Voor Elsevier maken kranten te weinig winst

'We zijn een rijke moeder voor onze dochters. Maar op dit moment hebben we wat kinderen teveel om voor te zorgen....

Van onze verslaggever

AMSTERDAM

Nu is het moment aangebroken om te kiezen. 'We hebben dinsdag besloten om uit de consumenteninformatie te stappen. Vlak voor de publikatie van de cijfers. Als we nu niet het besluit hadden genomen, dan hadden we weer zeven maanden moeten wachten. We zijn op drie beurzen genoteerd. Als je onderdelen gaat verkopen, dan kan je dat toch niet lang geheim houden.'

Reed Elsevier wil zich concentreren op de activiteiten waarop de kansen voor een groei van de winst per aandeel het grootst is. Daarvoor kiest het concern volgens Vlek voor de sector waarin het uitblinkt: het uitgeven van wetenschappelijke, professionele en zakelijke tijdschriften, de exploitatie van databanken en het organiseren van exposities en evenementen. Die activiteiten bieden meer groeikansen en een hogere toegevoegde waarde.

Vorig jaar haalde Reed Elsevier op zijn activiteiten een brutomarge van ruim 21 procent. Op publieksinformatie bedroeg de marge iets meer dan 13 procent. Dat is hoger dan bij andere dagblad- en tijdschriftuitgevers, maar veel lager dan wat elders in het concern als norm geldt. Voormalig topman Pierre Vinken die onlangs afscheid nam, stelde de dagbladen dat ook altijd op het tweede plan. 'We willen deze slechte tijd uitzitten. Maar het moet natuurlijk niet te gek worden', zo zei hij in 1993 in een interview met zijn eigen Algemeen Dagblad.

In 1994 kocht Elsevier in de VS de grootste on-line informatiedienst ter wereld, Lexis-Nexis. 'We willen deze databank uitbouwen naar Europa en andere landen en verder ontwikkelen. Er moeten zoeksystemen komen. Dat zijn investeringen van honderden miljoenen, zo niet miljarden', zegt Vlek. Met de verkoop van de Nederlandse en Britse kranten, een aantal tijdschriften in Nederland en de VS en de Britse boekenuitgeverij hoopt Reed Elsevier deze middelen binnen te halen.

Vlek wil zelf geen concrete bedragen noemen. Analisten schatten dat de totale verkoop ruim twee miljard gulden zal opbrengen. Voor de Nederlandse dagbladpoot zal de verkoopprijs rond de 800 à 900 miljoen liggen. Vlek: 'Ik schrik niet van die bedragen en ben ook niet teleurgesteld.'

De te verkopen bedrijven behaalden vorig jaar een omzet van ruim 1,5 miljard gulden, 19 procent van het Elsevier-totaal van ruim 7,6 miljard. Het bedrijfsresultaat bedroeg 190 miljoen gulden. Na de verkoop stijgt de marge van Reed Elsevier tot ruim boven de 22 procent.

Reed Elsevier stapt niet geheel uit de publiekstijdschriften. IPC Magazines, met bladen als de TV Times, To be Bride en Which Horse - de VNU van het Verenigd Koninkrijk - zal binnen het concern blijven. IPC opereert op de Engelstalige markt die grotere groeimogelijkheden heeft dan de Nederlandse tijdschriftenmarkt.

De Nederlandse tijdschriftenuitgeverij Bonaventura zal wel ontmanteld worden. Zes titels worden verkocht. 'Bonaventura zal zich gaan concentreren op de professionele en zakelijke informatie. Zo heeft Bonaventura onlangs een databank voor subsidies gekocht', stelt Vlek. Daarnaast zal ook PBNA, het opleidingsinstituut dat ook als uitgever actief is (bijvoorbeeld het Polytechnisch Zakboekje), samengevoegd worden met Bonaventura.

Het opinieweekblad Elsevier is buiten de verkoop gehouden. 'Er zijn grenzen aan professionele en zakelijke informatie. Soms moet je die grenzen een beetje overschrijden.' Vlek verhult niet dat hierbij ook de emotionele reden een rol heeft gespeeld dat het opinieblad de titel van het concern draagt.

Vlek sluit niet bij voorbaat uit dat alle af te stoten activiteiten als één pakket worden verkocht - 'Als iemand dat wil, waarom niet?' - maar verwacht dat niet. Daarvoor zijn de activiteiten te divers en hebben ze onderling te weinig synergie. 'Waarschijnlijk zal het in onderdelen worden verkocht.' De ABN Amro zal een zogenoemd bidbook opstellen dat belangstellenden kunnen opvragen.

Van de te verkopen bedrijven krijgt de Dagbladunie een speciale behandeling. Bekeken zal worden of een beursnotering tot de mogelijkheden behoort. Het dagbladbedrijf zal in dat geval zelfstandig kunnen gaan opereren. 'Internationaal is het niet groot, maar voor de Nederlandse markt is het een omvangrijke activiteit.' Voor de Britse regionale dagbladen - qua omzet ongeveer tweederde van die van de Nederlandse - wordt een beursgang niet onderzocht.

Analisten en concurrerende uitgevers hebben twijfels over een beursgang van de Dagbladunie. 'De reden dat Reed Elsevier de dagbladen afstoot is dat dagbladen op middellange termijn nauwelijks groeimogelijkheden hebben. Ze opereren op een verzadigde markt, vergen grote investeringen in persen en hebben last van stijgende papierprijzen. Op dit moment hebben ze de conjuctuur mee, zodat er nu nog een goede rentabiliteit getoond kan worden', aldus een analist. Vlek wijst die redenering af. 'Voor de professionele markt kan je hetzelfde zeggen. Ook die is verzadigd.'

Meer over