Volksleger China verliest zakenimperium

President Jiang Zemin had zich in een snert-kleurig Maopak gestoken om de hoogste generaals van China toe te spreken. 'Alle onderdelen van de strijdkrachten en de politie moeten zich vanaf heden onthouden van zakelijke activiteiten', zei hij deze week op een tweedaagse bijeenkomst in Peking, die speciaal was belegd om...

NYT, AFP, AP, Reuters

PEKING

Uit dankbaarheid voor het neerslaan van de demonstratie voor democratie op het Tiananmenplein heeft de communistische partij van China het Volksleger in 1989 toestemming gegeven in te spelen op de economische hervormingen. Sindsdien hebben de strijdkrachten een zakenimperium opgebouwd waarin vele miljarden omgaan.

Het leger is eigenaar of mede-eigenaar van meer dan twintigduizend ondernemingen, van een vliegtuigfabriek en een steenkoolmijn tot een transportbedrijf en een mobieletelefoondienst. Het bezit restaurants, karaokebars en nachtclubs en is eigenaar van het super-de-luxe Palace Hotel in Peking. Bovendien bezit het enkele grote conglomeraten, waaronder de 999 Ondernemingen Groep, die maagtabletjes produceert.

'De centrale leiding van de Communistische Partij van China heeft de strijdkrachten opgedragen al hun ondernemingen af te stoten en zo een belangrijke bijdrage te leveren aan de huidige campagne tegen het smokkelen,' meldde het officiële persbureau Nieuw China na afloop van het congres. Want dat is waar het president Jiang op uit is: een einde te maken aan het smokkelen door militairen.

Geen mens weet natuurlijk precies hoeveel geld er omgaat in deze illegale activiteiten van het leger, maar het moet om vele miljarden gaan. Volgens sommige westerse waarnemers is zelfs het punt bereikt dat de militaire bedrijfswinsten niet langer opwegen tegen de schadeposten van corruptie, smokkel en speculatie. Volgens Nieuw China bezorgt smokkel door militairen en burgers de schatkist jaarlijks een schadepost van een dikke twintig miljard gulden. De smokkelwaar bestaat niet alleen uit verdovende middelen en wapens, maar vooral uit luxe-artikelen waarop veel invoerrechten worden geheven - auto's en sigaretten bijvoorbeeld.

Zowel Chinese als westerse waarnemers betwijfelen ten sterkste of 'Het Volksleger BV' nu inderdaad wordt ontmanteld. 'Dat is een gevaarlijke zet', zegt een Chinese politiek waarnemer, 'het afsnijden van de weg naar rijkdom roept verzet op.' 'Het Volksleger zal keizerlijk graan moeten eten', voorziet een westerse defensiedeskundige: als het leger zichzelf niet kan bedruipen, zal er meer geld uit de schatkist naar defensie moeten.

De twijfel wordt gevoed doordat president Jiang in het midden heeft gelaten op welke manier de militairen hun ondernemingen moeten afstoten. Best mogelijk dat ze voorlopig eigenaar mogen blijven, als ze voortaan maar net als iedereen belasting betalen en zich niet met de bedrijfsvoering bemoeien, vermoeden sommige waarnemers. Er klinkt toch al gemor in de gelederen omdat bedrijven die op de fles gaan - niet alle militaire initiatieven worden met succes bekroond - hun personeel op straat zetten, en dat zijn vaak de vrouwen en kinderen van militairen.

Een westerse kenner van het militair-industrieel complex in China ziet echter wel een mogelijkheid om de 'verburgerlijking' van het militaire zakenimperium soepel te doen verlopen. Het Volksleger moet de komende drie jaar namelijk met een half miljoen man worden ingekrompen. Als de ontslagen officieren het legergroen verruilen voor het donkere pak van de zakenman, dan kunnen ze hun ondernemingsactiviteiten gewoon voortzetten.

Meer over