Nieuws

VS roepen op tot vrijlating ontvoerde familieleden van Tsjetsjeense activisten

De Verenigde Staten eisen de vrijlating van familieleden van activisten die door het bewind van de Tsjetsjeense sterke man Ramzan Kadyrov zijn opgepakt. Sommigen van hen werden in andere delen van Rusland door Kadyrovs mannen ontvoerd en naar Tsjetsjenië overgebracht, zonder dat de Russische autoriteiten ingrepen.

Bert Lanting
Ramzan Kadyrov, waarnemend president van Tsjetsjenië. Beeld AP
Ramzan Kadyrov, waarnemend president van Tsjetsjenië.Beeld AP

Het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken riep donderdag in een verklaring Kadyrov op om de mensenrechten en persvrijheid te respecteren, en een einde te maken aan de aanvallen van de Tsjetsjeense autoriteiten op andersdenkenden, lhbti-personen en leden van religieuze en etnische minderheidsgroepen. Ook sprak woordvoerder Ned Price zorgen uit over de aanhoudende berichten over ontvoeringen en willekeurige detenties door de Tsjetjeense autoriteiten. “Wij roepen op tot de onmiddellijke vrijlating van allen die ten onrechte zijn vastgehouden”, aldus Price.

In de verklaring werd Zarema Jangoelbajev expliciet genoemd. Zij werd vorige week uit haar woning in de stad Nizjni Novgorod (achttienhonderd kilometer van de autonome deelrepubliek) gesleept door gemaskerde mannen die zich aandienden als Tsjetsjeense politieagenten, zo meldden onafhankelijke Russische media. Aanvankelijk wilden de mannen ook haar echtgenoot, voormalig federaal rechter Saidi Jangoelbajev, meenemen, maar kennelijk durfden ze dat toch niet aan. Hij vluchtte later met hun dochter naar het buitenland.

Kadyrov, die al vijftien jaar aan de macht is in Tsjetsjenië, verzekerde dat Zarema Jangoelbajeva in de gevangenis terecht zal komen. Volgens hem zou ze na haar aankomst in Tsjetsjenië een politieagent hebben aangevallen. Hij dreigde ook af te rekenen met haar zoon, Abubakar Jangoelbajev, die als advocaat werkte bij de zogenoemde Commissie tegen Marteling, een actiegroep die opkomt voor slachtoffers van martelpraktijken onder het bewind van Kadyrov. Hij is ondergedoken in Pjatigorsk, een stad in het zuiden van Rusland.

Eerder pakte Kadyrovs veiligheidspolitie al een aantal andere familieleden van de activist op, kennelijk om hem onder druk te zetten terug te keren naar Grozny, de hoofdstad van Tsjetsjenië. Volgens Kayrov verdient de hele familie het om ‘onder de grond’ te belanden. Het ontvoeren van familieleden van activisten komt volgens mensenrechtengroepen vaker voor in Tsjetsjenië.

De Russische autoriteiten trekken zich niets aan van de activiteiten van Kadyrovs mannen ver buiten hun autonome deelrepubliek. Dmitri Peskov, de woordvoerder van het Kremlin, zei vorige week dat de autoriteiten niet op de hoogte waren van de ‘situatie van de vrouw van de federale rechter’ en geen geloof hechten aan de berichten over haar ontvoering.

De Russische autoriteiten hebben ook nooit een onderzoek ingesteld naar klachten over het oppakken van lhbti-personen onder het bewind van Kadyrov. Sommigen van hen wisten te vluchten of werden vrijgekocht door hun familie, waarna zij vertelden over martelingen waaraan zij werden onderworpen.

Kadyrov uitte deze week ook dreigementen aan het adres van Jelena Milasjina, een journaliste van de Russische oppositiekrant Novaja Gazeta die regelmatig over de misstanden onder Kadyrov schrijft. Volgens Kadyrov zou zij een ‘terroriste’ zijn. Een andere journaliste van de krant die ook kritisch over Tsjetsjenië schreef, Anna Politkovskaja, werd in 2006 vermoord.

Het Tsjetsjeense bewind wordt er ook van verdacht achter een aantal andere moorden te zitten, waaronder die op de oppositieleider Boris Nemtsov en mensenrechtenactiviste Natalja Estemirova, die in Tsjetsjenië werd ontvoerd en later dood terug werd gevonden.