Verknocht aan de kuil

De ongeveer honderd mensen die camping De Berekuil in Utrecht permanent bewonen, kregen in oktober te horen dat ze nog voor de zomer voorgoed van de camping moeten vertrekken om plaats te maken voor een modern vakantiepark....

Ons huis

Diana (43) en Marcel (48), hij heeft een vloerenbedrijf. Ze wonen al twaalf jaar op De Berekuil, waar ze een ‘goed onderhouden dubbel chalet met schitterende tuin’ hebben. Diana is gek van haar hondjes, Marcel is regelmatig met een hengel langs de waterkant te vinden. ‘We willen hier echt niet weg, het chalet is ons huis en de camping onze buurt.’

Niet in een hokje

Fred (44) is steigerbouwer. ‘Mensen zeggen: ‘Je kunt toch niet eeuwig in een caravan leven?’ Hoezo niet? Het wordt al honderd miljoen jaar gedaan. Ik ga niet in een hokje van twee bij drie zitten, daar heb ik niet mijn hele leven voor gewerkt.’ Via zijn broer, die al op De Berekuil woonde, kwam Fred er in 2001 terecht. Zijn relatie was voorbij en hij moest zijn huis uit. Hij klopte aan bij de gemeente. ‘Daar zei iemand tegen me: ‘Slaap maar in je auto.’ Het werd geen auto, maar een chalet. Fred huurde het met het idee er niet lang te blijven. Maar drie jaar geleden kocht Fred zijn chalet, en nu wil hij er voor geen goud meer weg. ‘Het leven op de camping is een makkelijk leven; zodra het zonnetje schijnt, zit je buiten en iedereen helpt elkaar.’ En verplicht vertrekken? Net als veel van zijn vrienden blijft hij gewoon zitten. ‘Ook al staan de bulldozers voor de deur.’

Kleintje

Filip (61), eigenaar van een kledingzaak, woont van 1 april tot 1 oktober op De Berekuil. De rest van het jaar mag hij er niet overnachten. Hij kocht twintig jaar geleden ‘een kleintje’: een klein aluminium huisje. Toen dat op was, zette hij een nieuw, groter chalet op zijn plek. Buiten het seizoen woont hij in de stad, boven zijn winkel, en komt hij regelmatig naar de camping om zijn tuin netjes te houden. De buurman zorgt dan voor zijn vissen, die er het hele jaar wonen. En wat straks? ‘Dan is het afgelopen met wonen op de camping. Ik ga niet meer ergens anders heen.’

Buitenkans

Renso (32) werkt als begeleider van autisten. In het begin had hij moeite om in te burgeren in De Berekuil. ‘Maar ik hield het zelf ook wel een beetje af. Voor een biertje ga ik toch eerder naar de stad dan naar het café hier op de camping. Als je een beetje doortrapt ben je er op de fiets in 5 minuten.’ Renso kon zeven jaar geleden het chalet van zijn familie betrekken. ‘Dat was voor mij echt een buitenkans. Een eigen huisje met een eigen tuintje. Kijk naar buiten en je ziet de bloembollen alweer opkomen.’ De dreigende ontruiming vervult hem met zorg. ‘Je huisje is je veiligheid. Als dat onzeker wordt, geeft dat geen prettig gevoel.’

Pied-à-terre

Riekje (44), op de foto met haar dochters Naomi (7) en Eva (9), kocht acht jaar geleden met haar Italiaanse vriend Max hun chalet op De Berekuil. Ze woonden in het Italiaanse Livigno, waar ze skispullen verhuren en verkopen. Riekje: ‘We wilden een pied à terre in Nederland.’ Maar de Italiaanse school waar Eva in 2004 voor het eerst naartoe ging, was ‘een drama’. Riekje en de kinderen wonen sindsdien hier, Max bleef in de sneeuw achter en voegt zich ‘s zomers bij zijn gezin. Riekje werkt dan als gids. ‘Na een drukke dag toeristen rondleiden in Amsterdam is het heerlijk thuiskomen hier, met alleen het geluid van vogels, hardlopers en paarden.’

Pijn

Adje (44) heeft een klus- en hoveniersbedrijf, Francien (‘net 50’) ‘de lekkerste koffie van De Berekuil’. Opgegroeid op campings, kwam Adje twaalf jaar geleden hier terecht. Francien woont er nu een jaar. Adje: ‘Ik was van huis uit gewend de helft van het jaar op een camping te wonen en de andere helft in een huis.’ Hij roemt de vrijheid en de sociale contacten die bewoners hier hebben. ‘Die kan ik in een huis niet vinden. Als ik om 2 uur ’s nachts keihard muziek aan wil zetten, kan dat. En als ik een rondje over de camping loop en bij iedereen die het aanbiedt een biertje zou drinken, was ik op de helft al dronken.’ Na jaren van verbouwen en investeren is hun chalet nu precies zoals ze het wilden hebben. Adje: ‘Als ik hier weg moet, ga ik niet alleen met pijn in mijn hart, maar ook met pijn in mijn rug van het verbouwen.’ Maar liever blijft hij: ‘Wat ik zou willen, is hier oud worden.’

Berenmaskers

Student psychologie Geertje (27) woont vijf jaar in De Berekuil en was de drijvende kracht achter deze fotoserie. ‘Ik zag zo veel verdriet en zo veel angst. Veel mensen wonen hier al jaren en dreigen nu hun thuis en hun investering kwijt te raken.’ Na de vooral negatieve berichten die over De Berekuil naar buiten zijn gekomen, wilde ze de bewoners op een positieve manier laten zien. ‘Wanneer ze voor de foto een masker op kregen, veranderden ze een beetje. Ze gingen anders bewegen en doen. Elke beer kreeg zo zijn eigen karakter in het sprookje.’

Rust

De liefde bracht marktkoopman Claus (48) vijftien jaar geleden naar Nederland. Hij woonde in Spanje en leerde een ‘Nederlandse meid’ kennen. ‘In de zomer zijn we hier in een caravan getrokken. Ik had mijn hele leven in huizen gewoond, maar dit was het allermooiste.’ Toch ging Claus een paar maanden geleden weg. Zijn toercaravan heeft hij verkocht. ‘Ik moet een beetje rust in mijn hoofd hebben. Voor mij was het minder moeilijk om weg te gaan, omdat ik mijn caravan gewoon kon verkopen; die is niet aan een plaats gebonden.’ Hij kreeg een tweekamerflat aangeboden en dacht: ik ga maar. Maar het leven in zijn flat bevalt hem tot nu toe slecht. ‘Het tocht en op het balkon past net één stoel. En dan kijk je uit op de parkeerplaats.’

Meer over