VN: Syriërs verdacht van moord

Een VN-rapport over de moord op de Libanese ex-premier Rafik Hariri bevestigt dat hoge Syrische functionarissen als verdachten worden beschouwd....

Libanese politici en commentatoren legden meteen verband tussen de twee gebeurtenissen en beschuldigden Syrië. ‘Ze hebben Gebran Tueni vandaag vermoord omdat Mehlis vandaag zijn rapport aanbiedt’, zei Druzenleider Walid Jumblatt met een verwijzing naar Detlev Mehlis, het Duitse hoofd van het VN-onderzoek.

De Syrische regering ontkende betrokkenheid bij de aanslag en stelde dat de timing bedoeld was om Syrië in een kwaad daglicht te stellen. Een tot nu toe onbekende (waarschijnlijk fictieve) groep zei verantwoordelijk te zijn. Damascus ontkent ook iedere betrokkenheid bij de moord op Hariri.

De Libanese premier Fouad Siniora, lid van de anti-Syrische coalitie, deed een oproep aan de VN om een onderzoek in te stellen naar de reeks van aanslagen op anti-Syrische politici en journalisten die het land heeft getroffen sinds de moord op Hariri in februari. Hij wil ook een internationaal tribunaal om de daders te straffen.

Die oproep heeft geleid tot grote spanningen in de regering. Ministers van de pro-Syrische bewegingen Hezbollah en Amal stemden tegen de buitenlandse inmenging en hebben hun deelname aan de regering bevroren.

Het VN-onderzoek naar de moord op Hariri heeft de afgelopen maanden nieuwe feiten aan het licht gebracht die de betrokkenheid van Syrië verder onderbouwen, aldus het nieuwe rapport. Zeker negentien Syriërs worden beschouwd als verdachten, maar in de publieke versie worden geen namen genoemd.

Wel zouden de vijf Syrische veiligheidsfunctionarissen die vorige week in Wenen werden ondervraagd, tot de verdachten behoren. Onder hen was het voormalige hoofd van de Syrische veiligheidsdienst in Libanon, Rustom Ghazale.

In een interim-rapport in oktober stelde Mehlis al dat zowel de Syrische als de vroeger door Syrië gedomineerde Libanese veiligheidsdiensten betrokken waren bij de moord.

Na het eerste rapport van Mehlis eiste de Veiligheidsraad totale medewerking van Syrië met het onderzoek. In het nieuwe verslag staat echter dat Damascus zeker een getuige heeft geïntimideerd en gemanipuleerd. Dit kan het begin zijn van een procedure die kan leiden tot sancties tegen het land.

Het is het laatste rapport van Mehlis, die opstapt aan het eind van zijn termijn op 15 december. Mehlis had juist in interviews gezegd dat een verbetering van de veiligheidssituatie in Libanon deels was toe te schrijven aan het werk van zijn commissie. De laatste grote aanslag was in september, toen de tv-journaliste May Chidiac ernstig werd verminkt door een bom.

Meer over