VS worstelen met rol supermacht

De Verenigde Staten zijn de enig overgebleven supermacht, maar die positie is minder comfortabel dan het lijkt. Alle andere machten ergeren zich aan de Amerikaanse arrogantie....

Van onze correspondent Bert Lanting

Kan iemand zich nog de Nieuwe Wereldorde herinneren? Het was het idyllische bestel dat in de euforie na het einde van de Koude Oorlog aan de horizon opdoemde. De Verenigde Staten waren als enige supermacht overgebleven, maar omdat de vijand was weggevallen, hoefden de Amerikanen niet meer de bullebak uit te hangen op de aardbol. In plaats daarvan zou Amerika met de Verenigde Naties samenwerken om de wereldbevolking vrijheid en welvaart te schenken.

Nog geen tien jaar later lijkt de Nieuwe Wereldorde allang vergeten en klinken zelfs in Europa weer klachten over de Amerikaanse arrogantie, terwijl in de VS het aloude debat oplaait over de vraag in hoeverre de wereld de Amerikaanse goedheid verdient.

Achteraf gezien was het bijna onvermijdelijk dat de Nieuwe Wereld-droom zou vervliegen. Het was een uniek moment waarop de Amerikaanse idealen en belangen even samenvielen met die van de andere machten, voornamelijk omdat Rusland in een identiteitscrisis verkeerde. Maar nu de geschiedenis ondanks de voorspellingen van Francis Fukuyama over de definitieve zege van het liberalisme, toch blijkt door te gaan, is er weer frictie tussen de grootmachten.

Volgens Samuel Huntington worden de spanningen deels veroorzaakt doordat de Verenigde Staten zich gedragen alsof ze sinds het einde van de Koude Wereldoorlog in een unipolaire wereld leven, terwijl dat in feite niet het geval is.

De VS vormen de enige mogendheid die haar macht in bijna alle uithoeken van de wereld kan laten gelden, maar als het om militaire actie of sancties gaat, hebben de VS toch de steun nodig van regionale machten. In zekere zin is de invloed van de VS op hun bondgenoten zelfs afgenomen sinds het einde van de Koude Oorlog. Nu de vijand is weggevallen is het minder vanzelfsprekend geworden het gezag van de Amerikanen te aanvaarden.

Langzamerhand worden steeds meer taken van de VN overgeheveld naar de NAVO onder dekking van VN-mandaten die nog uit de gloriedagen van de Nieuwe Wereldorde dateren. Maar het vrijmoedige gebruik door de VS van de VN-mandaten begint steeds meer kritiek uit te lokken, zoals bleek bij de Amerikaans-Britse luchtaanvallen van eind vorig jaar op Irak.

De Europese houding is ambivalent. Er is irritatie over het Amerikaanse optreden en de vanzelfsprekendheid waarmee de VS hun rol van indispensable country(het onmisbare land; de term komt van Madeleine Albright) uitoefenen. Maar tegelijkertijd zijn de Europese landen soms ook blij als de VS hun gewicht in de schaal leggen als Rusland weer eens dwarsligt. In het geval van de oorlog in Bosnië en nu weer Kosovo aanvaarden de Europese landen maar al te graag dat Verenigde Staten 'onmisbaar' zijn.

Terwijl in de wereld geklaagd wordt over het eigengereide en zelfzuchtige Amerikaanse optreden, krijgt de regering-Clinton er thuis van langs dat zij zich gedreven door haar morele idealen veel te diep in allerlei conflicten in verre landen waagt.

Een van de critici is de voormalige minister van Buitenlandse Zaken en super-Realpolitiker Henry Kissinger. Volgens hem doen de VS er onverstandig aan zich in het conflict in Kosovo te mengen. Kissinger is niet alleen bang dat ingrijpen de toestand alleen maar zal verergeren, maar vraagt zich ook af wat het belang van Amerika in de regio is. De VS moeten alleen in actie komen als hun vitale belangen op het spel staan, anders komt er geen einde aan, betoogt hij.

De conservatieve commentator Charles Krauthammer gaat nog veel verder. Hij klaagt dat de regering-Clinton het buitenlands beleid op zijn kop gezet heeft. Als de vitale belangen van de VS in het geding zijn, voelt de regering zich haast bezwaard om in te grijpen, terwijl de VS meteen uitrukken als er ergens ter wereld een lokaal brandje woedt. 'Oorlogjes in een theekop bedwingen is geen taak voor Amerika, dat is iets voor Canada', schrijft hij in het blad The New Republic.

'Voor middelgrote landen zonder echte vijanden kan humanitair werk een strategische missie zijn, maar niet voor een supermacht. Buitenlands beleid is geen sociaal werk!'

Maar als het om de vitale belangen van de VS gaat, moet Amerika volgens hem zonder aarzelen ingrijpen en zich niets gelegen laten liggen aan de zogenaamde Nieuwe Wereldorde.

Volgens Krauthammer heeft president Bush de Veiligheidsraad destijds alleen om steun voor de operatie Desert Storm verzocht om het verzet van het toen nog door de Democraten beheerste Congres tegen ingrijpen te breken. 'Maar het probleem van de liberalen van vandaag is dat zij in die onzin geloven', schampert hij.

De nieuwe wereldorde komt er volgens hem op neer dat niet de VN, maar alleen de VS in staat zijn de wereld van de anarchie te redden. 'Waarom zouden de VS dan de verklaringen en besluiten serieus nemen van die zo belangrijke internationale gouverneur, de Veiligheidsraad?'

Maar het is de vraag of 'de wereld volgens Krauthammer' wel bestaat. In de praktijk oefenen de VS hun macht voor een belangrijk deel uit via economische sancties en daarbij zullen ze, zeker nu Europa economisch een steeds sterker geheel vormt, ook naar anderen moeten luisteren.

Meer over