Column

Vliegtuigangst is angst voor het onbekende

Terwijl Air Crash Investigation een oude ramp onderzocht, berichtte de NOS over het verongelukte toestel van EgyptAir.

Hanna Bervoets
null Beeld epa
Beeld epa

De passagiers schuifelen traag door het gangpad. Stelletjes houden achteloos elkaars hand vast, kinderen springen op en neer, de zakenman gaat zitten, schuift zijn laptop in het bagagevak. In de cockpit kloppen de piloten elkaar op de schouders, ja, ze hebben er zin in vandaag.

Het vliegtuig maakt een paar zorgeloze kilometers. Maar dan, niet eens zo heel lang na de take off, begint het toestel te trillen. De piloten fronsen, de lampjes op het dashboard knipperen, het vliegtuig gaat steeds harder schudden, mensen wriemelen aan hun riemen; kinderen huilen nu, tassen glijden door het gangpad, zuurstofmaskertjes komen omlaag - dan volgt de klap.

Zo begint een gemiddelde aflevering van Air Crash Investigation, elke middag op National Geographic. De aflevering van gisteren werd uitgezonden op het moment dat de NOS over de neergestorte Airbus van EgyptAir berichtte - beide uitzendingen draaiden om de vraag: hoe had dit vliegtuig kunnen neergaan?

De NOS kon die vraag nog niet volledig beantwoorden. Air Crash Investigation blikte ondertussen terug op de crash van Eastern Airlines vlucht 401.

In veertien jaar bleef het format nagenoeg ongewijzigd. Na de nagespeelde crash doen betrokkenen hun verhaal, het onderzoek van de National Transportation Safety Board staat centraal. Het is een technisch verhaal dat met thrillertrucjes aantrekkelijk wordt gemaakt: Air Crash Investigation is als een potje Cluedo, het Noodlot heeft het gedaan, maar waar en hoe het toesloeg, moet nog worden uitgezocht. De makers zetten steevast een aantal doodlopende zijpaden uit; met het uitstel van de ontknoping wordt de anticipatie erop alleen maar groter en wanneer de oplossing een anticlimax blijkt ('een zwaan in de motor') hebben we alweer 50 minuten intensief zitten kijken, zij het misschien niet alleen om de uitkomst.

De populariteit van Air Crash Investigation hangt, denk ik, samen met een algemene interesse, of eigenlijk: een angst - paniek is de basis van veel fascinaties. Vliegpaniek wordt aangewakkerd door nieuws over crashes en aanslagen. Maar daarnaast is vliegangst vooral angst voor het onbekende: wat is dat voor getik, is het normaal dat dat flapje op die vleugel openklapt, waarom die turbulentie? Air Crash Investigation voorziet ons van informatie, lijkt ons zo gerust te stellen; kennis is controle, controle kan angst dempen. Dat gebeurt alleen niet. Wanneer ik een vliegtuig betreed, denk ik aan de openingsbeelden van het programma: gillende mensen, zuurstofmaskertjes. En ben ik me er extreem van bewust dat mijn leven in handen van anderen ligt.

Nu is dat altijd zo. Ons leven ligt in handen van de spookrijder, de chirurg, de buschauffeur, de verhuisman die de piano omhoog takelt op het moment dat we onder de katrol doorlopen. Maar daarvan zijn we minder bewust, misschien omdat we minder met beelden van resulterende catastrofes in aanraking komen. Dankzij de NOS en Air Crash Investigation lijkt het risico op een vliegtuigongeluk een stuk groter. Dat heeft een voordeel: die bungelende zuurstofmaskertjes zijn een welkome afleiding voor het ware, alledaagse gevaar.

Meer over