Vernieuwd Boijmans wil een werkplaats worden

Ze lopen anders, praten anders, kijken zelfs anders. Als bezoekers op de maan - met vertraagde, slome passen - zo beweegt het tweetal door de helverlichte Bodon-zaal van museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam....

Van onze verslaggeefster Anne van Driel

'Kijk', zegt de één, wijzend op de witte wanden: 'Zie jij ook gele en paarse bloempatronen?'.

De ander houdt de ogen dicht, en zucht: 'Ik zie rood en groen.'

De Light Corner van Carsten Höller mist zijn uitwerking op de zintuigen niet. Vrijwel leeg liet de Duitse kunstenaar de enorme zaal die hij in Boijmans tot zijn beschikking kreeg, alleen in een hoek plaatste hij twee grote panelen. 3456 Gloeilampen zijn daarop bevestigd, die aan- en uitknipperen met een pulserend ritme van 7,8 Hertz. Precies die frequentie kan een hersenactiviteit uitlokken die hallucinaties voortbrengt: gele en blauwe kleurvisoenen op de muren; rode en groene wanneer je je ogen sluit.

Met het lichtkanon van Carsten Höller luidt museum Boijmans alvast zijn toekomst in. Vroegtijdig, want de jarenlang vertraagde nieuwbouw wordt pas in het voorjaar van 2003 officieel geopend, en ook de definitieve herinrichting van de collectie is nog niet af. Net als bij andere her- en verbouwende musea in Nederland is de nieuwbouw voor Boijmans dé aanleiding om zich op zijn positie te herbezinnen. En net als het Stedelijk Museum in Amsterdam (waar de komende tijd publiekelijk geëxperimenteerd gaat worden met de inrichting van de zalen) licht ook Boijmans al een tipje van de sluier op.

'Wordt het museum een archief voor tijdloze kunstwerken? Of richt het zich op hic et nunc-belevingen en spektakel?', vroeg directeur Chris Dercon zich vrijdag bij de opening van Buiten Zinnen af. Zeven deeltentoonstellingen geven het antwoord: allebei. Want Buiten Zinnen toont een theoretisch doorwrochte installatie die Sarat Maharaj (mede-organisator van de aankomende Dokumenta) en typograaf/onderzoeker Ecke Bonk maakten als antwoord op Duchamp. Maar ook een collectie lp's, door kunstenaars vormgegeven.

Er is een drie-dimensionale presentatie van het kunstboek dat Boijmans binnenkort onder 13 duizend Rotterdamse jongeren verspreidt, (rappers gaan rondleidingen geven langs de door kinderen geselecteerde werken), maar er zijn ook de poezelige schaamlippen-knuffels van Lidy Schouten, en ander suikerzoet werk van kunstenaars uit Rotterdam.

'Een museum dat buiten de perken treedt', zegt Dercon, 'dat is waarvan we hier in Rotterdam dromen'. En vooral: 'Een museum dat als laboratorium, als werkplaats fungeert. We vragen kunstenaars, wetenschappers en curatoren om in het museum te experimenteren'. Zoals Carsten Höller, met zijn reuzenstroboscoop. En zoals Maurizio Cattalan.

De Italiaan (die in Polen een parlementaire crisis veroorzaakte met zijn beeld van de paus, verpletterd onder een meteoriet), jaagt de schoolklas op de afdeling Oude Kunst de stuipen op het lijf. Daar steekt een levensechte replica van hemzelf het hoofd nieuwsgierig boven de vloer uit - vanuit een groot gat dat Cattelan in het plafond van de garderobe brak.

'Het geeft aan hoeveel moeite het bezoekers kost zich onderdeel van het museum te voelen, geen buitenstaander', zegt Cattalan. 'Een direct begrijpelijk beeld', vult Rein Wolfs, kersvers hoofd Tentoonstellingen aan, 'dat commentaar levert op onze collectie. Oud en nieuw combineren, dat gaan we in Boijmans vaker doen: een animatiefilm van William Kentridge wordt ook bij Oude Kunst getoond. Op het plafond.'

Een toegankelijk museum, met toegankelijker kunst. Dat zal, vermoedt Dercon, zélf hartstochtelijk theoreticus, steeds meer praktijk worden in Boijmans. Dat komt door zijn nieuwe conservatoren, die meer dan hij 'op zinnelijke kunst' zijn gespitst. En dat komt door de kunst. Dercon: 'Die is nu fel-realistisch. In de zin dat kunstenaars direct in de werkelijkheid werken. En in mimetische zin, zoals bij Cattelan.'

Hij verwijst naar het onderdeel Weke Delen, waar Rotterdamse kunstenaars op de kleffe en kwetsbare kanten van het bestaan ingaan. The Cookery Club toont er sculpturen van suiker, gebrouwen in een laboratoriumpje in de kelder van Boijmans. 'We hebben het vak geleerd van een Tunesische meestersuikerblazer in Leiden', zegt Sander Diks. 'Maar we zullen wel nooit opgenomen worden in het suikersgilde', zegt Liz Chute. Nieren, harten en darmen, bliezen zij. De organen zullen tijdens de tentoonstelling tot stroop vergaan.

Meer over