Vrouwensport? Het blijft modderworstelen

De sportzomer 2017 begint vandaag: met de Tour, met voetbal, met atletiek. Hoe meer sport in de media, hoe meer de onderbedeelde sectoren zich roeren.

Jean-Pierre Geelen
Lieke Martens in actie tegen IJsland. Beeld anp
Lieke Martens in actie tegen IJsland.Beeld anp

Het lijkt wel of-ie elk jaar eerder begint, de sportzomer. Ook een klimaateffect, het hogedrukgebied in de mediawereld heeft grote gevolgen voor de gevoelstemperatuur. Ze zijn zo knap tegenwoordig: sport of niet, de sportzomer - het kunstmatige begrip is allang een vanzelfsprekendheid in het collectief bewustzijn - zal ons verhitten. Juli 2016 en de NOS voorspelde het al: 'Ook in 2017 weer een sportzomer.'

Inderdaad. Vandaag gaan we weer los; met het startschot van de Tour schalt het getetter en getoeter wekenlang door de media. Alleen al de NOS stuurde vijftig man naar Frankrijk, voor honderd uur tv, honderd uur radio en permanent online. Het EK-vrouwenvoetbal volgt, afgelopen week dook met de voetbalwedstrijd Portugal - Chili de 'Confederations Cup' op - wie kent hem niet? Er wordt gezwommen, er komt atletiek en het EK hockey.

Sterkte, iedereen.

Iedereen? Volgens onderzoek - door het Sociaal Cultureel Planbureau - volgt 62 procent van de bevolking 'minstens wekelijks' sport via diverse media. Dat lijkt veel, maar er blijft dus 38 procent over die er minder hard voor loopt. Het zal de omroepbazen er ook deze zomer niet van weerhouden openlijk te juichen bij hun eigen kijk- en luistercijfers. Wie er niets mee heeft, is spelbreker.

Je kunt daar zuur over doen en dat heb ik ook vaak gedaan. Hoeft niet meer. Zoals de tv-rubriek deze week al vaststelde: iedereen is zijn eigen zenderbaas geworden, en dat is rap gegaan. Nieuwe tijden, want het oude adagium 'dan kijk je toch niet?' kan de ijskast in: dan kijk je dus lekker wel. Naar een nieuwe serie op Netflix. Die prachtdocumentaires die je hebt gemist. Wie overgevoelig is voor het getoeter en getetter op de radio, houdt zeeën van tijd over om bijvoorbeeld het oprukkende fenomeen van de podcast eens nader te onderzoeken. Dag Hilversum, de groeten uit mijn gegarandeerd sportvrije mediapark. Het is hier fantastisch.

Voorspelling: ook in 2018 is er weer een sportzomer. Want: 'Voor de media lijkt sport een voortdurend meer tijd en ruimte innemend koekoeksjong', schreef socioloog Ruud Stokvis al in 2007 in zijn studie 'Sport, publiek en de media'. In het nieuwe medialandschap is de vraag hoe het koekoeksjong zich zal ontwikkelen.

Het RIVM ziet de finish naderen voor de 'klassieke' media: 'Het volgen van sport via de media zal toenemen tot 2030', stelt het instituut (in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid en Milieu) op de site volksgezondheidenzorg.info.

Tot die tijd zal sport zich steeds meer verplaatsen naar internet. Volgens het RIVM bezoekt eenderde van de bevolking wel eens sportwebsites, 'vooral jongeren wisselen via sociale media sportervaringen uit'. Commercialisering, technologie en sociaal-culturele veranderingen zullen die beweging alleen maar bespoedigen, zegt het RIVM.

Dat is goed nieuws. Voor iedereen, behalve misschien voor de polonaiselopers van het Mediapark. Want dat is opmerkelijk, hoe meer sport in de media, hoe harder de roep om meer diversiteit. Voor de Olympische Spelen veegden de zenderbazen vorig jaar de hele tv-programmering van tafel, daarna klaagden 45.997 ondertekenaars van een petitie over de geringe aandacht voor de (voor 'Nederland' veel succesvollere) Paralympics.

Vrouwensport? Het blijft modderworstelen. Waar mannensporten dagelijks vanzelfsprekend zijn, wordt vrouwensport vooral verslagen wanneer er goed wordt gepresteerd. Een wijdverbreid fenomeen: in 2014 besteedden Franse sportmedia slechts 15 procent van de kolommen aan vrouwensport.

De nadruk wordt bij vrouwensport vaker gelegd op het uiterlijk van de spelers, zo berichtte NRC Handelsblad vorig jaar. Want sport op tv is voornamelijk een zaak van heteromannen, zei onderzoeker Agnes Elling van het Mulier Instituut voor sociaal-wetenschappelijk sportonderzoek. 'Mannen lijken pas geïnteresseerd te raken in vrouwensport als er wat moois te zien valt op het veld. Om vrouwensport voor de heteroman aantrekkelijk te maken, wordt 'het stereotype van lesbische manwijven - zoals lange tijd gold voor bijvoorbeeld vrouwenvoetbal - nadrukkelijk door de sporters uit de weg gegaan en vervangen door een heterosexy imago', aldus de wetenschapper. De tenues korter en strakker, het haar lang en los. 'Door aantrekkelijke, vrouwelijke speelsters als Anouk Hoogendijk en Lieke Martens - allebei lang haar, respectievelijk blond en bruin - lijkt het vrouwenvoetbal nu eindelijk van het 'onvrouwelijke' imago af te komen'.

Tegen de dominantie van voetbal, fietsen en schaatsen keren zich steeds meer vertegenwoordigers van onderbedeelde sectoren. Daar had je de handballers al, vorig jaar in de Volkskrant. 'De gebrekkige belangstelling van de NOS, keurig afgestraft door het alerte Ziggo, remt de sport in zijn ontwikkeling', schreef Volkskrant-verslaggever John Volkers. Zijn de rokjes in het handbal niet kort genoeg?

In De Gooi- en Eemlander klaagden fanatieke jeu-de-boulesspelers over de geringe media-aandacht ('Petanque is opwindender dan darts') en daar wierpen de sjoelers een balletje op in RadioEenVandaag: 'Sjoelen geeft focus. Sjoelen bindt mensen. Sjoelen een tof spel en een gave sport!'

Straks heeft ieder zijn eigen internetkanaal. En is de tv eindelijk vrij voor een marathon vol kunst, cultuur, drama, talkshows en ander moois. Wat een droomzomer.

Meer over