Verenigde Staten Zo zelfredzaam als de oude pioniers

De euro staat op springen, sommige landen verlangen terug naar hun eigen munt. Welke band hebben mensen eigenlijk met hun geld?...

Van de Amerikaanse dollar kan veel worden gezegd, maar niet dat de groenige, vaak groezelige biljetten mooi zijn. Dat is nóg een reden om van BerkShares te houden, zegt Susan Witt. De lokale geldeenheid in de Amerikaanse Berkshire-regio is gedrukt op stevig papier, en zo kleurrijk als Monopolygeld: een palet voor de teken- en schilderkunst van lokale talenten.

De biljetten van één, vijf, tien, twintig en vijftig BerkShares zijn bovendien voorzien van een inspirerend lijstje: ‘Gemeenschap. Economie. Ecologie. Duurzaamheid.’

‘Lokaal geld is een manier om bij elkaar betrokken te zijn’, zegt Witt. De 64-jarige initiatiefneemster is een econome met de geest van een wetenschapper en de oogopslag van de activiste. ‘We bouwen zo een nieuwe, lokale, sterke en stabiele economie.’

De Fransman Jean-Francois Bizalion, in wiens koffie- en lunchhuis we een broodje eten, stemt in. Hij aanvaardt de BerkShares graag als betaalmiddel; in zijn kassa hebben de biljetten een eigen vakje. Van de klanten betaalt 10 tot 15 procent met de alternatieve munt, schat hij . ‘Ik ben er helemaal voor. Zo houden we het dicht bij onszelf.’

Susan Witt beheert het Nieuw Economisch Instituut, een ‘denk- en doe-tank’ op ruim twee uur rijden van New York. Het kleine complex van panden is fotogeniek gesitueerd in de groene velden buiten het plaatsje Great Barrington. De bergachtige, onder toeristen populaire regio in het westen van de staat Massachusetts heet de Berkshires. Door één letter te wijzigen ontstond de toepasselijke naam BerkShare (share betekent aandeel).

Het idee van een lokale munt liet de meeste mensen in de omgeving aanvankelijk koud, of trof ze als ludiek. Maar Witt en haar handlangers denken al decennia over kleinschaligheid en duurzaamheid, en over de waarde van lokale handel in een wereld die almaar mondialiseert. De eerste communautaire boerderij in de VS ligt niet toevallig pal naast het instituut. Witt was een van de grondleggers van een systeem van microkrediet in de streek.

In 2006 besloten ze om hun filosofie aan een lokale munt te koppelen. De zelfredzaamheid van de Amerikaanse pioniers was verloren gegaan met de monetaire eenwording, zegt Witt. ‘Ons punt was niet dat we ons zorgen moesten maken over de instorting van de dollar. We maakten ons zorgen over het ontstane mysterie: niemand wist meer wat geld precies was, hoe het werkte.’

Na een trage start werd de BerkShare in 2008 volwassen. Sinds de financiële crisis en de Grote Recessie worden volgens Witt gelukkig vraagtekens gezet bij de wijsheid van een centraal, onpersoonlijk en voor velen onbegrijpelijk financieel systeem.

De BerkShares zijn eenvoudig. Het is uitsluitend contant geld en kan alleen worden uitgegeven bij zo’n zeshonderd bedrijven en instellingen. Geen creditcardschulden en -premies, geen geweigerde cheques, geen rood staan, speculatie en rente.

De vaste wisselkoers is één op één, maar je betaalt slechts 95 dollarcent voor een BerkShare. De consument krijgt een aanmoedigingkorting van vijf cent; die 5 procent verlies ‘aborbeert’ de verkoper van een taart, kapbeurt of kunstwerk, maar alleen als hij de Berkshares weer voor dollars inwisselt. De vijf cent is in wezen een aanmoediging voor de ondernemers om de BerkShares in roulatie te houden.

Momenteel zijn er 135 duizend BerkShares in omloop, die mensen bij vijf deelnemende, lokale banken kunnen inwisselen. Zij geven het experiment legitimiteit en een officiële glans.

De lokale munt is gewoon onderdeel van de dagelijkse boekhouding, zegt Anita Diller van de Pittsfield Cooperative Bank aan de drukke Main Street in Great Barrington. ‘De federale toezichthouders keken eerst een beetje vreemd.’ Het is een ‘dienst aan de gemeenschap’, zegt Diller, want haar bank verdient er niets aan. Maar het is ook positief om met de BerkShares geassocieerd te worden, want de munt is populair en geliefd in deze progressief gezinde vakantieregio.

Kaasboeren, fietsenmakers, restauranthouders: iedereen is te spreken over het idee om handel en producten zo veel mogelijk in eigen kring te houden. De meeste belangstelling en betrokkenheid komt niet van idealistische salonsocialisten, ‘zoals je zou verwachten’, zegt Witt. Juist hardwerkende lieden in de arbeidersklasse, ‘permanent bedreigd door werkloosheid’, hebben de BerkShare omhelsd. Zij zien dat het geld leidt tot investeringen en werk in de directe omgeving.

Van trots op, of een emotionele verbintenis met de dollar was volgens Witt toch al geen sprake in deze streek niet ver van Wall Street. Alleen de gemaksfactor telde. Sommige critici vinden het onhandig om dollars én BerkShares in hun portemonnee mee te dragen. Het is te veel moeite om te onthouden waar de lokale eenheid wordt aanvaard. Met een blik vol ergernis: ‘Ongemak? Dat is de oorlog in Irak. De financiële crisis.’

En de kritiek dat de streek zich naar binnen keert, weg van het land en de wereld? ‘Wij zijn filosofisch tegen het idee van een hek rond de regio en provincialisme’, zegt zij. ‘We hebben im- en export nodig. Maar het systeem en het geld zijn te onpersoonlijk geworden.’

Berkshares, Ithaca Hours en Bay Bucks
Lokale munteenheden waren gebruikelijk in de VS totdat in 1913 het landelijke netwerk van centrale banken werd gecreëerd met de Federal Reserve. Sindsdien zijn regionale valuta toegestaan, zolang ze de dollar niet vervangen. Tijdens de Grote Depressie van de jaren dertig waren duizenden lokale munten in omloop. Het moeten biljetten zijn; eigen munten slaan, mag niet. Maar de dollarmunten – die er nog steeds wel zijn – sloegen nooit aan.

De oudste moderne, nog steeds gebruikte eenheid ontstond in 1991 in de stad Ithaca, New York. Ithaca Hours (uren) zijn in feite 10-dollarbiljetten. 10 dollar per uur is het gemiddelde uurloon in de streek. Er zijn 110 duizend Hours gedrukt.

Sinds 2002 rouleren in de staat Michigan 99 duizend Bay Bucks. Net als de BerkShare zijn ze gekoppeld aan de dollar: één Buck is één dollar.

Meer over