Velswijk houdt na 600 uur verzet zijn schooltje

Veel kleine dorpsscholen worden met sluiting bedreigd. Als ouders zelf een oplossing vinden, moet het goed komen. Toch?

Rob Tomesen voor de openbare basisschool in Velswijk, die na een kleine 600 uur strijd en meer dan drieduizend e-mails openblijft. Beeld Marcel van den Bergh
Rob Tomesen voor de openbare basisschool in Velswijk, die na een kleine 600 uur strijd en meer dan drieduizend e-mails openblijft.Beeld Marcel van den Bergh

Hier klopt iets niet, dacht Rob Tomesen. Het was 22 mei 2014 en hij zat met circa vijftig andere ouders in de hal van het schoolgebouwtje. Daar keken ze hoe Theo Huting naar een tabel wees die op de muur werd geprojecteerd.

Dit is de nieuwste prognose van het aantal leerlingen, zei de bestuurder-directeur van IJsselgraaf, de stichting die de school runde. De prognose vertoonde een neerwaartse trend. Kijk, zei Huting, in 2013 telde de openbare basisschool Velswijk nog 58 leerlingen, in 2014 eentje minder en straks in 2017 zullen het er nog maar 49 zijn. Daarna liep het verder af, naar 44 in 2020.

Tomesen vermoedde waar dit heen ging. Voordat hij zijn zoon Luuk hier had ingeschreven - een maand of drie eerder - had hij de teamleider gevraagd of de school zou blijven bestaan. Ja hoor, had die gezegd, niets aan de hand.

En nu? Nu stond de directeur-bestuurder hier met zijn powerpointpresentatie, met op de laatste sheet die akelig zakelijk geformuleerde regel: 'OBS Velswijk sluit per 1 augustus 2016'.

Een paar moeders begonnen te snikken. En Tomesen dacht: dit laten we niet gebeuren.

----------

Bijeenkomsten als in Velswijk speelden zich de afgelopen jaren op schooltjes in heel Nederland af, vooral op het platteland. De oorzaak is vrijwel overal hetzelfde: krimp. Mensen sterven, mensen trekken weg, de aanwas is gering.

In de Achterhoek, waar Velswijk ligt, gaat het relatief hard. Tussen 2009 en 2013 sloten daar veertien scholen. Theo Huting nam al maatregelen. Hij en andere schoolbestuurders in de regio besloten welke schooltjes konden samengaan en in welke kern zo'n fusieschool zou moeten komen. Op die manier hoopten ze ervoor te zorgen dat kinderen ook over twintig jaar nog onderwijs in de buurt kunnen volgen.

Maar OBS Velswijk kwam niet meer in de plannen voor.

----------

Rob Tomesen, een jongensachtige veertiger, is een taaie. Bijt hij zich ergens in vast, dan laat hij niet los. Neem dat oude tolhuis aan de weg tussen Zelhem en Hummelo. Hij en zijn vriendin Marijke kochten het in 1997. Tomesen stripte het en bouwde het opnieuw op. Pas na ruim tien jaar trokken ze erin.

En nu had hij dus een nieuwe klus. Hij was niet van plan Luuk - en straks Siebe - jarenlang met de auto te brengen naar een dorp dat 4 of 5 kilometer verderop lag. Een kind moet dicht bij school wonen. Een kind moet zijn vriendjes in de buurt hebben.

Op de ochtend na de ouderavond belde Tomesen enkele juristen. Kon het zomaar, wat Huting had gedaan? Andere ouders namen contact op met de Vereniging Openbaar Onderwijs, de lokale politiek en een journalist van De Gelderlander.

Al gauw ontdekten ze dat stichting IJsselgraaf steken had laten vallen. Zo had de medezeggenschapsraad geen schriftelijke stukken gekregen en geen advies kunnen uitbrengen. Ook had IJsselgraaf toestemming van de gemeenteraad moeten hebben om de openbare school te sluiten.

Dat bood kansen, dacht Tomesen, maar ze moesten snel handelen. Ouders begonnen plannen te smeden op het plein. Waar gaat jouw kind heen? Heb je al op de school in Hummelo gekeken? Voor je het wist was een reddingsplan nutteloos.

----------

Ouders verzetten zich regelmatig tegen de sluiting van een school. De stichting Behoud Kleine Scholen registreert de aantallen niet, maar een gokje durft voorzitter Sonja Hofstee wel te wagen. 'Als het om de laatste school in een dorp gaat', zegt ze, 'ontstaat in 80 procent van de gevallen een ouderinitiatief.'

Meestal sluit de school alsnog. Begrijpelijk, want het is lastig voor ouders om weerstand te bieden. Besturen zijn machtige organisaties, de wet- en regelgeving is ingewikkeld.

'Je moet slim en vasthoudend zijn', zegt Hofstee. 'Je moet kunnen lobbyen, de politiek kunnen beïnvloeden. En je moet tijd hebben. Het is een dagtaak.'

Vaak loopt het protest snel in de soep. De medezeggenschapsraad (MR) van een school heeft instemmingsrecht bij een fusie en adviesrecht bij een sluiting. Maar soms weten de leden niet dat ze dwars kunnen liggen. Hofstee krijgt regelmatig telefoontjes van mensen die zeggen dat een dorp een school open wil houden, maar dat de MR al akkoord is. 'Dan kun je niets meer', zegt ze.

Sluitingen krimp scholen zet door
De afgelopen drie jaar nam het aantal basisschoolleerlingen in Nederland jaarlijks met circa 20 duizend af. Alleen al op 1 augustus 2014 sloten 101 scholen de deuren. 91 daarvan fuseerden met een andere school. Gemiddeld zaten er 62 leerlingen op die scholen.

In de Achterhoek gaat het hard. Daar daalt het aantal basisschoolleerlingen tussen 2010 en 2025 met eenderde. In de gemeente Bronckhorst, waarin Velswijk ligt, halveert het aantal leerlingen zelfs.

----------

Er was een maand verstreken sinds Rob Tomesen hoorde dat de school dicht moest en het oudercollectief had niet stil gezeten. Een oplossing leek in zicht. Op 24 juni 2014 organiseerden de ouders een bijeenkomst in D'n Draejer. Dit buurtschapshuis, naast de school, was een jaar eerder bijna gesloten maar ook toen was de gemeenschap in actie gekomen. Vrijwilligers hielden het open, zonder subsidie.

Die avond zei Theo Huting dat het ondenkbaar was dat zijn stichting de sleutels van de school zomaar zou overdragen aan een ander bestuur. Maar, zo vervolgde hij, IJsselgraaf was bereid mee te werken aan een oplossing.

Er volgde applaus.

Nu nam Franke Remerie het woord. De voorzitter van het college van bestuur van Stichting GelderVeste vertelde over de kleine scholen van zijn stichting, scholen die sinds een paar jaar geen directeuren meer hadden. Elke school heeft een onderwijskundig schoolleider, zei hij, die vooral met onderwijs bezig is. De rest van de taken, zoals personeelszaken en huisvesting, worden 'bovenschools' geregeld.

Positie ouders wordt sterker
Bij de dreigende sluiting van een school moet de rol van de ouders worden versterkt. Dat zei staatssecretaris van Onderwijs Sander Dekker eerder dit jaar. Zo wil hij de medezeggenschapsraad verplichten om de achterban te raadplegen voordat ze instemmen met een fusie of adviseren over een sluiting. Het expertisecentrum van de Stichting Onderwijsgeschillen komt binnenkort met een handreiking voor ouders die een alternatief willen aandragen voor de sluiting van een school.

Ook werken ze niet meer met jaarklassen bij de kleine scholen van GelderVeste, vertelde Remerie. Elk kind krijgt onderwijs op zijn niveau, in zijn tempo.

Er waren vragen. Hoe zat het met de identiteit? OBS Velswijk was openbaar, GelderVeste bezat alleen christelijke en algemeen bijzondere scholen.

Velswijk zou bij een overname kunnen verschieten van openbaar naar algemeen bijzonder onderwijs, zei Remerie. Als ze liever oecumenisch wilden worden, was dat ook prima. De aanwezigen gaven na afloop aan dat ze de bijeenkomst inspirerend en hoopvol hadden gevonden. En Theo Huting? Die zei dat hij het een bijzondere avond vond. Wij zullen ons best doen, voegde hij toe. Aan ons zal het niet liggen.

De ouders ontkurkten champagne. Rob Tomesen ging tevreden naar huis.

----------

Een week later opende Tomesen op zijn computer een brief van Huting. Stichting IJsselgraaf wilde aan een overdracht meewerken, schreef die, 'mits de juiste procedures worden gevolgd en regelgeving correct wordt nageleefd'.

En dat bleek dus lastig.

Een openbare school kon niet zomaar door een niet-openbaar bestuur worden overgenomen, schreef Huting. En veranderen van denominatie - van openbaar naar algemeen bijzonder - was onmogelijk. Huting wilde ook niet meewerken aan een constructie waarbij IJsselgraaf tijdelijk eigenaar zou blijven van de school en GelderVeste het onderwijs verzorgde. Hij deed niet aan 'houtje-touwtje-oplossingen', schreef hij.

Waarom krabbelde hij terug, vroeg Tomesen zich af. Waarom overlegde hij niet? Waarom dacht hij niet aan de kinderen? Het was een erezaak, dacht Tomesen. Huting kon niet verkroppen dat GelderVeste de school wél open kon houden, terwijl IJsselgraaf zei dat dat onmogelijk was.

Terwijl Tomesen in zijn werkkamer boze telefoontjes met juristen voerde, stapte een ontdane moeder de woning binnen. Even later zwaaide een ander lid van het oudercollectief de deur open. 'Het is oorlog', brieste hij.

Ze besloten naar school te gaan, denderden een overleg binnen dat Huting voerde met de docenten. Een verhit gesprek volgde, Tomesen sloeg een deur dicht en uiteindelijk beloofde Huting de mogelijkheden van een overdracht alsnog te onderzoeken.

Desalniettemin hoorde Tomesen kort daarna dat opnieuw een aantal kinderen zich had ingeschreven bij een andere school. Verdorie, dacht hij. Nou gaat Huting toch winnen.

----------

Terwijl het oudercollectief probeerde de schade te beperken, stuurde Huting vlak voor de zomervakantie een nieuwe brief. Ook die kwam voor Rob Tomesen als een volslagen verrassing. Stichting IJsselgraaf, las hij in de eerste zin, zou de school niet overdragen. Huting wilde niet dat GelderVeste ook openbaar onderwijs zou gaan aanbieden. 'Wellicht kunt u begrijpen dat dit vanuit het oogpunt van concurrentie voor IJsselgraaf een onverantwoorde stap zou zijn.'

Concurrentie, dacht Tomesen, draaide het nu opeens om concurrentie? Vond Huting zijn stichting belangrijker dan deze kinderen? Was zijn stichting belangrijker dan de leefbaarheid van het dorp?

Huting beloofde in de brief wel de ondergrens van 50 leerlingen los te laten. Daardoor zou de school langer dan tot 1 augustus 2016 open kunnen blijven, 'maar wel gewoon onder IJsselgraafbestuur'.

Tomesen belde de verantwoordelijke wethouder Jan Engels van de gemeente Bronckhorst. Mooi toch, zei Engels. De school blijft open!

Pardon? antwoordde Tomesen. Iedereen loopt weg als IJsselgraaf de school zelf openhoudt!

----------

Was het een verloren zaak? In de zomer dacht Rob Tomesen nog eens goed na. Konden ze niets met de nieuwe wetgeving die eraan zat te komen? Die moest het makkelijker maken scholen met verschillende denominaties samen te voegen. Zouden ze daar in Velswijk op vooruit mogen lopen? Ze zouden het nog eens aan Huting voorleggen.

Een paar weken later, op 9 oktober 2014, ondertekende de directeur-bestuurder in D'n Draejer een brief waarin hij verklaarde dat IJsselgraaf het ministerie om toestemming zou vragen de school over te dragen voordat de nieuwe wet van kracht was.

----------

Rob Tomesen zocht, belde, mailde - in de hoop ergens op een oplossing te stuiten. Want met het einde in zicht leek het toch mis te gaan.

Het wetsvoorstel waarop ze mee hoopten te liften ging voorlopig nog niet naar de Tweede Kamer. En als het niet bij de Kamer lag, kon het ministerie er ook niet op vooruit lopen.

Tomesen zocht, belde, mailde - op zoek naar een advocaat die een nette manier kende om de school door GelderVeste te laten runnen. Intussen verkneukelde hij zich over het nieuws uit het hoofdkantoor van IJsselgraaf: Theo Huting was ontheven uit zijn functie.

Rob Tomesen zocht, belde, mailde, soms met hulp van zijn vriendin Marijke. Zij stuitte uiteindelijk op een advocaat die een overnameconstructie kende die moeilijk als houtje-touwtje-oplossing kon worden aangemerkt.

----------

Waarom hij is weggestuurd bij Stichting IJsselgraaf, kan Theo Huting ook een jaar later niet vertellen - dat heeft hij afgesproken. Maar inderdaad, het had met de toestanden rond het schooltje in Velswijk te maken, zegt hij.

Hij zat in een lastige positie, hij kon die schooltjes echt niet allemaal open houden. In Velswijk moeten ze dat ook geweten hebben, zegt hij.

Maar ging hij niet erg voortvarend te werk? Waarom gaf hij de medezeggenschapsraad geen kans om hem te adviseren over de voorgenomen sluiting, zoals wettelijk voorgeschreven?

'De school zou pas een jaar later sluiten', antwoordt Huting. 'We hadden nog ruim de tijd om de formele zaken te regelen.' En daarna: 'Ik kon tijdens de twee sessies met de medezeggenschapsraad vaststellen dat zij de oplossing ook niet voorhanden hadden.'

Hij geeft toe dat het niet aan hem was te beoordelen of de medezeggenschapsraad een alternatief had: 'Dat klopt.'

Voor de toezeggingen die hij deed, en vervolgens weer introk, heeft de voormalig directeur-bestuurder ook een verklaring. Het was geen erezaak, zegt hij. Hij wilde meewerken aan een overdracht, maar die moest wel op een nette manier gebeuren. 'Ze wilden aanvankelijk dat mijn leerkrachten tijdelijk onder een directeur van GelderVeste zouden werken. Dat is een wanconstructie. Als de school slecht presteert kan ik toch niet tegen de Onderwijsinspectie zeggen dat de school wel van ons is, maar de directeur niet?'

Er speelde nog iets, zegt hij. 'Ik kreeg van onze raad van toezicht geen toestemming de school over te dragen. Die kwam pas toen de zaak escaleerde.'

Ja, zegt hij, achteraf bezien had hij het misschien anders moeten doen. 'Misschien had ik de ouders het probleem moeten voorleggen', zegt hij. 'Dit zijn de prognoses, zien jullie een oplossing?'

----------

Op 4 december 2014 legde Rob Tomesen zijn iPhone midden op tafel. De stem van de advocaat klonk door de directiekamer van IJsselgraaf.

Franke Remerie van GelderVeste zat er, en Bernard Smits, de nieuwe bestuurder-directeur van IJsselgraaf. Met hem verliepen de gesprekken makkelijker dan met Huting, had Tomesen gemerkt.

De advocaat legde uit hoe de overdracht zou kunnen verlopen. Ze zouden een nieuwe stichting oprichten voor openbaar onderwijs. In het bestuur van die stichting zouden dezelfde mensen zitten als in het bestuur van GelderVeste. Dan kwam alles in orde.

Wat zo'n overdracht zou gaan kosten, wilde Smits na drie kwartier weten.

De aanwezigen hoorden de advocaat door de speaker een bedrag noemen. Toen was het snel beklonken.

Na 500 tot 600 uur strijd, na ruim drieduizend e-mails, na talloze slapeloze nachten, wist Tomesen het zeker.

De school in Velswijk was gered.

Verenigde Zelfstandige Dorpsscholen

Besturen dragen scholen niet graag over aan een ander bestuur. Kijk bijvoorbeeld naar de Verenigde Zelfstandige Dorpsscholen. Die vereniging werd dit jaar opgericht door dorpsgemeenschappen die willen voorkomen dat de laatste school sluit.

Zo'n landelijke vereniging zou als bevoegd gezag kunnen dienen voor maximaal zeven samenwerkende schooltjes. Om kosten te besparen zou elk schooltje dan hulp krijgen van de eigen dorpsgemeenschap.

Maar het liep anders. De scholen in Garnwerd, Hoog-Keppel, Pieterburen en De Weebosch, die allemaal gesloten zouden worden, bleven toch open - onder het huidige bestuur.

In veel gevallen draait het om geld, zeggen betrokkenen. Besturen willen de leerlingen niet kwijt, want 'kinderen zijn geld'. Ook strategie speelt mee. Twee schooltjes kunnen op den duur één grote school worden. Geeft een bestuur een van beide weg, dan verdwijnt die mogelijkheid. Ook kunnen scholen vrezen voor concurrentie. Wie een school overdraagt, maakt een ander bestuur in de regio machtiger.

Volgens het Ministerie van Onderwijs zijn sinds 2010 slechts 17 scholen van het ene bestuur overgedragen aan het andere zonder dat sprake was van een fusie. Na een fusie gebeurde dat in zowel 2014 als 2015 ruim tien keer.

Zijn de Verenigde Zelfstandige Dorpsscholen ten dode opgeschreven? Nee, zegt voorzitter Jan Schuurman Hess. 'We gaan gewoon door. Onlangs hebben zich weer nieuwe schooltjes aangemeld, in IJhorst, Nattum en Schin op Geul.'

undefined

Fuseren
Lees hier het nieuwsbericht van de Volkskrant: Schoolbesturen houden bedreigde dorpsscholen liever open dan dat ze fuseren

Meer over