nieuws

Vertrouwen boeren in Nederlandse overheid volledig verdampt

Nederlandse boeren hebben hun geloof in de overheid volledig verloren. Van de veehouders zegt slechts 2 procent nog vrij veel vertrouwen te hebben in de overheid, 70 procent heeft geen vertrouwen meer. Als er nu verkiezingen zouden worden gehouden zou 68 procent van de veehouders op de BoerBurgerBeweging (BBB) stemmen en daarmee het CDA (4 procent) wegvagen als boerenpartij.

Boeren demonstreren begin juli op het Malieveld tegen het stikstofbeleid van het kabinet. Daarbij laten ze hun vertrouwen blijken in Caroline van der Plas van de BoerBurgerBeweging.  Beeld Arie Kievit
Boeren demonstreren begin juli op het Malieveld tegen het stikstofbeleid van het kabinet. Daarbij laten ze hun vertrouwen blijken in Caroline van der Plas van de BoerBurgerBeweging.Beeld Arie Kievit

Dit blijkt uit een enquête onder 981 veehouders uitgevoerd door onderzoeksbureau I&O Research in opdracht van de Volkskrant. Het doel van de enquête was om te achterhalen welke zorgen en wensen er leven bij boeren en ook bij burgers over de toekomst van de landbouw en wat voor beleid het nieuwe kabinet daarin volgens hen zou moeten voeren.

null Beeld

Het opvallendst is dat boeren weinig tot geen fiducie meer hebben in overheidsinstanties. Slechts 5 procent van de veehouders heeft vertrouwen in het ministerie van Landbouw. Minister van Landbouw Carola Schouten scoort een magere 9 procent. ‘De veeboeren voelen zich niet gehoord door de overheid, en onbegrepen’, constateert Peter Kanne van I&O Research. ‘Ze hebben het gevoel dat ze al decennia doen wat ze gevraagd wordt; ze innoveren, passen hun bedrijfsvoering aan aan wat er vanuit Den Haag en Brussels wordt gevraagd. Ook de banken leggen hun steeds lastiger eisen op. Maar het is nooit genoeg. Tenminste, zo beleven ze het zelf.’

In toelichtingen bij hun antwoorden verwijten boeren de regering bemoeizucht en ook onkunde. Volgens veel veehouders sluiten de van bovenaf opgelegde regels niet goed aan bij de praktijk. Sommige boeren voelen zich met de rug tegen de muur gezet.

De diepe onvrede is het resultaat van boeren decennialang nieuwe middelen voorschrijven in plaats van doelen, denkt hoogleraar rurale sociologie Han Wiskerke (Wageningen Universiteit). Met als recent voorbeeld de Haagse inmenging in de samenstelling van het koeienvoer, die overigens van tafel ging na boerenacties. ‘Steeds minder wordt overgelaten aan het vakmanschap van de boer.’

Ondertussen hebben agrariërs het idee dat ze de schuld krijgen van alles wat fout gaat. ‘Zo stapelen de frustraties zich op’, zegt Wiskerke. ‘Terwijl veel problemen komen door hoe ons voedselsysteem is ingericht. Ook de zuivel- en vleesindustrie en supers hebben hier een aandeel in.’

Een groot deel van de veehouders is van mening dat de landbouw onevenredig hard wordt aangepakt bij het bestrijden van de stikstofuitstoot en de klimaatopwarming. En dat andere bedrijfstakken, zoals de industrie en de luchtvaart, veel minder hoeven te doen. Weinig boeren zijn bereid grond in te leveren voor natuur.

Boeren hebben nog het meeste vertrouwen in de radicale boerenactiegroep Farmers Defence Force (48 procent) en landbouworganisatie LTO (41 procent). Ook de rol van de consument wordt als gematigd positief beoordeeld door boeren.

Uit de enquête blijkt ook dat er een kloof is tussen hoe boeren en burgers tegen elkaar en tegen de landbouw aankijken. Zo denkt driekwart van de veehouders dat de meerderheid van de Nederlanders achter de boerenprotesten staat. In werkelijkheid is dat maar 38 procent. De helft van de burgers in de steekproef vindt dat de veestapel moet inkrimpen. Van de veeboeren zelf vindt maar 12 procent dat.

null Beeld

Burgers maken zich ook meer dan boeren zorgen over de klimaatverandering. Ruim driekwart van de burgers is daar bezorgd over, tegen 56 procent van de veeboeren. Over de schadelijke gevolgen van stikstof zijn burgers (67 procent) ook veel bezorgder dan boeren (25 procent).

Nog maar 4 procent van de boeren zou op het CDA stemmen. Derk Boswijk, sinds een half jaar CDA-landbouwwoordvoerder, wil ze terugwinnen. ‘Ik heb de boeren niet opgegeven. En ik weet zeker dat de boeren ons ook niet hebben opgegeven.’ Lees het hele interview hier.

Bij de vraag naar het stemgedrag van boeren eindigt de SGP na de BBB op de tweede plaats met 8 procent van de stemmen. De neergang van het CDA is opmerkelijk, omdat deze partij decennia lang gold als belangenbehartiger bij uitstek van de boeren. In de 23 kabinetten sinds 1960 leverde het CDA 19 ministers van Landbouw. Van 1959 tot 1994 waren alle ministers van Landbouw afkomstig van CDA-huize (inclusief ministers van partijen die later opgingen in het CDA). Bij de laatste verkiezingen behaalde de BBB van Caroline van der Plas 1 zetel in de Tweede Kamer. In recente peilingen van Maurice de Hond staat de BBB op 7 zetels. Dat komt neer op 490 duizend stemmen.

CDA-landbouwwoordvoerder Derk Boswijk vindt het gebrek aan vertrouwen van boeren in de politiek schokkend. ‘Maar het verbaast mij ook niet echt.’ Volgens Boswijk wordt landelijk te veel generiek beleid gevoerd dat in de praktijk moeilijk uitvoerbaar is.

Dat het CDA een groot deel van de boerenstemmen kwijt is, wijt Boswijk vooral aan de polarisatie van het debat over de landbouw in Nederland. Daarin wordt het CDA volgens hem door radicale boerenactiegroepen en de BBB consequent als vijand van de boeren neergezet.

Meer over