Reportage

Vrijplaats Vilnius: de laatste strohalm voor dissidenten uit Belarus

Belarussische dissidenten demonstreren in Vilnius tegen het bewind van president Aleksandr Loekasjenko. Beeld Marlena Waldthausen
Belarussische dissidenten demonstreren in Vilnius tegen het bewind van president Aleksandr Loekasjenko.Beeld Marlena Waldthausen

Voor Belarussische dissidenten is Litouwen een godsgeschenk. In de hoofdstad Vilnius kunnen ze, op nog geen 30 kilometer van hun vaderland, de strijd voortzetten tegen hun omstreden president Loekasjenko. En het kleine Litouwen steunt ze uit alle macht. ‘Wij begrijpen beter wat er in Belarus gebeurt dan veel andere Europeanen.’

Het is nauwelijks voor te stellen dat er een politicus bestaat die bang is voor Marharyta Shysha; dat er een president is die in de 21-jarige student kostuumontwerp een dusdanige bedreiging ziet voor het voortbestaan van zijn regime, dat hij het nodig acht haar niet alleen het land uit te jagen, maar zijn geheime dienst ook nog eens iedere maand naar haar ouderlijk huis te sturen om haar te intimideren.

Toch is dat precies wat er aan de hand is.

Omdat Shysha een paar maanden geleden een protestlied zong tegen de Belarussische president Aleksandr Loekasjenko, werd ze eerst van haar universiteit gegooid vanwege ‘systematisch falen in het voldoen aan de verplichtingen van een student ’ en voelde ze zich niet lang daarna gedwongen te vluchten naar buurland Litouwen.

Tussen die twee momenten in gebeurde er nog wel meer, zegt Shysha. Ze heeft verhalen te over van mannen met bivakmutsen op die in haar faculteit in de rondte sloegen, over de bruutheid van de Belarussische veiligheidsdienst, die nog KGB heet zoals in de Sovjet-Unie, of over donkere zaaltjes waar ze samen met leeftijdsgenoten moest plaatsnemen. Maar iedere keer als Shysha daarover praat, beginnen haar handen en lippen zo ongecontroleerd te trillen, dat ze niet meer uit haar woorden komt en even een paar seconden nodig heeft om weer van haar herinneringen in Belarus, terug naar het heden in Vilnius te komen.

‘Kijk’, zegt ze op dat soort momenten, terwijl ze een dik gevulde envelop vol tekeningen uit haar tas haalt – tekeningen van konijntjes, bloemen en dinosaurussen. ‘Ik weet dat het niet veel is', zegt ze, ‘maar op deze manier doe ik toch nog wat voor mijn land. Het zijn ansichtkaarten die ik naar politieke gevangenen in Belarus stuur. Ik heb er de afgelopen maanden wel honderd op de bus gedaan, denk ik.’

De ansichtkaarten die Marharyta Shysha naar politieke gevangenen in Belarus stuurt. Beeld Marlena Waldthausen
De ansichtkaarten die Marharyta Shysha naar politieke gevangenen in Belarus stuurt.Beeld Marlena Waldthausen

Ballingsoord

Marharyta Sysha is een van de vele honderden Belarussen die sinds de door Loekasjenko vervalste verkiezingen van augustus zijn gevlucht naar de Litouwse hoofdstad Vilnius, een stad op 30 kilometer van de Belarussische grens die inmiddels is uitgegroeid tot het belangrijkste ballingsoord voor Belarussische dissidenten. Vanuit een kantoorpand midden in Vilnius runt oppositieleider Svetlana Tichanovskaja haar campagne tegen Loekasjenko. Raman Pratasevitsj, de journalist die in het vorige maand door Belarus gekaapte Ryanair-toestel zat, woont in Vilnius, net als zijn eveneens opgepakte vriendin Sofia Sapega, die in Vilnius studeert.

‘Vilnius is eigenlijk al tien jaar lang het centrum van de Belarussische oppositie’, zegt burgemeester Remigijus Simasius. Vrijwel alle Belarussische ngo’s staan volgens hem ingeschreven in Vilnius. Belarussische sporters die niet langer welkom zijn in eigen land, mogen wel trainen in Vilnius. Winstgevende techbedrijven die uit Minsk moesten vertrekken, vonden onderdak in de Litouwse hoofdstad. De burgemeester opende recentelijk een aantal kleuterscholen waar de begeleidsters Belarussisch spreken, hij zorgde ervoor dat een beroemde rockgroep die in Belarus in de ban zit, in Vilnius zijn nieuwe album mocht presenteren. Zelfs de botten van een beroemde Belarussische volksheld zijn inmiddels verplaatst naar een begraafplaats in Litouwen.

‘Voor ons zijn dat soort acties iets natuurlijks’, zegt burgemeester Simasius. ‘De Litouwse staat werd in de 13de eeuw gesticht en van die 800 jaar geschiedenis, hebben we ongeveer 750 jaar samen doorgebracht met Belarus, meestal omdat we allebei werden bezet door een nog grotere macht, zoals de Sovjet-Unie. Juist omdat we elkaar zo goed kennen op historisch en emotioneel vlak, begrijpen we nu misschien net wat beter wat er in Belarus gebeurt dan veel andere Europeanen. Ik wil niet zeggen dat ons buurland een terroristische staat is, maar wel een staat die gegijzeld is door een terroristische groep. Dat veroorzaakt woede, ook bij ons.’

Burgemeester Remigijus Simasius hing een gigantische historische vlag van Belarus uit zijn kantoor. Beeld Marlena Waldthausen
Burgemeester Remigijus Simasius hing een gigantische historische vlag van Belarus uit zijn kantoor.Beeld Marlena Waldthausen

Historische vlag van Belarus

Die woede kwam bijvoorbeeld tot uiting toen Simasius vorige week, vlak nadat het Ryanair-toestel richting Vilnius werd gekaapt, besloot een gigantische historische vlag van Belarus uit zijn kantoor te hangen; een kantoor dat zich toevalligerwijs helemaal boven in een van de hoogste gebouwen van het land bevindt, waardoor de wit-rood-witte vlag waar de Belarussische oppositie zich zo mee identificeert al dagenlang vanuit praktisch iedere hoek in Vilnius te bewonderen is.

In veel EU-landen zou zo’n gebaar worden gezien als onnodige provocatie die de eigen handelsbelangen bedreigt, maar niet in Litouwen, waar eigenlijk alle politieke partijen zich al jaren unaniem en onomwonden uitspreken tegen Loekasjenko, net als tegen zijn belangrijkste partner, de Russische president Vladimir Poetin. Zo besloot burgemeester Simasius in 2018 het plein voor de Russische ambassade in Vilnius te vernoemen naar de vermoorde oppositiepoliticus Boris Nemtsjov – een actie waardoor hij niet langer welkom is in Rusland.

Voor de ambassade van Belarus in Vilnius worden de slachtoffers herdacht van het regime van de Belarussische president Aleksandr Loekasjenko. Beeld Marlena Waldthausen
Voor de ambassade van Belarus in Vilnius worden de slachtoffers herdacht van het regime van de Belarussische president Aleksandr Loekasjenko.Beeld Marlena Waldthausen

Omgekeerde alchemist

Dat er in het eigen land weinig oppositie is tegen dat soort acties, komt waarschijnlijk door de Litouwse geschiedenis, legt premier Ingrida Simonyte uit. Litouwen was in 1990 het eerste land dat zich afscheidde van de Sovjet-Unie en heeft de blik sindsdien volledig op het Westen gericht – de windrichting van de toekomst. Omdat die keuze zowel sociaal als economisch zo goed heeft uitgepakt, vinden veel inwoners het pijnlijk om te zien dat het cultureel zo herkenbare buurland Belarus, waar Loekasjenko in 1994 de macht overnam, juist weer naar het ondemocratische Oosten is afgedreven. Juist vanwege de gedeelde geschiedenis herkennen veel Litouwers de potentie van hun buurland en vinden ze Loekasjenko een omgekeerde alchemist: iemand die puur goud in rotzooi weet te veranderen.

‘Wij zijn zelf het succesverhaal van hoe een land dat gevangen zat in de Sovjet-nachtmerrie kon uitgroeien tot een lid van de Europese Unie en de Navo’, zegt premier Simonyte. ‘Vanwege alle hervorming die daarmee gepaard gingen, en de implementatie van de westerse principes, zijn onze levens voorgoed veranderd. Precies daarom zijn wij er nu groot voorstander van dat die vorm van democratie zich nog verder naar het oosten uitbreidt. Het alternatief is namelijk dat het gebied zonder democratie zich naar het westen uitbreidt.’

Uiteraard is zo’n harde opstelling niet zonder risico, erkent de premier. Een grens delen met een grillig en irrationeel politicus als Loekasjenko is al beangstigend zonder je openlijk uit te spreken tegen zijn regime, zeker als dat regime ruggesteun krijgt van het grote Rusland en al helemaal wanneer je eigen bevolking bestaat uit minder dan drie miljoen personen. Niet voor niets voerde Litouwen in 2014 de dienstplicht weer gedeeltelijk in nadat Rusland de Krim had geannexeerd en niet voor niets slaakte het land een zucht van verlichting toen in 2017 de eerste Navo-militairen uit diverse landen, waaronder Nederland, zich in Litouwen stationeerden.

Glazen kantoor

‘We kunnen wel stellen dat de Litouwse regering niet bang is zich uit te spreken tegen Belarus’, zegt Valery Kavaleuksi, de buitenlandadviseur van de Belarussische oppositieleider Tichanovskaja die in december zijn baan bij de Wereldbank inruilde om vanuit Vilnius de oppositie tegen Loekasjenko te ondersteunen. ‘Litouwen is weliswaar een klein land, maar soms lijkt het net alsof ze geopolitiek in een andere gewichtsklasse actief zijn. Ik zou willen dat andere landen ook zo resoluut waren.’

De Belarussische oppositie is Litouwen daar bijzonder dankbaar voor, want vanwege die gastvrijheid kunnen zij, op slechts 30 kilometer van hun eigen grens en in een glazen kantoorpand dat Tichanovskaja deelt met onder meer een stofzuigerwinkel van Miele, het verzet tegen Loekasjenko levend houden. ‘We zouden uiteraard liever vanuit Belarus werken’, zegt Kavaleuksi, ‘maar dat is onmogelijk want de overheid heeft gezegd dat ze ons zullen achtervolgen, zullen opsporen en, indien nodig, zullen elimineren.’

Maksimas Milta, hoofd communicatie van de European Humanities University. Beeld Marlena Waldthausen
Maksimas Milta, hoofd communicatie van de European Humanities University.Beeld Marlena Waldthausen

Studiebeurs

Of dat ook geldt voor Marharyta Shysha, de student die afgelopen november vluchtte voor de KGB en sindsdien ansichtkaarten schrijft aan politieke gevangenen, weet Shysha zelf niet. Ze weet alleen dat haar moeder eerst niet wilde dat ze wegging, maar nu juist niet wil dat ze terugkomt. ‘Dat is heel gek, want mijn moeder verandert eigenlijk nooit van mening’, zegt ze. Ook als ze over haar ouders praat, die ze al sinds december niet meer heeft gezien, beginnen haar handen en lippen te trillen.

Net als de honderden andere Belarussische vluchtelingen, is Shysha Litouwen dankbaar voor de hulp die ze van het land krijgt. Veel van haar vrienden die thuis achterbleven, zitten momenteel in de gevangenis, zegt ze. Niet lang nadat zij van haar universiteit in Grodna werd geschopt vanwege het zingen van een protestlied, kreeg zij echter een bericht van Maksimas Milta uit Vilnius. Milta is hoofd communicatie van de European Humanities University (EHU) en had op Telegram gelezen over Shysha’s lotgevallen. Hij vroeg haar hoe het met haar ging, of ze naar Vilnius wilde komen om verder te studeren en bood haar een studiebeurs aan.

null Beeld

De EHU is nog zo’n ander bewijs dat Litouwen al veel langer het front vormt van de oorlog tegen Belarus. Ooit was het de eerste privé-universiteit in Minsk, maar toen het instituut in 2004 door Loekasjenko werd opgedoekt omdat het een elitair bolwerk zou zijn, besloot de volledige universiteit naar Vilnius te verkassen, waar het met financiële steun van onder meer de EU en de Litouwse overheid jaarlijkse honderden studenten kan opleiden die liever niet in Minsk studeren.

‘We hebben momenteel 618 studenten van wie 95 procent Belarussisch is’, zegt Milta. ‘87 van hen hebben we dit collegejaar aangenomen omdat ze moesten vluchten.’ De van oorsprong Russische vriendin van Pratasevitsj, Sofia Sapega, wier moeder vorige maand tegen journalisten zei dat haar dochter momenteel in Minsk vastzit in de Okrestina-gevangenis, een KGB-oord dat berucht sinds de martelingen van vreedzame demonstranten afgelopen najaar, studeert ook aan de EHU.

‘Ik moet zeggen dat het voor de kaping van het vliegtuig van Raman en Sofia, nooit zo’n probleem was studenten te vinden die commentaar wilden geven op de situatie in Belarus’, zegt Milta. ‘Maar sinds twee weken merk je dat er iets veranderd is. De bezorgdheid is heel groot in de vluchtelingengemeenschap van Vilnius. Niemand weet meer zeker waartoe Loekasjenko allemaal in staat is.’

 Marharyta Shysha, die naar Vilnius vluchtte en van daaruit haar postkaartjes naar vrienden in Belarus stuurt.  Beeld Marlena Waldthausen
Marharyta Shysha, die naar Vilnius vluchtte en van daaruit haar postkaartjes naar vrienden in Belarus stuurt.Beeld Marlena Waldthausen

Trillende handen

Het is misschien de reden dat Shysha zo begint te trillen wanneer ze spreekt over de mannen met bivakmutsen in Grodna, of wanneer ze een vraag krijgt over over haar ouders die achterbleven in Grodna. ‘Maak je je geen zorgen om je ouders? Je zei dat de KGB elke maand wel een keer bij ze langsgaat.’

De 21-jarige student neemt een diepe teug adem en frummelt met trillende handen aan de envelop in haar handen. ‘Vind je het anders goed als ik je nog wat van de ansichtkaarten laat zien?’

Meer over