Postuum

VVD’er Hans van Baalen (1960-2021): vrijdenker met het Binnenhof als habitat

Vrijdag overleed Hans van Baalen, twintig jaar prominent volksvertegenwoordiger voor de VVD in Den Haag en Brussel. Na zijn politieke bijna-doodervaring in 1998 bouwde hij alsnog een gedegen reputatie op. ‘Een politiek dier met een vlijmscherpe intuïtie.’

Hans van Baalen voor de haringkar aan het Binnenhof in Den Haag.
 Beeld Martijn Beekman
Hans van Baalen voor de haringkar aan het Binnenhof in Den Haag.Beeld Martijn Beekman

Zou Hans van Baalen nog gedijen in de huidige VVD, het machtsbastion waarin iedereen wordt geacht de partijleiding te volgen? Nog niet eens zo heel lang geleden, tot 2009, maakte hij furore op het Binnenhof in een liberale fractie waarin openlijk en met verve werd gedebatteerd over alles wat ter tafel kwam, van de vrijheid van onderwijs tot het rekeningrijden en de Europese integratie. Een fractie waarin ook Geert Wilders en later Ayaan Hirsi Ali nog rondliepen.

Wie zijn mening wilde horen, was altijd welkom op zijn werkkamer met uitzicht op het Binnenhof, waar hij dan uitgebreid college gaf. Om met Hirsi Ali te spreken, die in hem een zielsverwant herkende: ‘Hans van Baalen is een van die dappere vrijdenkers die ik niet vond bij de PvdA en hoopte aan te treffen bij de VVD. Hij opereert zonder angst, zonder zich steeds af te vragen wat de mensen van hem zullen denken. Een politicus naar mijn hart.’

Dat zei ze in 2004, ten tijde van de politieke rehabilitatie van Hans van Baalen. Hij kwam toen van ver. Zijn veelbelovende entree in de landelijke politiek als kandidaat-Kamerlid en campagneleider van de VVD onder Frits Bolkestein, ging in 1998 hard onderuit na beschuldigingen in de pers van extreem-rechtse sympathieën. Als preses van de Leidse studentenweerbaarheid Pro Patria was hij naar verluidt ooit op straat in elkaar geslagen na het zingen van het Horst Wessellied, populair in nazikringen. Ook dook een steunbetuiging op die hij als 16-jarige geschreven zou hebben aan de rechts-extremist Joop Glimmerveen. Zijn openlijk beleden fascinatie voor de krijgsmacht en zijn studentikoze voorliefde voor het marcheren in uniform sloten in de beeldvorming naadloos op de verhalen aan.

‘Verwoestende gevolgen’

Van Baalen werd het middelpunt van een enorme mediastorm, trad terug en gaf zijn Kamerzetel op: in twee weken tijd transformeerde hij van supertalent tot nationale schietschijf en de paria van politiek Den Haag. ‘De gevolgen hiervan zijn verwoestend’, omschreef hij zelf zijn lot op de dag van zijn aftreden. Op straat werd hij nagestaard, zelfs bekenden schoten snel een steegje in als ze hem zagen naderen. ‘Ik ben maatschappelijk verbannen.’

Jarenlang bleef hij daarna nog ‘het omstreden Kamerlid’, ook nadat drie leden van de Raad van State na maandenlang onderzoek vaststelden dat van de beschuldigingen weinig overbleef. Een schriftdeskundige meldde dat de handtekening onder de brief aan Glimmerveen ‘met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid’ niet die van Van Baalen was. Volledig eerherstel van zijn partij volgde, een erepenning voor bewezen diensten en, in 1999, ook zijn felbegeerde Kamerzetel, die vrijkwam door het vertrek van Bolkestein naar Brussel.

‘Ik ben de comebackkid van de VVD’, zei hij er later over. Een man met groot incasserings- en relativeringsvermogen. ‘In de politiek moet je accepteren dat ze af en toe over je heen rijden.’ Hij werd opnieuw campagneleider en een prominent partijlid, een belangrijk aanspreekpunt voor de toenmalige partijkopstukken Gerrit Zalm en Jozias van Aartsen. ‘Hans is het levende bewijs dat je met gezond verstand en keihard werken zelfs de ergste poging tot karaktermoord kunt overleven’, aldus zijn toenmalig collega-Kamerlid Arno Visser, tegenwoordig president van de Algemene Rekenkamer.

Publicitair risico

Van Baalen maakte er geen geheim van dat zijn ambities verder reikten. ‘Daar doet Hans alles voor, al moet hij er bij wijze van spreken een roze hoedje voor gaan dragen’, aldus zijn oud-partijgenoot Wilders. In een reeks formaties werd inderdaad zijn naam genoemd als potentieel minister van Defensie, maar onder de nieuwe leider Mark Rutte kwam het er nooit van. Binnenskamers werd gefluisterd dat de premier – zeer gesteld op maximale controle – in de breedsprakige en eigenzinnige Van Baalen een politiek en publicitair risico zag.

Niet helemaal van harte had hij zijn heil inmiddels gezocht in Brussel (‘Het Binnenhof is mijn habitat’) en waarschijnlijk belemmerde ook die houding zijn kansen. Zijn opmerking in de Volkskrant dat het Europees Parlement ‘meer corvee dan passie’ was, kwam hem op een tirade van toenmalig partijvoorzitter Ivo Opstelten te staan.

Als Europarlementariër was en werkte hij atypisch. Hij stortte zich niet in commissies, vocht niet om de invloedrijke rapporteurschappen en was vaak afwezig bij vergaderingen. Hij zag zijn taak vooral als het onderhouden van de banden met het kabinet in Den Haag, zorgdragen dat de VVD-fractie in het Europees Parlement niet vervreemd raakte van het Binnenhof.

Scheve ogen

Journalisten wisten Van Baalen wel te vinden, omdat hij altijd beschikbaar was voor een goede quote, ook al sprak hij over zaken die niet in zijn portefeuille zaten. Deze media-aandacht leverde vaak scheve ogen op bij collega-parlementariërs in Brussel.

Brussel was belangrijk voor zijn werk als voorzitter van de Liberale Internationale, waar hij veel tijd in stak. Hij voelde zich prettiger op bezoek bij zusterpartijen in het buitenland of op het Maidanplein (Kiev) in 2014, waar hij de demonstranten een hart onder de riem stak (‘wij laten jullie niet in de steek’), dan in de Brusselse vergaderzaaltjes.

Vrijdag overleed Van Baalen in een ziekenhuis in Rotterdam. Hij was al enige tijd ziek. Hij is 60 jaar oud geworden. ‘Ach die lieve Hans van Baalen, zoveel warmer dan veel mensen wisten’, reageerde zijn partijgenoot Ton Elias op Van Baalens dood. ‘Een politiek dier met een vlijmscherpe intuïtie. Veel te vroeg van z’n geliefden weggerukt. We gedenken deze echte liberaal met ere.’

Meer over