de beoordeling van verzoeken om herziening van een strafzaak, eenonmogelijk wettelijk criterium ter beschikking. In de Puttense moordzaakmoest de Hoge Raad zich in alle bochten wringen en een onjuiste maatstafaanleggen om de strafzaak te kunnen heropenen. Ons systeem beschikt dus aanhet eind van de rechtsgang niet over een toereikende noodremprocedure. Deminister is nog niet met een voorstel gekomen om de wet op dit punt tewijzigen.

Na het lezen van het onthutsende onderzoeksrapport vroeg ik mij ineensaf: Hoe wil minister Donner met een politie en een justitie die niet meerin staat blijken het klassieke handwerk fatsoenlijk te verrichten, hetterrorisme te lijf?

Meer over