Waar het deflatiespook al rondwaart

Wat de ECB probeert te voorkomen, lijkt in Spanje al lang realiteit. Veel prijzen dalen er, waardoor aankopen worden uitge-steld en de vraag krimpt.

STEVEN ADOLF

BARBATE - Voordat Rosa Bonigno (66) aan het winkelen slaat, vergelijkt ze de supermarktprijzen op internet. 'Het is crisis en de prijzen dalen', stelt ze nuchter vast. Vandaag is de Aldi aan de rand van haar woonplaats Barbate, in het diepe zuiden van Spanje, haar favoriet. Het is rond het lunchuur en dus rustig. Op haar boodschappenlijstje staan kip, kaas, tomaten, nootjes, olijven en brokken voor de honden. En melk. 'Aldi was het goedkoopst met de melk, 79 cent per liter', zegt ze. Wat er verder in prijs gedaald is de laatste tijd? Aardappels en de aardbeien natuurlijk. En de yoghurtjes, die hier in kleine plastic verpakking wordt verkocht.

Spanje registreerde eind vorige maand een jaarinflatie van 0,2 procent. Dat was de helft minder dan verwacht. Voedingsmiddelen en non-alcoholische dranken daalden zelfs in prijs. Een jaar eerder waren die nog duurder geworden, al werd dat voornamelijk veroorzaakt door de btw-verhogingen die op last van Brussel waren doorgevoerd. Prijsdalingen zetten ook buiten de levensmiddelen de toon. Witgoed, elektronica en de auto-industrie. En in het onroerend goed natuurlijk, waar de prijzen na 2008 soms wel zijn gehalveerd.

'Goedkoop is goed en goedkoper beter', stelt Rosa tevreden vast. Zeker nu de ouderdomspensioenen niet of nauwelijks stijgen en de inkomens dalen. De supermarkten vechten elkaar met aanbiedingen de tent uit. De Lidl stunt met bakjes champignons voor 55 cent. Bij de Supersol krijgt de klant twee stokbroden van 250 gram bij besteding van meer dan 15 euro aan boodschappen. De wilde perzik doet er 1,49 per kilo, varkensfilet 3,69 de kilo. De Eroski heeft een uitgebreide 'drie halen twee betalen actie' in de strijd gegooid: twee grote gerookte hammen gaan weg voor 70 euro, de helft van de normale prijs. Gepelde vriesgarnalen voor 1,33 per kwart kilo.

De slag om de consument in de detailhandel is al gaande sinds 2008. Toen begonnen de omzetten te dalen in de sector, zucht directeur Ignacio García Margarzo van de distributie- en detailhandelsorganisatie Asedas. 'Meer dan veertig negatieve maandindices, dat is nog nooit vertoond', zegt hij.

Duurzame consumptiegoederen als televisies en witgoed kelderden 30 procent in prijs. De levensmiddelen hielden zich nog het beste staande, maar de marges zijn inmiddels minimaal. Vorig jaar ging zelfs voor het eerst het verkoopvolume naar beneden. 'Dat komt omdat er een half miljoen minder inwoners in Spanje zijn. Veel immigranten zonder werk vertrekken.'

De indices schommelen rond het nulpunt, maar zijn overwegend negatief. Maar nu er wat voorzichtige tekenen zijn dat de economie in Spanje weer kan groeien, verwacht Margarzo geen langdurige deflatie. 'Een heel lage inflatie lijkt ons eerder voor de hand te liggen.'

undefined

Prijzenslag

Het Internationaal Monetair Fonds (IFM) waarschuwde vorige maand dat geen land in de eurozone zo dicht op de rand van deflatie staat als Spanje. En dat is slecht nieuws voor een economie die volgens het IMF dit jaar een uiterst bescheiden groei van 0,3 procent gaat beleven.

'Je mag dat niet hardop zeggen want niemand wil het weten, maar we hebben al maanden deflatie', meent econoom en journalist Alberto Artero van het digitale dagblad El Confidencial. In een column schreef hij al begin dit jaar dat de deflatie een feit is. 'Wie kijkt naar het boodschappenmandje van de consument kan dat met eigen ogen zien'. Van textiel tot auto's: alle prijzen dalen. Het zijn de symptomen van een economie die bezig is zichzelf via interne deflatie hardhandig te saneren, denkt Artero. De prijzenslag is in gang gezet omdat er geen vraag is. De salarissen zijn gedaald, de belastingen gestegen. En ook de investeringen liggen stil, omdat de kredietverlening door de banken op een laag pitje blijft. Een gevaarlijke spiraal tekent zich af: consumenten stellen duurdere aankopen uit in de verwachting dat de prijzen verder zullen dalen. De binnenlandse vraag krimpt.

Een 'laagspannings-deflatiescenario', zo omschrijft econoom José Carlos Díez de situatie waarin de economie van zijn land zich bevindt. De dalende prijzen zijn een van de symptomen van economische krimp. Lagere omzetten, minder werk, emigrerende mensen en een aanhoudend hoge werkloosheid. 'Het grootste probleem is: hoe ontsnappen we hier uit', vraagt Díez zich af.

Een flinke economische groei, meer uitgaven en stevig hogere exporten: het zijn een aantal van de remedies tegen deflatie. De deflatie is voor een belangrijk deel een probleem van de euro en dus zal er in de eurozone moeten worden gezocht naar een oplossing. Met de strakke Duitse regie van de begrotingstekorten en overheidsschulden is de zuidelijke hoop vooral gericht op de Europese Centrale Bank. Misschien moet die op creatieve wijze meer geld in de Europese economie pompen, zoals IMF-topman Olivier Blanchard suggereerde.

Maar dat de Spaanse economie daarmee voorlopig nog niet snel uit het slop is, staat ook voor de aanhangers van het optimistischer lage-inflatiescenario vast. 'Je ziet dat de vraag naar duurzame consumptiegoederen aantrekt, er zijn betere vooruitzichten', zegt detailhandelsman García Margarzo. 'Maar die krimpende bevolking heb je niet snel terug. En de 25 procent werklozen zullen ook pas langzaam weer gaan consumeren.' Voorlopig lijkt het erop dat de consument nog terecht kan voor koopjes in Spanje.

undefined

Meer over