Vertalers moeten op veel dingen tegelijk letten

Vertalers moeten op meer letten dan alleen de tekst, merkte Arjan Peters aan artikelen over Murakami en Schulz.

null Beeld Eva Roefs en Io Cooman
Beeld Eva Roefs en Io Cooman

Vertalers moeten op veel dingen tegelijk letten. Niet alleen op de tekst. In Willingly (Filter/AFdH uitgevers; euro 15,-), samengesteld door Caroline Meijer uit de online columnrubriek van het vertaaltijdschrift Filter, las ik een sterk staaltje over Haruki Murakami. Diens grote roman The Wind-Up Bird Chronicle kon in 1997 verschijnen in de Engelse vertaling van Jay Rubin, nadat die op last van uitgever Knopf ongeveer 25 duizend woorden uit het origineel had geschrapt. Dat is me nogal een inkorting.

Daar staat tegenover dat diezelfde Rubin soms iets aan de tekst van Murakami toevoegt. In de Japanse editie van de roman Norwegian Wood staat dat de hoofdpersoon in Tokio bij station Yotsuya uitstapt.

Zo zegt de Nederlandse vertaling het ook: 'station Yotsuya'.

Maar wat zegt de Amerikaanse versie: 'Yotsuya, where the green embankment makes for a nice place to walk by the old castle moat', wat waar is, je kunt daar langs een kasteelgracht kuieren, maar deze toeristische informatie komt niet uit de koker van de auteur.

Vertalers moeten ook op dialecten letten. In Murakami's verhaal 'Yesterday' spreekt de hoofdfiguur Kansaidialect, waardoor hij een bizarre indruk maakt zodra hij zijn mond opendoet. Murakami-vertaler Jacques Westerhoven koos eerst voor een Antwerps dialect, maar dat vonden ze bij uitgeverij Atlas Contact té bizar.

Samen met vertaalster Elbrich Fennema kwam hij toen op spreektaal ('Wat zou je d'r van zeggen om 's met z'n drieën af te spreken?'), aangelengd met twee verzonnen woordjes van Fennema, te weten 'kets' en 'sjompel'.

Dat leek de uitgever bizar genoeg. Westerhoven niet, en mij ook niet.

Vertalers moeten bovendien op zichzelf letten. In het Tijdschrift voor Slavische Literatuur (nr. 78; euro 9,-) blikken vertalers terug op hun debuut. Terecht wordt van Gerard Rasch gememoreerd dat hij zijn prachtige vertaling uit 1972 van De kaneelwinkels van Bruno Schulz 23 jaar later toch geheel wilde overdoen.

Subtiel specimen. Schulz in de versie Rasch-1972, over het licht in de kamer als de linnen rolgordijnen waren neergelaten: 'terwijl al de hitte van de dag neersloeg op de gordijnen die zachtjes golfden in de dromen van het middaguur'.

En in de versie Rasch-1995: 'terwijl alle hitte van de dag neersloeg in de gordijnen, die zachtjes golfden van de dromen in het middaguur'.

Ja, de dromen zelf laten de gordijnen golven! Na 23 jaar was Rasch net zo zinnelijk geworden als de Poolse grootheid die hij vertaalde.

Meer over