Waarom die haat als iedereen naar ons kijkt?

Na de korting van 200 miljoen euro is een nieuwe bezuiniging van 100 miljoen voor de publieke omroep niet meer te dragen zonder kwaliteitsverlies.

SVEN KOCKELMANN EN FONS DE POEL

Er is iets geks aan de hand. Wie een lans breekt voor de publieke omroep, wordt al snel met pek en veren naar buiten gedragen. 'Geldverslindende grootverdieners. Een antiek omroepsysteem. En dat allemaal op kosten van de belastingbetaler. Als iedereen moet bloeden, dan jullie zeker ook!' Wij krijgen het geregeld op verrassend giftige toon naar ons hoofd geslingerd.

Merkwaardig, die toon. Want het overgrote deel van de Nederlanders kijkt elke week naar diezelfde publieke omroep en waardeert die hoger dan de commerciëlen, blijkt uit onderzoek. En wat die kosten betreft: het mes is er al fors in gezet. Waren wij al een van de goedkoopste van Europa, inmiddels zit Albanië ons op de hielen.

Nee, dit wordt geen zielig verhaal van gekrenkte presentatoren. Sterker nog: soms kunnen bezuinigingen louterend zijn. De snoeischaar van Mark Rutte en Geert Wilders in het vorige kabinet (een korting van 200 miljoen) deed weliswaar pijn, maar bracht ook iets moois op gang.

Natuurlijk: de Wereldomroep werd omgebracht, het muziekcentrum gehalveerd en de kleine geprofileerde omroepen(van RKK tot IKON) werden onbarmhartig ten grave gedragen. Maar - toch een blijk van samenwerking en daadkracht - vanaf januari zijn er van de 21 omroepen nog maar acht over. Ambitieuze bedrijven met amper nog vet op de botten. Zonder morren afgeslankt en gefuseerd. Dat er ook voor 80 miljoen in programma's wordt gesneden, vergeten velen voor het gemak maar even.

En nu komt daar - als het aan het huidige kabinet ligt - nog eens 100 miljoen aan bezuinigingen bovenop. Het zal de programma's nog veel harder treffen en luidt onvermijdelijk het einde in van de publieke omroep zoals we die nu kennen. Een verschraald programma-aanbod, dat leidt tot minder kijkers en minder reclame-inkomsten en dus tot weer minder kijkers en minder reclame-inkomsten. De totale marginalisering van wat je met alle mitsen en maren toch cultuurgoed mag noemen. Al krijg je met dat woord vandaag de dag allang geen staande ovatie meer.

Nee, wij doen niet zielig. Maar vergeef ons dat wij - in deze tijd van fact free politics - een aantal feiten melden die tot onze ergernis in het publieke en politieke debat onbenoemd blijven.

Enig idee wat die geldverslindende publieke omroep ons kost? Het gaat om 6.96 euro per maand per gezin. Voor radio, televisie en internet. Al die programma's kosten dus bijna net zo veel als één film die je huurt van de kabelaanbieder.

Voor Studio Sport - vaak genoemd als de moneydrain van de schatkist - betaalt een gezin 60 eurocent per maand. Veel minder dan sportverslaggeving achter de hekken van betaalzenders, waarvoor je een paar tientjes per maand neertelt.

Uit onderzoek van de European Broadcasting Union blijkt dat wij in Nederland uiterst goedkoop en efficiënt zijn. Gemeten aan het percentage van het bruto binnenlands product dat aan de publieke omroep wordt uitgegeven, staan we op plaats 28, ingeklemd tussen Bulgarije, Griekenland en Moldavië. Dat was althans de situatie voor de bezuinigingen van Rutte I en II.

Waarom houden we in deze tijd drie televisiezenders overeind? Het antwoord is simpel. Uit berekeningen van de publieke omroep blijkt dat het sluiten van het derde net minder oplevert dan wat er nu aan reclame-inkomsten via dat net binnenkomt.

Dan het hardnekkige imago van de omroep als speeltuin van grootverdieners. Bij de landelijke publieke omroep werken 3.898 mensen, velen op een tijdelijk contract. De overgrote meerderheid van hen komt niet in de buurt van die zoveel besproken balkenendenorm. Het aantal topverdienende presentatoren is de afgelopen vier jaar gedaald van 17 naar zeven. Die zeven die (dikwijls als gevolg van langlopende en eerder afgesloten contracten) meer verdienen dan de minister-president, krijgen die extra beloning uit de verenigingskassen, niet uit belastingmiddelen.

Het valt dus allemaal heel erg mee met die peperdure publieke omroep. En wat krijg je er voor terug? Een breed programmapakket voor een groot publiek, zoals de staatssecretaris wil. Een publieke omroep voor iedereen. 85 procent van alle Nederlanders kijkt er naar; 6 miljoen mensen beluisteren de publieke radiozenders. Een publieke omroep die ook staat voor betrouwbare informatie, de befaamde spiegel van de samenleving. Hoe zijn in dat opzicht de cijfers?

Uit de Publiciteitsmonitor 2012 blijkt dat de publieke omroep een majeure rol speelt in het aanzwengelen van het maatschappelijk debat. Uitzendingen van de publieke netten leveren vier keer zo vaak Kamervragen, Kamerdebatten en publicaties in geschreven media op als die van de commerciële zenders.

En we zouden het bijna vergeten: de omroepen hebben bij elkaar 3.5 miljoen leden. Daarover wordt nog wel eens geschamperd, maar het is wel tien keer zo veel als alle politieke partijen samen.

Vandaag wordt er gedemonstreerd tegen de extra bezuinigingen. Zo'n 230 duizend mensen tekenden alleen al de online-petitie. Een protest tegen een neerwaartse spiraal, die - als de plannen doorgaan - wel eens onomkeerbaar zou kunnen zijn. Als kijkers en luisteraars het binnenkort merken in de huiskamer, is het te laat.

Sven Kockelmann en Fons de Poel

zijn presentatoren van de KRO.

Meer over