Waarom de Europese Unie niet uit elkaar zal vallen

Europa kraakt in zijn voegen. Een scheuring dreigt. Waar zijn de eurofielen gebleven die voor één sterk Europa willen strijden? Op bezoek bij een Nederlandse, Britse en Poolse euro-optimist.

1. Omdat Duitsland en Frankrijk niet zonder elkaar kunnen

Dit is het hart van Europa, het Schumanplein in Brussel. Goed geklede Europese ambtenaren pendelen tussen de gebouwen van de Europese Commissie en de Europese Raad. Aan het stervormige Berlaymontgebouw, de zetel van de Europese Commissie, hangt een enorm doek: 'Naar een sterker Europees economisch bestuur'. De Commissie twijfelt niet. 'Meer Europa' is het antwoord op de eurocrisis.

Maar de lidstaten aarzelen en de publieke opinie sputtert. Afgelopen week presenteerden Duitsland en Frankrijk hun zoveelste reddingsplan voor de eurocrisis. Wederom was het geen 'big bazooka' die alle problemen wegblies. De redding van de euro is een marathon, zei de Duitse bondskanselier Merkel. Veel mensen betwijfelen echter of de eurolanden de finish zullen halen. Ten onrechte, zegt filosoof Luuk van Middelaar, speechschrijver van Herman van Rompuy, president van de Europese Raad en auteur van het bekroonde boek De passage naar Europa.

'De discussie over de euro wordt voor 90 procent door economen gevoerd. Ze praten over de neuro, de zeuro of de pleuro. Die discussie bekijk ik tamelijk geamuseerd, want economen vergeten dat de euro om politieke redenen is opgericht. Economen begrijpen niet wat er gaande is, omdat ze geen zicht hebben op de politieke krachten die meespelen', zegt Van Middelaar, in een koffiezaak bij het Schumanplein. 'Na de val van de Muur in 1989 sloten Frankrijk en Duitsland een deal. West-Duitsland mocht zich herenigen met Oost-Duitsland, maar moest de D-mark opgeven. Met de euro kreeg Frankrijk weer invloed op het monetaire beleid in Europa, dat in de jaren daarvoor werd bepaald door de Bundesbank.'

Van Middelaar: 'De politieke redenen om de euro in stand te houden, zijn nog dezelfde als bij de komst van de euro. Zowel voor de Duitse bondskanselier als voor de Franse president is een wereld waarin de euro niet meer bestaat ondenkbaar. Dat zal de komende maanden blijken. Sinds de Griekse crisis twee jaar geleden losbarstte, zijn er heel wat beslissingen genomen die daarvoor ondenkbaar waren, bijvoorbeeld dat Duitsland de Grieken zou helpen met honderden miljarden euro's.'

Toch krijgen politici voortdurend het verwijt dat ze treuzelen en te weinig doen. 'Ja, dat is makkelijk praten als je geen gevoel hebt voor de tijd van de politiek', zegt Van Middelaar. 'Op de financiële markten kun je met een muisklik beslissen. In de politiek heb je te maken met de tijd van de parlementaire democratie, van de publieke opinie die doordrongen moet raken van de urgentie van een probleem.'

Maar zijn de politieke redenen nog de zelfde als in 1989? Duitsland is sterker en zelfbewuster geworden, het oorlogsverleden is vervaagd. Heeft het nog zin om voor zwakke eurolanden te betalen als de BMW's ook in China kunnen worden verkocht? Van Middelaar: 'Bondskanselier Kohl zei in 1989: we hebben vrienden nodig. Dat geldt nog steeds. Het oorlogsverleden speelt een minder grote rol dan vroeger, maar het speelt nog altijd. Daarnaast heeft Duitsland grote economische belangen in Europa. De handel met de opkomende markten is nog altijd veel kleiner dan de handel met de buurlanden.'

Frankrijk heeft zijn eigen redenen om aan de euro vast te houden. 'Frankrijk is al heel lang bezig met Duitsland in de pas te blijven. Het land wist zijn economische zwakte lange tijd te compenseren met politieke kracht; zat in de Veiligheidsraad en had een kernwapen, Duitsland niet. Dat gaf een soort evenwicht. Frankrijk nam vaak het initiatief, Duitsland had geld. Maar Frankrijk heeft het steeds moeilijker om Duitsland bij te houden, ook in termen van economische groei. Daarom is Frankrijk bezig zich te verankeren aan de sterke landen, vooral Duitsland. Wat je hier wel eens hoort: de Fransen hebben Europa nodig om hun zwakte te verbergen, de Duitsers om hun kracht te verbergen.'

Maar zal de eurozone niet bezwijken aan politieke spanningen? Noord-Europa stelt zich streng op, onder druk van het populisme en de publieke opinie. In Zuid-Europa dreigt verzet tegen de strenge bezuinigingen, die door sommigen als een Duits dictaat worden ervaren.

De spanning tussen nationale en gemeenschappelijke belangen is karakteristiek voor het Europese project, zegt Van Middelaar. 'Het gaat steeds om de spanning tussen de historische en politieke veelheid van ons continent en de behoefte meer de dingen samen te doen. De druk van de buitenwereld en nu ook de interne druk van de euro duwen ons naar meer samenwerking. Dat is een moeilijke opgave. Maar ik denk dat de krachten die de Europese Unie samenhouden sterker zijn dan de krachten die de Unie uit elkaar trekken.'

2. Omdat de Europese Unie, mits goed georganiseerd, in ons eigen belang is

Op het dakterras van het Paleis van Wetenschap en Cultuur in Warschau kun je goed zien hoe Polen is veranderd. Het Paleis zelf is een stalinistische suikertaart, in 1955 door de Sovjet-Unie geschonken aan 'het Poolse volk'. Voor toeristen een fascinerende architectonische ontsporing, voor veel Polen een symbool van een gehaat verleden. Minister van Buitenlandse Zaken Sikorski stelde ooit voor het gebouw op te blazen, maar dat was te duur. Nu wordt het 'ingepakt': rond het paleis worden wolkenkrabbers in internationale spiegelstijl opgetrokken.

In Polen is Europa populairder dan ooit. 'Europa heeft ons goed gedaan, Europa betekent dat je aan de goede kant van de geschiedenis staat', zegt Pawel Swieboda, directeur van de denktank Demos Europe. 'Maar Polen blijft met beide benen op de grond staan. We houden vast aan onze nationale belangen. Volgens mij is Polen een goed voorbeeld voor Europa: je kunt het Europees ideaal combineren met je eigen belangen.'

Volgens Swieboda is de Europese zaak ernstige schade berokkend door euroromantici die dromen van een Verenigde Staten van Europa. Die illusie geeft burgers het gevoel dat Europa een superstaat in wording is, een bedreiging voor de nationale identiteit. 'De toekomst ligt in een tussenweg. Natiestaten staan een deel van hun soevereiniteit af, als zij menen dat hun nationaal belang daarmee gediend is.'

De strengere begrotingsregels die Frankrijk en Duitsland deze week aankondigden, zijn daarvan een voorbeeld . 'Dat is een vorm van federalisme. Europa monitort de economieën van de eurostaten, checkt zaken als begrotingstekort en staatsschuld. In zo'n systeem moet wel democratische ruimte zitten. Elk land mag zelf weten wanneer zijn burgers met pensioen gaan, als het maar aan de fiscale criteria voldoet', zegt Swieboda. 'Je kunt best soevereiniteit inleveren om Europa afspraken te laten afdwingen waarover iedereen het eens is. Wat schiet je ermee op om soeverein een enorm begrotingstekort op te lopen?'

'Een fiscale unie is geen opmaat naar een Verenigde Staten van Europa. Europa zal nooit een staat worden', aldus Swieboda. 'De natiestaat blijft de belangrijkste weg naar Europese samenwerking. Voorlopig kan niets de natiestaat vervangen', zegt hij.

Volgens de meest overtuigde pro-Europeanen moet de parlementaire democratie op Europees niveau gerepliceerd worden. Maar een door de burgers gekozen Europees president, gecontroleerd door een Europees Parlement met volledige bevoegdheden zal niet werken, zegt Swieboda. 'Stel dat het Europees Parlement besluit euro-obligaties uit te geven, waardoor rijke landen meer rente over hun leningen betalen. Een land als Nederland wil dat niet, maar wordt in het Europees Parlement overstemd door andere landen. Dat wordt in Nederland niet geaccepteerd. Democratie is alleen mogelijk in een politieke ruimte waarmee burgers zich identificeren. Ze accepteren dan het gezag van politici, ook als zij het oneens zijn met hun beleid. De identificatie met Europa ontbreekt vooralsnog, waardoor ingrijpende maatregelen nog door natiestaten moeten worden goedgekeurd.'

Polen ziet zichzelf als voorbeeld voor Zuid-Europa. In 1989 was het land failliet, uitgewoond door een oorlog en meer dan veertig jaar communisme. De jaren negentig waren moeilijk, maar nu rijden de Audi's en Mercedessen door het centrum van Warschau. In amper twintig jaar wisten de Polen de structuur van hun samenleving volledig te veranderen. 'Ik ben van een generatie die het oude regime nog heeft meegemaakt', zegt Swieboda. 'We hebben veel energie en ondernemingslust, omdat we beseffen dat het heel anders had kunnen lopen. De jongeren van nu weten niet beter. Zij geloven soms dat de welvaart uit de lucht komt vallen.'

3. Omdat landen alleen nooit tegen de VS en China op kunnen

Groot-Brittannië was altijd het thuisland van de eurosceptici. Maar de Britten staan niet meer alleen: bijna alle landen van de Unie zijn in meer of mindere mate eurosceptisch, zegt Mark Leonard, directeur van de European Council on Foreign Relations. In 2005 schreef hij een optimistisch boek, Why Europe will run the 21st Century.

'Ik geloof nog steeds in het argument van mijn boek: het Europese project is de meest opwindende vooruitgang in het uitoefenen van macht sinds de natiestaat werd gecreëerd. Wat buitengewoon is aan de Europese Unie: we creëerden iets waardoor we kunnen profiteren van de schaalgrootte van de Europese markt, terwijl de politieke beslissingen die het dichtst bij de burger staan, bijvoorbeeld over onderwijs en zorg, op nationaal en lokaal niveau worden genomen.'

Leonard is nog altijd een overtuigde pro-Europeaan. Niet alleen vanwege de economische voordelen, zijn keuze gaat dieper. 'Er is een simpele reden waarom Europa van fundamenteel belang is voor alle Europeanen. We gaan naar een wereld waarin grote beslissingen worden genomen door machten ter grootte van een continent. Of we worden toeschouwers in een wereld die geleid wordt door Amerika en China, of we streven naar een G3, waarin Europa iets te vertellen heeft.

Het gaat niet alleen om een plaats aan tafel: Europeanen hebben ook een andere visie op de wereld dan Amerikanen of Chinezen. Wij geloven in een multilaterale wereld, gebaseerd op regels, waar zaken via instituties verlopen en niet via macht, we hebben andere ideeën over duurzaamheid, klimaat, een ander idee over veiligheid', zegt Leonard.

Het is de Europese paradox: als je invloed wilt uitoefenen, moet je soevereiniteit inleveren. Zonder Europa zijn de nationale parlementen slechts praathuizen die het wereldnieuws van vrijblijvend commentaar voorzien, terwijl ze zich koesteren in de illusie van soevereiniteit. 'Zullen Europeanen de 21ste eeuw mede vorm geven of zal er een multipolaire wereld ontstaan zonder Europese pool? Dat is de grootste kwestie van mijn generatie', zegt hij.

Europa is slecht verkocht aan de burger. Omdat de overdracht van soevereiniteit zo gevoelig ligt, werd Europa lange tijd gepresenteerd als een technocratisch project, waarmee de gewone burger niet zo veel te maken had. Dat lukte aardig, zolang Europa zich bezighield met abstracte zaken als marktregulatie of veiligheidsvoorschriften. Maar de euro is een politiek project, dat door politici moet worden verdedigd.

'Sinds het Verdrag van Maastricht in 1992, toen werd besloten tot de euro, is de steun voor de Europese Unie afgenomen', zegt Leonard. 'Technocratie en populisme hebben elkaar versterkt. Hoe meer de populisten Europa bekritiseerden, hoe sterker de technocraten in hun schulp kropen, waarop de populisten Europa weer gemakkelijker als een eliteproject konden neerzetten. Die spiraal moet worden doorbroken.'

Leonard ziet een enorm verschil tussen de populisten en de Europese leiders. De populisten overtuigen, omdat ze overtuigd zijn van hun zaak, terwijl de Europese politici halfhartig een Europa verdedigen dat duidelijk niet werkt. Zo hielden ze tegen beter weten in vol dat Griekenland zijn schulden tot de laatste cent zou terugbetalen. Europa heeft behoefte aan pro-Europese politici die het bestaande Europa durven te bekritiseren en een nieuwe visie op Europa ontwikkelen.

Toont de eurocrisis niet de fundamentele zwakte van het Europees model? 'Het is een slecht moment om me dat te vragen. Over twee, drie jaar weten we meer. Misschien komt de Europese Unie sterker uit deze crisis. Het is ook mogelijk dat de euro zal klappen en de Unie zal desintegreren. Dan sta ik voor schut met mijn voorspelling dat Europa de 21ste eeuw zal leiden. Ik denk dat het een tragedie van historische proporties zal zijn. Ik hoop en denk niet dat het zal gebeuren, maar het is mogelijk.'

Is het werkelijk zo dramatisch om terug te gaan naar Europa als douane-unie zonder euro? Dan zou je toch een gezamenlijk buitenlands beleid kunnen voeren. Leonard: 'De instorting van de euro, het grootste project op het gebied van de Europese integratie, zou een enorme klap zijn voor het hele idee van Europa. Als je een pool wilt zijn in een multipolaire wereld, heb je bronnen van macht nodig. Een mondiale munt is een grote bron van macht.'

undefined

Meer over