'Voor Fransen is EU een voorbije liefde'

De tanende genegenheid voor Europa is te keren met een prominentere rol in de wereld, denkt Robert Badinter. 'Na de VS, uiteraard....

'Weet u wel zeker dat de ja-stem het in Nederland gaat halen? De interraciale spanningen hebben mij verbaasd. Zou die onvrede zich straks niet in een afwijzing van de Grondwet kunnen vertalen?'

De 77-jarige senator Robert Badinter, oud-minister van Justitie onder de socialistische president Mitterrand, begint met een wedervraag, wanneer hem opheldering wordt gevraagd over het feit dat de meerderheid van zijn landgenoten zich tegen de Europese Grondwet lijkt te keren. Het blijkt zijn eerste relativering van de kwestie: Frankrijk neemt volgens hem geen uitzonderlijke positie in. 'Het verlies van genegenheid voor Europa is algemeen. Kijk naar de Spanjaarden, overtuigde Europeanen: minder dan de helft stemde bij het referendum over de Grondwet. Toen de Polen voor de eerste keer voor het Europese Parlement mochten stemmen, kwam maar een kwart van de kiezers opdagen. Dat is een enorm verschil met het enthousiasme van vroeger.'

Niettemin geeft Badinter toe dat achter het Franse 'nee' diepere gevoelens schuil gaan dan de algemene, Europese desinteresse voor de EU. Bij veel Fransen is er volgens hem sprake van desamour, een voorbije liefde. Dat is heel wat heftiger dan onverschilligheid.

'De Fransen hebben lang gedacht dat Europa een voortzetting van Frankrijk op Europese schaal zou zijn. Maar langzaam maar zeker hebben ze begrepen dat dat niet zo is, zeker sinds de uitbreiding. De EU wordt nu bovenal als een bedreiging gezien. Vrede in Europa zegt hun weinig, dat is al zo lang een gegeven. De Fransen vrezen bovenal de verplaatsing van bedrijven naar Oost-Europa. Bij een werkloosheid van 10 procent is dat reëel. Ze vragen zich af: wat levert de EU ons eigenlijk op? De voordelen van uitbreiding zijn nooit duidelijk gemaakt.'

De vereniging met Oost-Europa was nog maar net een feit, of de Fransen kregen de kwestie van het Turkse lidmaatschap voor de kiezen. 'De president van de Republiek heeft tot onderhandelingen met Turkije besloten zonder de bevolking daar via een persconferentie over te informeren en zonder daarover een serieus debat in het parlement te voeren. Ik heb in mijn leven nog nooit een staatshoofd het parlement met zoveel minachting zien behandelen', fulmineert Badinter. In zijn ogen leverde de Franse president daarmee munitie aan het 'nee'-kamp.

Dat deed Chirac ook door zich tot drie keer toe niets aan te trekken van de afkeuring van de kiezer. Bij regionale, kantonnale en Europese verkiezingen golfde in 2004 de onvrede over de regering heen, maar Chirac weigerde de onpopulaire premier Raffarin te vervangen. Dat wreekt zich nu de regering vraagt om het ja-woord van de kiezer op 29 mei, meent Badinter. 'Dan treedt een mechanisme in werking dat zich ook in relaties voordoet. Als uw vriendin u iets vraagt en u weigert tot drie keer toe, dan is de kans groot dat zij nee zal zeggen, wanneer u vervolgens iets van haar wil. Met welk voorstel de regering ook zou komen, Grondwet of niet, de kans op een nee-stem is daardoor heel groot.'

Speelt in het geval van het Franse 'nee' niet ook mee dat Frankrijk in wezen een conservatief land is: zie het zeer brede verzet tegen de mondialisering, zie ook de heiligverklaring van eenmaal verworven rechten?

'Ja, Frankrijk is een conservatief land. Niet op intellectueel gebied, want we zijn altijd in de weer met grote ideeën die de wereld kunnen veranderen. Maar de sociale kern van dit land is altijd boers gebleven, ook al zijn er inmiddels bijna geen boeren meer over. Vandaar ook dat veranderingen schoksgewijs, met revoluties, tot stand moeten komen. Het is de enige manier om een maatschappij die vastzit, in beweging te krijgen.'

Wordt de eventuele afwijzing van de Grondwet een volgende, revolutionaire schok die Frankrijk te wachten staat?

'Nee. Ten eerste ga ik ervan uit dat straks een zeer kleine meerderheid ja zal zeggen, net als bij Maastricht (in 1992 stemde 51 procent van de Fransen in met het Verdrag van Maastricht). Maar ook als het nee wordt voorzie ik geen chaos, zoals sommigen wel roepen. Wat maar weinigen weten, is dat er in een bijlage van de Grondwet een belangrijke bepaling is opgenomen. Die stelt dat als viervijfde van de 25 landen in december 2006 de tekst heeft aangenomen, er vervolgens met de nee-stemmers wordt gesproken. Na een nee-stem in twee à drie landen, waaronder mogelijk Frankrijk, komt er dan een langdurig en lastig proces van onderhandelingen op gang. Dat kan wel tot 2009 duren en al die tijd geldt het Verdrag van Nice. Minder goed dan de Grondwet, maar het werkt nu ook. Ik voorzie geen grote ramp. Verwacht Jacques Delors die wel? Hij wordt oud', gniffelt de 77-jarige Badinter over zijn twee jaar oudere partijgenoot, die als voorzitter van de Europese Commissie in de jaren tachtig uitgroeide tot Mister Europe.

Uitkijkend over de bomen van de Jardin du Luxembourg stelt Badinter ten slotte aan de orde wat hijzelf de kernvraag noemt: hoe moet het verder met Europa? Voorbij de vraag over de Grondwet, hoe valt het warme gevoel voor Europa dat zijn generatie nog wel had, maar dat zo duidelijk bij jongeren ontbreekt, weer tot leven te wekken?

'Noodzakelijk is dan toch dat Europa zich op het wereldtoneel manifesteert. Economisch zijn we de grootste macht ter wereld. Het moet toch mogelijk zijn om, uiteraard na de VS, maar op gelijke hoogte met China, een rol van betekenis in de wereld te spelen. We kunnen het, maar we moeten het ook willen.'

Badinter wil dat er eerst een kopgroep komt van de oorspronkelijke zes EU-landen (Frankrijk, Duitsland, Italië en de Benelux), aangevuld met Spanje en wellicht ook Oostenrijk. Zij moeten het aloude ideaal van het geïntegreerde, federale Europa gaan verwezenlijken.

Maar dat is toch een droom? De EU is toch bovenal een vrijhandelszone?

'Nu heeft u daar nog gelijk in. Maar het zijn toch altijd dromen geweest die de mensheid verder hebben geholpen. Of denkt u van niet?'

Meer over