Waar het met Rusland fout is gegaan

President Poetin maakt volgende week plaats voor zijn opvolger. Laura Starink en Lilia Shevtsova vragen zich beiden af waarom Rusland zich niet heeft ontwikkeld tot democratische rechtsstaat....

Op de laatste persconferentie die Poetin gaf als Russische president, liet hij zich weer eens kennen als een brute macho. ‘Laat ze liever hun vrouwen vertellen hoe ze soep moeten maken’, zei hij en hij zette zijn borst nog wat verder uit. Het was zijn commentaar op buitenlandse aanmerkingen op de Russische presidentsverkiezingen.

Volgende week geeft Poetin het stokje over aan zijn opvolger, door hemzelf gekozen, in de traditie die acht jaar eerder door Boris Jeltsin werd bedacht. Maar wat een verschil in scenografie! Terwijl Jeltsin, oud en verzwakt, het Kremlin voorgoed verliet, blaakt judoka Poetin van zelfvertrouwen en vechtlust.

Het staat vast dat hij aan de macht wil blijven – als premier of als sterke man achter de schermen –, niettemin is het een geschikt moment om de balans van zijn presidentschap op te maken.

De twee boeken die hier besproken worden doen meer dan dat; ze nemen ook de regeerperiode van Jeltsin in beschouwing met als uitgangspunt de omslag die teweeg gebracht werd door Gorbatsjovs hervormingen, inmiddels twintig jaar geleden. Waarom heeft Rusland zich niet ontwikkeld tot een democratische rechtsstaat?, is de vraag die beide boeken stellen. Waar is het fout gegaan? Bij Gorbatsjov al, bij Jeltsin of pas bij Poetin?

In De Russische kater laat voormalig NRC Handelsblad-correspondente Laura Starink elf Russische intellectuelen hierover aan het woord. Ze vertellen over hun levensgeschiedenis, hun ervaringen en hun visie. Dankzij Starinks gedegen kennis van en langdurige band met Rusland, heeft ze voor haar boek de medewerking van interessante mensen verkregen en hun openhartige uitspraken ontlokt. Allen behoren tot de Moskouse elite en vormen dus op geen enkele manier een doorsnede van de bevolking, maar ze vertegenwoordigen wel een wijd professioneel spectrum en hebben vanuit hun positie goed zicht op de politieke en maatschappelijke ontwikkelingen. Zo komen een parlementslid en een oud-premier aan het woord, een succesvol zakenman, een lerares geschiedenis, een advocate, een wetenschapper, een satiricus, een maatschappelijk activist en een architect. De een legt de oorzaak van de gefnuikte democratisering bij het onverwerkte stalinisme, de ander bij de chaos die Jeltsin achterliet, weer anderen zien Poetin als de boosdoener. Vaak zijn de meningen van deze Moskovieten zinnig en goed beargumenteerd. Maar wat het boek vooral de moeite waard maakt, zijn de ervaringen van de geportretteerden. Onder de oppervlakte van orde en groeiende welvaart waaraan Poetin zijn populariteit te danken heeft, komt een Rusland tevoorschijn van onderdrukking, willekeur en mateloze corruptie.

‘Alles wat ik de afgelopen twintig jaar heb gedaan, is mislukt’, zegt parlementslid Vladimir Ryzjkov met onthutsende eerlijkheid. Toen zijn liberale partij vorig jaar weigerde om met het Kremlin een deal te sluiten over de voorwaarden om aan de verkiezingen deel te nemen, werd de partij beschuldigd van het vervalsen van handtekeningen en door de rechter ontbonden. En klaar ben je.

Arseni Roginski, voorzitter van de anti-stalinistische vereniging Memorial, vertelt dat hij meer dan de helft van zijn werktijd moet besteden aan het van het lijf houden van de belastingdienst. In no time heeft de helft van de actiegroepen en verenigingen in Rusland zijn wettige bestaansbasis verloren. ‘Opnieuw bouwen we een land op waarin de staat alles is en de mens niets, waar maatschappelijke initiatieven alleen worden toegestaan voor zover ze de machthebbers welgevallig zijn’, concludeert hij.

Advocate Anna Stavitskaja ziet bij de rechterlijke macht dezelfde mentaliteit als vroeger. Op de zitting dommelt de rechter weg, want hij weet toch al welke straf hij gaat uitdelen. Een verdachte is niet voor niets verdacht en moet nu eenmaal worden veroordeeld. ‘De jongeren zijn net zo’, zegt ze.

Uit het relaas van zakenman Joeri – hij wil niet met zijn achternaam bekend worden – blijkt dat banken vals spel spelen. Ze weigeren net zolang leningen te verstrekken aan bedrijven tot deze in moeilijkheden komen en door dezelfde banken voor een appel en een ei kunnen worden opgekocht. En dan zijn de investeringen ineens wel rendabel. Joeri is een patriot – hij was tot 1991 beroepsmilitair –, maar hij moet erkennen dat het in Rusland haast ondoenlijk is een privé-onderneming op te bouwen. Bij het afscheid doet hij schaamtevol een bekentenis: hij heeft een huis gekocht in het buitenland. ‘Voor alle zekerheid.’

Bij alle teleurstelling maken de Moskovieten in het boek niet een ongelukkige indruk. Ze spuien vrijuit hun kritiek en zijn er materieel aanzienlijk beter aan toe dan vroeger. Dat doet publiciste Saraskina geërgerd uitroepen: ‘Ik heb mijn man voor zijn verjaardag een veertiendaagse reis naar Rome gegeven. En kijk hoe Poetin er links en rechts van langs krijgt!’

Volgens de Russische politicologe Lilia Shevtsova verdient Poetin de harde kritiek. Maar zij ziet hem beslist niet als eerst verantwoordelijke voor het mislukken van een sociaal en democratisch Rusland. In haar boek Russia, Lost in Transition, een vervolg op haar politieke biografieën van Jeltsin en Poetin, analyseert zij scherp en kundig de ontwikkelingen vanaf de val van het communisme.

Jeltsin moest vier revoluties tegelijk uitvoeren: de vrije markt en democratie introduceren; het imperium liquideren en een nieuwe geopolitieke rol voor Rusland vinden. Het zijn veranderingen die elders in Europa honderden jaren hebben gekost. Geen wonder dus, dat het misliep. Toch denkt Shevtsova dat er cruciale, vermijdbare fouten zijn gemaakt.

Het team van Jeltsins eerste premier Jegor Gaidar legde de basis, stelt zij, voor een autoritair regime van superrijken door te beginnen met privatisering in plaats van met de vorming van onafhankelijke, democratische instituties. In het boek van Starink verdedigt Gaidar zijn shocktherapie. Hij móest de prijzen wel vrijgeven, omdat er niets meer in de winkels lag en hongersnood dreigde. De motivering van zijn volgende stap, de hals-over-kop privatisering van het staatseigendom, komt hier niet zo goed uit de verf. Een paar jaar geleden gaf Gaidar als reden dat hij en zijn medestanders ‘de ruggegraat van de totalitaire staat’ wilden breken en bang waren dat als ze dat niet snel deden, het moment voorbij zou zijn. Hij staat vierkant achter zijn beslissingen van toen: andere opties waren er niet.

Dit bestrijdt Shevtsova. In de herfst van 1991 had Jeltsin een liberaal-democratische grondwet moeten laten opstellen en verkiezingen uitschrijven. De bevolking hunkerde naar vrijheid en was, meent Shevtsova, rijp voor de invoering van een parlementaire democratie. Jeltsin en zijn entourage waren echter niet genegen om democratische spelregels te volgen. Verliezen was niet denkbaar; compromissen sluiten evenmin. Met als gevolg dat Jeltsin het op Sovjet-leest geschoeide parlement met geweld uiteenjoeg en een grondwet maakte waarin de president niet minder bevoegdheden kreeg dan Ruslands laatste tsaar.

Het bewind-Poetin is in Shevtsova’s visie de logische voortzetting van dat van Jeltsin: ongecontroleerde presidentiële macht, quasi-democratische rituelen, en een toplaag die zich verrijkt door aan de knoppen van het bestuur te draaien. De mannen van het Kremlin-kabinet van Poetin staan aan het hoofd van de gerenationaliseerde energiebedrijven en zuigen miljarden weg voor zichzelf. En zo’n systeem bestaat op alle niveau’s. Iedere ambtelijke en politieke positie is te koop en zorgt voor extra inkomen van de functionaris en zijn familie.

Voornamelijk dankzij de hoge olieprijzen heerst er sociale rust. De Russen ontvangen salaris en pensioen op tijd, hun inkomen (gemiddeld 235 Euro per maand, tegen 53 dollar in 2000) stijgt. Voor de politiek is geen belangstelling meer. Maar deze stabiliteit kan bedrieglijk zijn, waarschuwt Shevtsova. De uitgaven voor veiligheid (geheime diensten, politie en leger) groeien alsmaar door, terwijl de sociale uitgaven (onderwijs, gezondheidzorg, uitkeringen) stagneren. Conflicten zijn in het autoritaire klimaat onzichtbaar en worden daardoor onvoorspelbaar. Het handvol deelnemers aan Garri Kasparovs ‘Marsen van de oppositie’ werd hardhandig in elkaar gemept, volgens Shevtsova een omineus teken van nervositeit. Als het wankele evenwicht in Rusland verstoord raakt, zal niet een liberaal bewind de fakkel overnemen, denkt Shevtsova, maar een - toch al sluimerend - rechts-populistisch regime. Met dank aan Jeltsin en met dank aan Gaidar.

Hella Rottenberg

Meer over