InterviewRuth Peetoom

Voorzitter GGZ over oplopende wachtlijsten: ‘Mentale gezondheid is niet alleen ons terrein’

De geestelijke gezondheidszorg kan de wachtlijsten niet zelf oplossen, zegt voorzitter Ruth Peetoom van de Nederlandse GGZ. Oplossingen liggen volgens haar buiten de geestelijke gezondheidszorg. ‘Met schuldhulpverlening pak je ook de wachtlijst aan.’

Niels Waarlo
Activiste Charlotte Bouwman protesteerde in 2020 lange tijd in Den Haag tegen de jarenlange wachttijden in de geestelijke gezondheidszorg. Hier op archiefbeeld met demissionair staatssecretaris Paul Blokhuis. Beeld ANP
Activiste Charlotte Bouwman protesteerde in 2020 lange tijd in Den Haag tegen de jarenlange wachttijden in de geestelijke gezondheidszorg. Hier op archiefbeeld met demissionair staatssecretaris Paul Blokhuis.Beeld ANP

De geestelijke gezondheidszorg kampt al langer met te lange wachtlijsten. Welke impact heeft de coronacrisis gehad?

‘We kampten al met een personeelstekort, en dat is alleen maar heftiger geworden. Het verzuim is, net als in de rest van de zorg, toegenomen en de krapte op de hele arbeidsmarkt is gigantisch. Afhankelijk van hoe je rekent, is er in de ggz een tekort aan 3.500 tot 6.800 medewerkers.

‘Het aantal zorgaanvragen bij de ggz is intussen weer even hoog als voor de coronacrisis, terwijl het aantal verwezen jongeren vorig jaar al 10 tot 20 procent is gestegen. De zorg is door de coronacrisis complexer en zwaarder geworden. Als je alleen maar thuisonderwijs kunt volgen en je vrienden niet ziet, of al mentale problemen hebt en geen kant op kunt, verscherpen de problemen zich. Er staan nu 100 duizend mensen op de wachtlijst, 30 duizend van hen moeten langer wachten op een behandeling dan toegestaan (ongeveer drie maanden, red.). Dat is erg.’

Als de ggz dit zelf niet kan wegwerken, wie moet er dan bijspringen?

‘Als je weet dat iemand kampt met een ernstige depressie en dat daarbij de uithuisplaatsing van de kinderen een enorme rol speelt, moet je eigenlijk de jeugdzorg erbij betrekken. Maar in Nederland zijn we er heel goed in om maar één stukje van een probleem te bekijken. Die schotten moeten weg.

‘Er zijn allerlei maatschappelijke problemen die zich vertalen in een medische vraag, zoals schulden of dakloosheid. We moeten meer samenwerken met andere zorgverleners, en met organisaties zoals de schuldhulpverlening en wooncoöperaties.

‘In Brabant, bij GGZ Breburg, is een mooi initiatief gaande op dit gebied: daar zijn mentale herstelcentra die, zodra iemand op de wachtlijst belandt, kijken welke problemen er allemaal spelen. In samenwerking met andere instanties proberen ze een patiënt bijvoorbeeld aan een baan te helpen. Dat kan al helpen bij mentaal herstel, zodat er meer capaciteit is voor mensen met ernstige psychiatrische aandoeningen.

‘We willen ook veel intensiever samenwerken met huisartsen. Als zij eerder kunnen schakelen met een ggz-medewerker, komen mensen sneller op de goede wachtlijst. Maar zo’n consultatiefunctie wordt nu niet betaald. Dat moet anders.’

De Inspectie voor Gezondheid & Jeugd en de Nederlandse Zorgautoriteit constateerden dat ook de samenwerking tussen ggz-instellingen nog beter kan. Er zou sprake zijn van beperkt onderling vertrouwen.

‘Het systeem is ingericht op concurrentie tussen de zorgaanbieders, terwijl de oplossing ligt in samenwerking. Dat vergt een andere manier van kijken. Op dat punt is al veel gebeurd. Onder andere voor patiënten met meerdere psychische problemen tegelijkertijd zijn transfertafels ingericht, speciale overleggen waar instellingen samen kijken waar deze patiënten terecht kunnen.’

U verwacht ook veel van het voorkomen van mentale problemen. Hoe ziet dat eruit?

‘Preventie heeft vele gezichten. Stel, een vrouw heeft borderline. Dan kun je meer aandacht besteden aan de signalen waaraan ze zelf kan herkennen dat er een crisis dreigt, zodat ze bijvoorbeeld extra rust kan inbouwen. Zorgverzekeraars bieden tegenwoordig apps die mensen helpen hun dag te structureren of paniekaanvallen te voorkomen. Het ingewikkelde bij preventie is: je weet niet goed wat je bespaart, waardoor het moeilijk te bepalen is welk bedrag je erin moet steken. Maar dat het leed en behandelkosten scheelt, is zeker.

‘We willen sowieso dat de aandacht voor mentale gezondheid verschillende beleidsterreinen overstijgt. Met schuldhulpverlening pak je immers ook de wachtlijst van de ggz aan. De signalen zijn goed, zo is de regering bezig met een Nationaal Preventieakkoord Mentale Gezondheid. Hier hoort ook bij: de stigma’s moeten eraf. Op het moment dat iemand een burnout heeft gehad en weer is hersteld, is dat weer gewoon een goede werknemer.’