Feiten bij de borrel

Waarom vallen de Olympische Spelen altijd duurder uit dan verwacht?

Ook in Tokio wordt de begroting weer ruim overschreden. Waarom vallen de Olympische Spelen telkens zoveel duurder uit dan aanvankelijk gedacht?

De openingsceremonie van de Olympische Spelen in Tokio.
 Beeld AP
De openingsceremonie van de Olympische Spelen in Tokio.Beeld AP

Eindelijk zijn de Olympische Spelen begonnen. Het olympisch vuur mag inmiddels ontstoken zijn, in Japan wordt ook nog wel gemopperd. Over de hoge kosten bijvoorbeeld. De Spelen waren begroot op zo’n 7,5 miljard dollar (6,4 miljard euro), uiteindelijk zal de rekening 15 tot 25 miljard dollar zijn. Slechts een klein deel daarvan, zo’n 3 miljard, is direct veroorzaakt door het uitstel. Hoe komt het dat de Spelen altijd duurder zijn dan verwacht? En worden die investeringen uiteindelijk terugverdiend?

De Olympische Spelen kosten gemiddeld zo’n 12 miljard dollar om te organiseren. Dat gaat dan alleen om de directe sportgerelateerde uitgaven, voor het verbeteren van bijvoorbeeld de infrastructuur is het gastland vaak nog het veelvuldige daarvan kwijt. De inschatting van tevoren is tot nu toe altijd te laag geweest. De overschrijding varieert van 2 procent in Beijing, tot 720 procent in Montreal in 1976.

null Beeld

Grote projecten zijn vaak duurder dan verwacht, maar de budgetoverschrijdingen van de Olympische spelen zijn een categorie apart. Economisch geograaf Bent Flyvbjerg van de Universiteit van Oxford maakt er al jaren een sport van om te achterhalen hoeveel de Spelen écht kosten. Hij berekende dat de meerkosten voor de Spelen gemiddeld hoger zijn dan bij andere grote projecten, zoals het bouwen van bruggen of dammen, IT-projecten en spoorwegen.

Dat is ook eigenlijk onvermijdelijk, stellen Flyvbjerg en zijn collega’s. De beslissing om de Spelen te organiseren valt eigenlijk niet terug te draaien, er zijn strakke deadlines, wat geleverd moet worden ligt vast en daar kan niet op beknibbeld worden. Een horde minder of een wat kleiner zwembad is geen optie. De begroting moet ruim van tevoren worden gemaakt, en niemand kan jaren van tevoren precies voorspellen wat de loonkosten en prijzen van materialen zijn.

Het zogeheten ‘eeuwige beginner-syndroom’ speelt ook een rol. Omdat de Spelen elke keer ergens anders plaatsvinden, wordt de organisatie grotendeels gedaan door mensen die dit nooit eerder deden. Het IOC helpt bij het plannen en budgetteren, maar hier schuilt een addertje onder het gras. Kostenoverschrijdingen komen op de rekening van de gaststad, niet die van het IOC. Voor het IOC is het dus veel minder belangrijk om op de centen te letten.

Worden de investeringen terugverdiend? Niet altijd. Succesverhaal Barcelona zag na de Spelen van 1992 het aantal toeristen flink toenemen. Ook kwamen er permanent 20 duizend banen bij. Londen zag juist 6 procent minder toeristen in 2012, en in Beijing nam het aantal internationale bezoekers zelfs met 30 procent af. In steden die al een toeristische trekpleister zijn, kunnen de Spelen leiden tot verdringing van andere reizigers.

De winst zit niet alleen in toerisme. De export neemt bijvoorbeeld met gemiddeld 20 procent toe, berekenden de Amerikaanse economen Andrew Rose en Mark Spiegel. Dat maakt natuurlijk veel goed. Maar verrassend genoeg zagen ook steden die het net niet werden de export met 20 procent stijgen. Vermoedelijk doordat een stad alleen al door zich kandidaat te stellen veel in het nieuws komt en daardoor voor handelspartners interessanter is. De verliezers van de toewijzingsprocedure zouden dus wel eens de echte financiële winnaars kunnen zijn. Dat doet Amsterdam dus goed, met vijf onsuccesvolle pogingen de Spelen binnen te halen.

Meer over