Voor de nieuwe hoogopgeleide Nederlander

Het betrekkelijk nieuwe blad Fast Forward wordt in eigen beheer uitgegeven door professionele journalisten. Uitgevers waren niet geïnteresseerd. 'De potentiële doelgroep van hoogopgeleide jongeren met een andere culturele achtergrond wordt totaal over het hoofd gezien.'..

Ramon Schimmel

ONVREDE met bestaande berichtgeving over allochtonen was voor Frank Siddiqui (41) en Mustapha Oukbin (36) de drijfveer om een nieuw blad in de markt te zetten: Fast Forward. Het is een tweewekelijks carrièreblad voor jonge, hoogopgeleide allochtonen, waarvan inmiddels het derde exemplaar is verschenen.

Siddiqui: 'Je leest veel over schooluitval, criminaliteit en werkloosheid. De berichtgeving is vaak negatief en geschreven vanuit wit perspectief. Wij willen daar een nieuw, positief geluid tegenover stellen.'

Het op glossy papier gedrukte magazine, dat verschijnt in een oplage van 20 duizend, richt zich op zelfbewuste, ambitieuze nieuwe Nederlanders van 18 tot 28 jaar. De doelgroep vindt in het blad naast een aantal vaste rubrieken reportages en interviews over werk, opleiding en carrière, veelal geschreven door allochtonen.

Volgens Siddiqui en Oukbih is er duidelijk behoefte aan het blad. 'Je ziet het aan de oprichting van steeds meer allochtone studentenverenigingen', zegt Oukbih. 'De zelforganisatie van allochtonen is groot. We hebben een rondgang gemaakt langs tientallen jongerenorganisaties. Zij waren erg positief en steunen ons.'

'Wij willen met Fast Forward een bijdrage leveren aan de emancipatie van allochtonen', legt Siddiqui uit. 'Het klinkt hoogdravend, maar zo is het. Daarnaast willen we een brug slaan tussen deze groep studenten en net afgestudeerden, en het bedrijfsleven. Dat heeft deze talentvolle groep nog niet of nauwelijks ontdekt.'

Volgens Siddiqui is het goed dat allochtonen zich in eigen kring organiseren. 'Onze doelgroep bestaat uit jongeren die hier een opleiding hebben gevolgd. Zij voelen zich Nederlander, maar zijn zich tegelijkertijd bewust van hun afkomst en eigen cultuur. Het is een groep met een volstrekt eigen mentaliteit die niet past in de tweedeling autochtoon-allochtoon. Vandaar dat wij liever spreken van nieuwe Nederlanders. Deze groep verdient een eigen benadering en kan iets toevoegen. Zo raar is dat niet. Kijk naar een blad als Opzij, daar gebeurt eigenlijk precies hetzelfde.'

Siddiqui en Oukbih, beiden al ruim tien jaar werkzaam voor diverse media in Nederland, hebben op basis van CBS-cijfers uit 1998 een inventarisatie van de doelgroep gemaakt. In de komende drie tot vier jaar zullen ongeveer 60 duizend jonge allochtonen met een mbo-diploma of hoger de arbeidsmarkt betreden, is hun conclusie.

Dat er geen kant-en-klaar onderzoeksmateriaal beschikbaar was, verbaasde hen. Siddiqui: 'De potentiële doelgroep van hoogopgeleide jongeren met een andere culturele achtergrond wordt totaal over het hoofd gezien.' Zij vinden dat onbegrijpelijk, want deze groep ontworstelt zich volgens de hoofdredacteuren in stilte aan de stigma's. Siddiqui: 'Ze hebben zelfvertrouwen en geloof in eigen kracht. Zij zijn in staat tegen de heersende vooroordelen en negatieve beeldvorming in te gaan. Wij zijn het eerste blad dat op deze groep inspeelt, en daarmee onderscheiden we ons van andere carrièretijdschriften als Carp of Intermediair.'

Oukbih: 'We willen een eigen, positief geluid laten horen. Laten zien wat er leeft onder nieuwe Nederlanders. Dat vind je niet in Carp. Maar we willen het niet alleen laten bij succesverhalen. Het moet geen goednieuwstijdschrift zijn. We willen ook kritisch en rebels zijn, discussie brengen over hoofddoekjes op het werk bijvoorbeeld.'

'Problemen gaan we niet uit de weg', zegt Siddiqui. 'Maar het heeft geen zin om de doelgroep daar steeds mee lastig te vallen. Zij vormen een voorhoede, zijn de probleemfase voorbij en zijn goed geïntegreerd.'

Fast Forward wordt in eigen beheer uitgegeven. Met een startkapitaal van de overheid en eenmalige bijdragen van diverse sponsors is het blad begonnen. Siddiqui: 'We hebben met een aantal uitgevers gesproken, maar zij hebben er tot dusver geen trek in. Ze vinden de oplage te klein en hebben geen kaas gegeten van de doelgroep.'

Hetzelfde geldt voor bedrijven. Ook zij kennen volgens Oukbih de doelgroep niet. Hij vindt het vreemd dat het bedrijfsleven deze groep in een tijd van krapte op de arbeidsmarkt links laat liggen. Zijn verklaring: 'Ze zijn huiverig voor mogelijk negatieve reacties van relaties en klanten als ze de nieuwe Nederlanders als specifieke groep benaderen.'

Toch moet het magazine het uiteindelijk hebben van personeelsadvertenties. Het wil niet afhankelijk zijn van subsidies, maar zich een plek op de markt veroveren. Oukbih ziet het niet somber in. 'Dagelijks krijgen we ongeveer vijftien aanmeldingen binnen van nieuwe abonnees. In de toekomst, als ons blad groeit en bekender wordt, trekt het vanzelf adverteerders.'

Het is de bedoeling dat adverteerders gratis verspreiding van het blad mogelijk gaan maken aan de hand van een mailinglist van tienduizend abonnees, 25 hogescholen, 5 universiteiten en allochtone jongeren- en studentenverenigingen. 'Wij zijn ervan overtuigd dat het kan', zegt Oukbih. 'We doen een aanbod aan de markt. Nu is het aan hen.'

Meer over