Waarom Wellink de opvolger van Trichet kan zijn

AMSTERDAM - Hij moet weg bij De Nederlandsche Bank. Maar bij de Europese Centrale Bank in Frankfurt lijkt Nout Wellink welkom. Vijf redenen waarom ze hem daar zouden willen.


Nout Wellink heeft bewezen dat hij tegen een stootje kan. Hij wil van geen wijken weten en zal niet gauw zijn ongelijk bekennen. Hij is in Nederland door politici ongenadig bekritiseerd vanwege het falende toezicht bij Icesave en DSB en zijn nogal flegmatieke houding bij de overname van ABN Amro. Maar hij geeft geen krimp. Hij houdt voet bij stuk dat het allemaal niet zijn schuld was omdat hij eenvoudig met de rechtsmiddelen moet werken die De Nederlandsche Bank heeft. In al deze gevallen had De Nederlandsche Bank in zijn ogen niet meer kunnen doen dan dat ze heeft gedaan. Er is geen enkele reden voor zelfverwijten of twijfel aan de eigen capaciteit.


Wellink geniet het vertrouwen van de huidige president Jean-Claude Trichet - mr Euro 2 - en was ook een vertrouwenspersoon van Wim Duisenberg - mr Euro 1. Trichet zei vorige zomer nadat Den Haag over Wellink heen was gevallen vanwege DSB: 'De kritiek is uiterst oneerlijk en onterecht. In moeilijke omstandigheden krijg je altijd kritiek. Ik denk dat hij zijn werk heel goed gedaan heeft.' Wellink heeft ook onder bankiers veel respect. Als lid van de raad van beheer van de Bank for International Settlements (BIS), ook wel de Bank voor Internationale Betalingen (BIB) of 'bank der centrale banken' genoemd, heeft hij juist het meest bereikt. Wellink is voorzitter van het zogenoemde Bazels Comité dat richtlijnen uitgeeft hoeveel eigen vermogen moeten aanhouden ten opzichte van hun verplichtingen. In september vorig jaar werd het zogenoemde Bazel 3-akkoord afgesloten waarbij deze kapitaalseisen zijn verhoogd om te voorkomen dat financiële instellingen bij een nieuwe bankenrun onvoldoende liquiditeiten hebben. Ook internationale economen waarderen Wellink. De Amerikaanse econoom Melvyn Krauss noemde Wellink 'gezaghebbend, collegiaal en een uitstekende compromiskandidaat'.


Met zijn 67 jaar is Wellink zonder meer de meest ervaren kandidaat voor de functie van president van de Europese Centrale Bank. Daarnaast heeft hij altijd in een publieke functie gewerkt. Van 1970 tot 1982 werkte hij op het ministerie van Financiën en vanaf die tijd was hij directeur van De Nederlandsche Bank. Mogelijke andere kandidaten voor de functie van ECB-president hebben zich nog weleens vertild in het particuliere bankwezen. De huidige favoriet voor het presidentschap, de Italiaan Mario Draghi, werkte bij de bank Goldman Sachs toen die Griekenland hielp met het wegmoffelen van tekorten. Ook is Wellink politiek een onbeschreven blad. Hij is lid van het CDA maar heeft nooit uitgesproken politieke standpunten ingenomen zoals de Finse compromiskandidaat en sociaal-democraat Erkki Liikanen.


Nederland moet weer eens iets binnenhalen in internationale organisaties. Sinds het nieuwe gedoogkabinet van Mark Rutte is aangetreden wordt Nederland niet meer uitgenodigd voor de G20-vergaderingen, hoewel het qua grootte de zestiende economie van de wereld is.


Nederland ontbrak afgelopen weekeinde bij de top van de G20-ministers voor Financiën in Parijs. Ook dreigt Nederland zijn vaste zetel in het Internationaal Monetaire Fonds kwijt te raken. Nederland zal die moeten gaan delen met andere landen zoals België. Op de een of andere manier moet dat gecompenseerd worden.


De belangrijkste reden dat Wellink het zou kunnen worden is dat er geen Duitse kandidaat voor handen is die er nog zijn handen aan wil branden nu de gedoodverfde kandidaat, de 53-jarige president van de Duitse Bundesbank Axel Weber, de handdoek al voortijdig in de ring heeft gegooid.


De Duitsers zijn eigenlijk tegenstander van het feit dat de ECB de in problemen geraakte Zuid-Europese landen en Ierland helpt door hun obligaties op te kopen die ze niet aan de straatstenen kwijt kunnen. Wellink is de ideale reserve-Duitser omdat Nederland het meest voorbeeldig met het monetaire beleid in de pas van Duitsland loopt.


Meer over