Voedsel-manipulators voor rechter VS

De weerzin tegen genetisch gemanipuleerd voedsel bleef lange tijd beperkt tot het Europese continent. Maar via Japan, Mexico, Korea en Canada is nu ook de VS - de bakermat van de gentechnologie - gealarmeerd geraakt....

Grote multinationals als Monsanto manipuleren de genetische informatie van zaden (mais, katoen en sojabonen) om gewassen resistent te maken tegen ziekten en plagen. De Europese consument staat huiverig ten opzichte van dit gesleutel aan de natuur. Zowel uit ethische overwegingen, als vanwege de vermeende risico's voor de volksgezondheid en het milieu.

Deze zomer raakte ook het land van de rijzende zon geïnfecteerd, notabene de grootste importeur van Amerikaanse gewassen. Japan wil genetisch veranderde voedingsmiddelen als zodanig gaan etiketteren - een majeure overwinning voor de tegenstanders van gentech-voedsel. En twee grote Japanse bierbrouwers willen vanaf 2001 helemaal geen gentech-ingrediënten meer gebruiken.

Kort daarna was Mexico, de op één na grootste afnemer van Amerikaanse mais, aan de beurt. De belangrijkste Mexicaanse producent van maismeel (grondstof voor de populaire tortilla) koopt geen genetisch gemanipuleerde mais meer.

Amerikaanse boeren zien het met lede ogen aan. In totaal hebben zij 60 miljoen are ingezaaid met genetisch gemanipuleerde mais en soja. Dat is een oppervlakte ter grootte van Groot Brittannië. Eénderde van de maisoogst in de VS bestaat al uit gemanipuleerde soorten. Bij soja is dat zelfs de helft.

Dit voorjaar betaalden de boeren nog grif geld voor de gemanipuleerde zaden van Monsanto of DuPont, niet wetende dat hun gewassen zo snel zoveel afkeer zouden inboezemen. Zelfs boeren die enthousiast voorstander zijn van deze nieuwe gewassen, overwegen om weer op traditionele zaden over te schakelen.

Ondertussen groeit in de VS het aantal activisten én boeren dat niets (meer) van gen-technologie moet hebben. Zij worden niet zozeer gedreven door ecologische, maar economische motieven. Zeventig procent van de markt voor katoenzaad in de VS is in de hand van één bedrijf. En de markt voor maiszaad is voor bijna driekwart in handen van vier bedrijven in de VS. Deze concentratie-tendens is nog lang niet ten einde.

Gentechnologie is zo kostbaar dat op termijn slechts een handjevol multinationals overblijft dat via patenten op zaden een sleutelrol krijgt in de wereldvoedselvoorziening. Dát is wat de activisten en boeren in de VS, maar ook in de derde wereld, angst inboezemt. 'Geen boer ter wereld is straks nog eigenaar van de zaden', voorspelt de Amerikaanse anti-gentech activist Jeremy Rifkin deze week in de Financial Times. 'Als dat geen onderwerp is voor een rechtszaak over mededinging, dan weet ik het niet meer.'

De manier waarop gentech-bedrijven - ook nu al - hun patenten op gemanipuleerde zaden beschermen roept eveneens veel afkeer op. Bij aflevering van het zaad verplicht de boer zich om het zaad niet te herplanten. Dat is vooral lastig voor boeren in ontwikkelingslanden die gewend zijn elk jaar zaad achter te houden om het daarop volgende jaar weer (gratis) te kunnen zaaien.

Om te voorkomen dat boeren toch stiekem zaad herplanten, heeft een Amerikaans zaadbedrijf (binnenkort onderdeel van Monsanto) een terminator-gen ontwikkeld. Dat extra gen maakt de plant steriel, zodat er niets te herplanten valt. Andere bedrijven werken aan zaden die pas gaan groeien in combinatie met bepaalde chemicaliën.

Met de verplichting elk jaar opnieuw zaad te moeten kopen, houdt de gentech-industrie de boeren in een wurrgreep, vinden Amerikaanse activisten. Ze beschuldigen de bedrijven ervan een monopolie op agrarische gewassen na te streven en zullen de rechter nog vóór het eind van het jaar vragen hier een einde aan te maken. Monsanto, DuPont en Novartis moeten maar uitleggen dat ze geen mededingingsregels overtreden.

Meer over