Veertig variaties in ontmoetingen op de grens van land en water op Kustlijn Hoorn Turen in een watergat en schuilen in stalen cape

Op de dijk aan het IJsselmeer zwaaien hoog aan een draad tussen zes palen drie keer acht zwarte emmertjes in de wind....

Van onze verslaggeefster

Truus Ruiter

HOORN

Het 'geëmmer' is van kunstenaar Jan Menses en maakt deel uit van de manifestatie Kustlijn in Hoorn, georganiseerd door de daarvoor in het leven geroepen Stichting CAL (Coast Art Line). Kustlijn biedt veertig variaties op de ontmoeting tussen land en water. Soms letterlijk: op een strekdam heeft de Australische kunstenaar Richard R. Thomas witte bloemen geplant in bruine aarde, die als een sawa deels onder water staat. 'Indonesië' heet zijn suggestieve project.

Niet minder fantastisch is het project van architect Jan Merx, die het in zijn hoofd heeft gehaald om een gat in het Markermeer te willen maken, een 'eiland' in de diepte. Met een groot bord - let op het kijkgaatje! - zoals projectontwikkelaars die plegen te gebruiken, kondigt Merx zijn plan aan. Hij zal worden geassisteerd door een groep TU-studenten uit Delft, meldt het bord - wat Merx' idee meteen realistischer maakt. Waarom zou hij zijn gat in het water niet krijgen? Als de Amerikaan Charlie Citron ons wil laten geloven dat het verwaarloosde hoopje fuik even verderop in het water zijn 'zee-tent' is, dan zit Merx over een tijdje op een onderwatereiland, dat kan niet anders.

Wat zou een zomer zonder zomerkunstmanifestaties zijn?

Zolang er organisaties zijn zoals CAL in Hoorn die meer doen dan het simpelweg plaatsen van een aantal beelden in een zonnige tuin, is er ook niets op tegen. Ik had in ieder geval niet graag de ervaring gemist die John Blake mij op het Hoornse Visserseiland bezorgde. Hij plaatste een grote zeecontainer dicht bij het water, de zwiepende deuren gericht naar het woelige IJsselmeer. Wie in de donkere, lege ruimte stapt, ziet in de verte ook golven en op de voorgrond de contouren van een persoon. Deze is minder dreigend dan het zich eerst liet aanzien: de achterwand blijkt een spiegel.

Op een tafeltje ligt De Ramp, de nationale uitgave ter herdenking van de Watersnoodramp in 1953 en Leefbaar laagland, de geschiedenis van de waterbeheersing en landaanwinning in Nederland. Teruglopend naar de opening voelt de ruimte intiem, en veilig, genoeg om je even, héél even een heel klein beetje te kunnen voorstellen hoe het geweest zou kunnen zijn in 1953 met die allesverslindende, kolkende zee tot aan het zolderraam.

Is het raar dat ik met mijn hoofd bij de vaderlandse geschiedenis het silhouet van koningin Wilhelmina denkt te zien, enkele tientallen meters verderop? De stoere, gedrongen gestalte in een wijde mantel - het blijkt een felblauwe, manshoge, lege stalen cape te zijn, met capuchon. Je kunt er in staan en op deze manier, beschermd tegen wind en regen, naar het IJsselmeer kijken. Marion Jebbinks eigen vorm van aan- èn afwezigheid.

Als een van de weinigen gebruikt de fotografe Marlo Broekmans persoonlijke herinneringen aan Hoorn. Ze is er geboren en heeft er achttien jaar gewoond. Voor haar bijdrage aan Kustlijn veroorlooft ze zich de woordspeling Kus(t)lijn - Ku(n)stlijn blijft ons bespaard - want de dijk en het park aan de zee waren de plekken waar ze met haar vriendjes vree: 'De kust als vrijplaats'. In de Mariakapel hangt een aantal 'liefdes'-foto's van haar en een voorstel: Broekmans wil foto's maken van kussende stelletjes en die op vlaggedoeken verwerken: deze liefdesbanieren zouden langs de kust geplaatst kunnen worden als een 'Venusiaanse hommage' aan haar geboorteplaats.

Een hartstochtelijke liefde is het verhaal achter de schedel op de zolder van de Boterhal. Hij werd twintig jaar geleden in de haven gevonden en behoort aan Janneke van Waal, die op 21-jarige leeftijd 'op een stormachtige voorjaarsdag' in 1683 in het koude water van de haven sprong. Kort daarvoor had ze gehoord dat haar lief, de 26-jarige Jan Jacobszn van Dijck, een zeemansgraf had gevonden. Nog steeds zouden haar wanhoopskreten tijdens stormweer als 'eeuwige treurzang' te horen zijn.

René van Leeuwen sloot 'Janneke' met kleurige draadjes aan op een electronisch kastje, alsof ze een hersenonderzoek moet ondergaan. Uit een koptelefoon klinken aanzwellende stormgeluiden en af en toe een gil: een 'echo uit het verleden'. Wie bij het afluisteren het gezicht naar het diascherm op de zolder keert, neemt in één keer ook de fascinerende water- en ijsfoto's van Wijndel Jongens mee.

Kustlijn in Hoorn heeft veel te bieden. Het is een rijke manifestatie - ik heb het nog niet eens gehad over het 'verongelukte' Renaultje van Dennis Oppenheim, de spiegels van Sue Williamson, de agar-agar-golven van A.M. van Splunter, het galei-huisje van Sjef Henderickx en de foto's van Hannes Wallrafen en Wout Berger - die een mooie uitvlucht biedt voor wie niet wil meelopen in de toeristische groene golf door het havenstadje, die voert van boot naar boot. Bovendien: wie eenmaal de knäckebröd-schepen van Moritz Ebinger in De Garage heeft gezien - een walhalla voor scheepsmuizen - kijkt weer heel anders naar die ongezellig witte, gladde jachten.

Kustlijn, zomerkunstmanifestatie in Hoorn. Tot en met 15 september. Op 27, 28 en 29 juli speelt het Ricciotti-ensemble 'Wetterwyfke', een compositie van Harry de Wit op het thema 'muziek en water'.

Meer over