Vibrerende hectiek

Les enfants du paradis was in Frankrijk hét symbool voor de cinema de papa, romantische studiofilms die met de komst van de nouvelle vague in de jaren zestig stevig onder vuur kwamen te liggen.

De Britse filmmaker Terry Gilliam schaart Les enfants du paradis onder zijn favoriete films aller tijden. Hij is niet de enige, de Franse klassieker doet het nog altijd goed op bestefilm-lijstjes, maar het is interessant om het drie uur durende liefdesepos van Marcel Carné eens door de Gilliam-bril te bekijken, juist om zo wellicht onverwachte overeenkomsten te zien met het werk van de man achter Monthy Python, Brazil en Twelve Monkeys. Het moet vooral de vibrerende hectiek van Les enfants du paradis zijn geweest die Gilliam heeft geïnspireerd voor zijn aanstekelijk chaotische vertelstijl. Vrijwel nooit komt de film, die zich rond 1840 afspeelt in de kunst- en theaterwereld van Parijs, tot rust. Het decor waartegen vier mannen de mysterieuze Garance (de Franse actrice Arlette) proberen te verleiden, is voortdurend in beweging. In de openingsscène glijdt de camera kunstig door de Boulevard du Crime, waar acrobaten, waarzeggers en mimespelers om aandacht van de eindeloze stroom passanten vragen. Geen moment voelt de film verouderd. In niets is te zien dat de klassieker tijdens de nazibezetting onder erbarmelijke omstandigheden is gemaakt - een wonderlijke prestatie.

Les enfants du paradis (Marcel Carné, 1945)

Arte, 20.15-23.20 uur.

Fighting

(Dito Montiel, 2009) De Amerikaanse filmmaker Dito Montiel is van oorsprong een jongen van de straat. Afgaande op de grotestadsfilms die hij tot nu toe maakte is er eigenlijk geen andere conclusie mogelijk. Met zijn sterke debuutfilm, het misdaaddrama A Guide To Recognizing Your Saints (2006), verfilmde hij zijn eigen min of meer autobiografische roman over zijn jeugd in de New Yorkse achterstandwijk Astoria. En ook in opvolger Fighting zoomt hij gretig in op het minder gepolijste leven in zijn geboortestad. De film, een niet helemaal geslaagde kruising tussen Fight Club en een Jean-Claude van Damme-film als Kickboxer, verhaalt over de aan lager wal geraakte spierbundel Shawn (Channing Tatum), die vijfduizend dollar krijgt aangeboden wanneer hij een illegaal gevecht weet te winnen. Wat volgt is ogenschijnlijk clichématig: Shawn klimt op uit het dal en windt ondertussen ook een mooie meid om zijn vingers. Het zal allemaal wel. Wat telt is de sjeu waarmee Montiel de donkere kant van New York voor zijn cameralens tot leven brengt. De stad in Fighting is aantrekkelijk rauw, en mag zich ondanks de uitstekende Tatum tot de echte hoofdrolspeler van de film rekenen.

Veronica, 20.30-22.35 uur.

Legends of the Fall

(Edward Zwick, 1994) Ogenschijnlijk klopt er niets aan Legends of the Fall. Geen enkele acteur lijkt op zijn plaats, en de combinatie van thema's en genres (western, oorlogsdrama, romantiek) pakt verwarrend uit. Anthony Hopkins speelt een lompe Amerikaanse kolonel die zich aan het begin van de 20ste eeuw in Montana vestigt, waar hij zijn drie zoons Brad Pitt, Aidan Quinn en Henry Thomas probeert op te voeden. Dat wordt lastig wanneer Julia Ormond ten tonele verschijnt, op wie alle drie de knullen verkikkerd raken. Bijzonder eigenaardig is de rol van Pitt, die eruitziet als een hippie, maar denkt dat hij een indiaan is terwijl hij in de loopgraven van de Eerste Wereldoorlog Duitse soldaten scalpeert. Daarnaast worden, onder aanzwellende vioolmuziek, ook nog thema's als corruptie en onvruchtbaarheid aangestipt. Het geheel is merkwaardig fascinerend, als een surrealistische collage, die juist dankzij Pitt uitgroeide tot een commercieel succes.

RTL 8, 20.30-23.10 uur.

undefined

Meer over