Verhullend

Abram de Swaan geeft in Het Betoog van zaterdag 30 april een scherpe en genuanceerde analyse van de gevoeligheden in het Midden-Oostendebat....

Maar deze genuanceerdheid leidt in één geval tot verhullend taalgebruik, dat de kern van het conflict tussen Israël en de Palestijnen raakt en een oplossing in de weg staat. De Swaan stelt: 'de politieke aanspraak die op de holocaust terug grijpt, is eens en vooral afgelost: door de stichting van de staat Israël'.

Maar de schuldigen hebben met de stichting van Israël helemaal niets afgelost. Ze hebben de Arabieren, die met de holocaust niets te maken hadden, daartoe gedwongen. Degenen die deze dwang hebben uitgeoefend - schuldigen, medeschuldigen, betrokkenen, buitenstaanders - wilden zelf geen schuld aflossen, althans niet als dat wezenlijke offers betekende. Denk aan de wijze waarop de joden die terugkeerden uit de concentratiekampen in ons land zijn bejegend.

Europa en de Verenigde Staten hebben een nieuwe schuld opgebouwd bij de Arabieren. Als wij dit niet toegeven is het voor de Arabieren onmogelijk om de legitimiteit van het bestaan van Israël te erkennen. Immers, dat zou betekenen dat de Arabische landen een schuld aan de joden hadden en dat de dwang die schuld af te lossen terecht is geweest.

Ik suggereer niet dat De Swaan dit bedoelt, maar deze interpretatie van zijn bijdrage ligt voor aanhangers van Israël wel voor de hand. Ik voor mijzelf accepteer dat wij onze steun aan de joodse staat hebben gegeven, dat miljoenen daar een leven hebben opgebouwd, en dat Europa en de VS medeverantwoordelijkheid moeten nemen voor het voortbestaan van Israël, binnen de grenzen van 1947. Maar deze steun aan Israël zien als het aflossen van een schuld en daarmee als een manifestatie van morele superioriteit ten opzichte van de slachtoffers van ons schuldbesef (die Israël, zeker buiten de grenzen van 1947, niet accepteren) is de wereld op zijn kop zetten.

Meer over