Verstild glas in een verstilde omgeving

BURGHSLUIS OP Schouwen-Duiveland doopt de kwast in het typerende Hollands palet: fel oranje pannendaken, groen land en een strakblauw zwerk....

Drie jaar geleden kon een makelaar in Zierikzee het echtpaar Frijns onmiddellijk uit de brand helpen met hun verzoek om een boerderij en twee hectare grond. Die boerderij, gelegen aan een doodlopend dijkweggetje, was zo ongeveer net ontruimd. Gebouwd vlak na de watersnoodramp, en de laatste jaren in gebruik als vakantiecentrum. Er stonden caravans in de voormalige boerenschuur, en er lag spelmateriaal opgeslagen om regenachtige dagen door te komen.

Die schuur, dat was een begrijpelijk verzoek, want Bert Frijns moest ergens zijn zes ovens stallen. En de speciale zandstraalmachine, om nog maar te zwijgen van de voorraad glasplaten waarop een gemiddelde glashandel jaloers zou zijn. Maar die twee hectare? Daarop grazen een paar koeien en schapen, staan kippenhokken - de hobby van Bert - terwijl zijn vrouw Hélène de moestuin en boomgaard voor haar rekening neemt. Zo kunnen ze in hun eigen levensbehoeften voorzien. Frijns: 'Een koe, daar eten we anderhalf jaar van.' Er staan dan ook drie vrieskasten om het vlees te bergen.

Hoe hij zichzelf noemt, zeg maar, de paspoortdefinitie? Hij wijst op de catalogus van zijn werk: Bert Frijns/Glas. Zo dus. Zijn echtgenote vult aan: 'Volgens mij staat er nog steeds glasvormgever in je paspoort.' Van een vermelding in de Gouden Gids heeft hij indertijd maar afgezien: er zou eens iemand kunnen bellen met de vraag of Frijns een ruitje komt inzetten. Toch is een enkeling wel eens met een gebroken lampekapje het erf opgelopen. Schuurpapier genoeg, immers.

Hiervoor werkte en woonde het echtpaar Frijns twee jaar in Frankrijk, tot ze besloten definitief in Nederland te settelen. Frankrijk, dat was te stoffig en er was geen druppel water. Dat nu is juist de rijkdom van Schouwen, het Zeeuwse water rondom en een heldere lucht. Het is dezelfde transparantie die terugkeert in zijn werk: ijle vazen en kommen, zo ijl dat ze bijna als zeepbellen lijken te knappen. Alleen kristal, vermoedt hij, spiegelt nog iets meer dan zijn glas.

In het Haags Gemeentemuseum is nu een tentoonstelling van Frijns' werk ingericht. Vier jaar voorbereidingstijd heeft het hem gekost om zestig stuks te fabriceren; dat het zo lang heeft geduurd komt ook, zegt hij, doordat Rudi Fuchs vertrok en zijn opvolger niet een, twee, drie aantrad. Of hij produktief is? Hij weet het niet zo. 'Een geslaagde vaas maak je niet in een dag. Daar gaan weken van experimenteren aan vooraf. Veel hangt af van het toeval dat er iets uit de oven komt waar je tevreden over bent. Maar driekwart gooi ik weg.' Hij lacht. De glasbak moet een dankbare afnemer zijn van de hoop glas die de goedkeuring van de kunstenaar niet heeft kunnen verwerven.

Frijns is de enige in Nederland die vazen, kommen en schalen vormt uit vlakglas, het doodgewone vensterglas. De rest van de glasvormgevers blaast. Hij tast in het verleden. 'Ik ben begonnen met beeldhouwen, en aan het eind van mijn opleiding op de Rietveldacademie dacht ik: ik heb van alle materialen glas nog niet gedaan.'

Frijns is er nooit meer van af gekomen. Het hakken en beitelen bij beeldhouwen komt hem nu te langdradig en te vervelend voor. 'Weet je nog dat ik duf van dat beeldhouwen werd?' zegt hij tegen zijn vrouw. 'Zo'n brok steen, dat duurt zo lang. Ik verplaats me in Freek de Jonge die aan een stuk door ratelt. Dan is er altijd wel een grap bij. Bij glas zie je onmiddellijk het resultaat. Je haalt de mal de volgende morgen uit de oven en gaat ermee aan de slag.' Zijn vrouw: 'Toch stel je dat afwerkproces ook wel uit.' Frijns: 'Zo'n expositie dwingt me gelukkig een ritme op te bouwen.'

Zijn signatuur is herkenbaar: eenvoudig, op het minimale af, kleurloos en geometrisch. Zijn eerste ontwerp was een omgevouwen hoekje van een glasplaat. 'Wat mij nu bijvoorbeeld interesseert is hoe je seriematige objecten kunt maken: heet, heter, heetst. Of scheef, schever, scheefst. Het verschil kan in twee graden oventemperatuur zitten of een vaas iets schever dan de vorige is.'

Bij 1200 graden druipt het glas als pudding - nee, als honing, verbetert hij - uit de mal. 'Hangt ervan af hoeveel soda er in het glas zit. Met veel soda erin ligt het maximum op 900 graden.' Die mallen, toont hij even later in zijn atelier, zijn vuurvaste platen waarin een cirkel is uitgespaard. Daarop legt hij het vensterglas, dat door verhitting geleidelijk aan door het gat begint te zakken. Het resultaat is een soort kegel die qua vorm vergelijkbaar is met de oranje plastic wegafzetting. De vierkante rand snijdt hij weg, en als de vorm hem bevalt, gaat hij de rand polijsten. Er hangt een indrukwekkende verzameling schuurbanden aan een stang.

'Dat ik ook van de beeldhouwkunst ben afgestapt, komt doordat ik niks heb met die ingewikkelde vormen. Arp, Moore, Hepworth, sorry dat ik het zeg, maar ze maken zulke psychisch gestoorde modellen. Het ligt er zo dik bovenop dat ze gedacht hebben: laat ik eens wat origineels maken. Ik keer liever terug naar oeroude vormen als de cirkel en het vat, en dat vind ik eigenlijk voldoende.'

ZIJN RUSTIGE schalen wekken associaties met Japanse vormgeving, maar Frijns wil zelf nog een stap verder in de geschiedenis gaan, naar Tibet, het boeddhisme, waar de Japanse cultuur weer van is afgeleid. 'Wat ik ook spannend vind is de Arabische cultuur: dat je midden in de Sahara een kasteel van een pure architectuur aantreft. Trouwens, een lap groen of een plas water in de dorre woestijn: wat me fascineert is dat het in die omgeving nòg groener en spiegelender wordt.'

Zelf zoekt hij dat contrast door zijn vazen en kommen op een natuurstenen sokkel te plaatsen, soms niet meer dan een leitje, waar het glas als het ware overheen druipt. In andere vazen giet hij een laag water, transparantie versus transparantie.

'Voor de binnenplaats van Fort Asperen bij Leerdam maakte ik in 1986 een reusachtige spiegelende schaal waarop ik aanvankelijk een straal water wilde laten plonzen. Dat leek me mooi, die ruwe muren naast die spiegelende schaal en dan ook nog dat water. Uiteindelijk bracht ik die straal terug tot een druppel, die af en toe in de schaal viel.'

Reductie tot het minimum, dat is de kunst die Frijns tot in de finesses beheerst. De schaal is verloren gegaan, lezen we in de catalogus bij de tentoonstelling. 'Later wilden we 'm neerzetten onder de kerktoren van Wijk bij Duurstede. Ik had het idee er nevel op te laten neerslaan. Maar toen we 'm wilden installeren, knapte hij. Nou ja, hij had zijn functie gehad.'

De meeste vooraanstaande musea hebben zijn schalen en vazen gekocht, maar een belangrijke schakel vormt Kunst & Bedrijf dat de fragiele glaskunst plaatst in kantoren. Een enkele particulier verzamelt Frijns - 'ik ken iemand met een reusachtige hal waarin drie stukken van mij staan' - hoewel hij er niet aan moet denken voorwerp te worden van een kunstenaars-fascinatie. 'Voor je het weet word je ingelijfd door een verzamelaar.'

Van de meer barokke stromingen in het glas, beoefend door een kunstenaar als Jeff Koons of een architect als Borek Sipek, moet hij niets hebben. 'Stuurt iemand als Sipek niet gewoon schetsen op naar een glasblaas-atelier? Moet ik naar het Groninger Museum?' Zijn gelaatsuitdrukking verraadt dat hij niet zo nodig hoeft. Zoals hij ook nog geen gehoor heeft gegeven aan een verzoek om in Tsjechië glas te bewerken. Nee, goed beschouwd is de expositie in het Haags Gemeentemuseum precies wat hem voor ogen staat: verstild glas in een verstilde omgeving.

Er vliegt een zeemeeuw over met een krab in zijn snavel. Met storm, zegt zijn vrouw, stuift het zout over de dijk. Die elementen zouden ze niet willen missen. 'Dat je in Amsterdam nooit van je kunt afkijken, dat vind ik zo'n bezwaar. . .' De natuur is dan ook vanzelfsprekend gezelschap voor zijn vazen. In zijn schuur mijmert hij bij een langwerpige stolp - kunst in wording - hoe hij de damp daarbinnen wil laten neerslaan.

'In de top moet nog een deukje, zodat de condens gaat druppelen. Wat ik ook mooi vind is als je een vaas in de tuin zet en je er de volgende morgen een slakkespoor op ziet.' Kleine inbreuken op het zuivere glas. De tuin kan bijna niet meer wachten totdat de stukken uit het museum terug zijn.

Jaap Huisman

Tentoonstelling Bert Frijns - Glas, Haags Gemeentemuseum, Stadhouderslaan 41, Den Haag,

tot 3 september.

Meer over