Veertig boeken voor de Boekenweek

Net als Wim de Bie had ik deze week het Boekenweekgeschenk van vorig jaar nog steeds niet gelezen. En nu is er alweer een nieuwe Boekenweek, met alweer een nieuw geschenk....

1. Van de Kroatische auteur Miroslav Krleza dook eind vorig jaar ineens een herdruk op van de vertaling die L. van Vlijmen in de jaren zestig van de roman Op de rand van het verstand maakte, een schitterend boek, waarin op een Céline-achtige manier de domheid wordt bestreden en de waarheid wordt gezegd (Prometheus, ¿ 29,90).

2. De humanist Rabelais schreef in het begin van de zestiende eeuw Gargantua en Pantagruel, satire die een weliswaar niet eigentijdse, maar grotendeels nog steeds vermakelijke strekking heeft dank zij twee nieuwe vertalingen, één van Théo Buckinx (Bert Bakker, ¿ 45,-) en één van J. M. Vermeer-Pardoen. Deze laatste editie is mooier (Van Gennep, ¿ 69,50).

3. Wessel te Gussinklo verdiepte zich in De opdracht op Vestdijkachtige wijze in de puber Ewout Meyster en zijn gefnuikte machtsdromen tijdens een zomerkamp op de Veluwe. Traag, maar voor een lezer die geduld heeft, een vakantie die je bijblijft (Meulenhoff, ¿ 49,90). Inmiddels heeft Te Gussinklo, geen veelschrijver, zijn oeuvre uitgebreid met de novelle Het engeltje.

4. Bij sommige boeken moet je oppassen er niet al te zeer in reclame-achtige superlatieven over te spreken, maar bij Angst van Graciliano Ramos valt me dat niet mee. Wat heb ik genóten van dit fascinerende verhaal over het beklemde leven van de kantoorklerk Luís da Silva, die in zijn hart een kunstenaar is en bezeten raakt van een schone jongedame, die zich nota bene afgeeft met een of andere botterik (Coppens & Frenks, ¿ 56,90).

5. Barbaar in de tuin is een bundel mooi geschreven, erudiete bundel opstellen (over de Franse kathedralenbouwers, de ketterse Katharen en Toscane en zijn kunstschatten) van de Poolse dichter Zbigniew Herbert (De Bezige Bij, ¿ 44,50).

6. Elio Vittorini palmde mij in met zijn roman Mens of niet over het verzet en de liefde te midden van Duitsers en Italiaanse collaborateurs (Athenaeum-Polak & Van Gennep, ¿ 45,-).

7. Jan van der Vegt lichtte op uitgewogen wijze het doopceel van de dichter Hans Andreus, een biografie, die en passant óók de hartstocht en bevlogenheid onder jonge poëten in en net na de oorlog blootlegt (De Prom, ¿ 65,-). Als levensschets indringender dan Slauerhoff van Wim Hazeu, die zijn succes ongetwijfeld mede aan de aantrekkelijkheid van zijn onderwerp te danken had (AP, ¿ 99,-).

8. Er was één criticus, Piet de Moor in Vrij Nederland, die geloofde dat De kussenjongen van hofdame Onogoro authentiek oud en Japans was. Maar dit tamelijk frivole om niet te zeggen obscene en zelfs 'feministische' boek was een geslaagde pastiche van de Schotse dichteres Alison Fell (Van Gennep, ¿ 39,90).

9. Ter gelegenheid van haar honderdjarige bestaan bundelde uitgeverij Meulenhoff alle verhalen van de linkse dromer en fantast Julio Cortázar (¿ 100,-).

10. Remco Campert, die de vorige Boekenweek opluisterde met Ohi, hoho, bang, bang of het lied van de vrijheid (over de dichter Menno van der Staak en zijn belevenissen tijdens 'Poetry International') en déze Boekenweek met De zomer van de zwarte jurkjes, kreeg van De Bezige Bij àl zijn gedichten gebundeld in Dichter (¿ 75,-).

11. De eerste man was volgens de Franse en Nederlandse critici een briljant boek uit de nalatenschap van Albert Camus, dat geenszins onderdeed voor het grote, bekende werk (De Bezige Bij, ¿ 42,50).

12. Zeer getroffen was ik door De wonde van André de Richaud, een Franse schrijver die na een kortstondige periode van grandeur tot diepe misère verviel. Zijn roman laat zien hoe een weduwe tijdens de oorlog in een provinciaal nest geïsoleerd raakt (De Bezige Bij, ¿ 34,50).

13. De Prins van West End Avenue van Alan Isler maakte twee weken geleden het héle literaire kwartet van Marcel Reich-Ranicki op de Duitse tv enthousiast. Maar toen was dit boek over een Amerikaans bejaardenhuis waar de (joodse) bewoners Hamlet opvoeren (en de herinneringen aan het geteisterde Europa komen bovendrijven) al in het Nederlands vertaald en nauwelijks opgemerkt (Balans, ¿ 34,90).

14. Van Charles Baudelaire werd Les Fleurs du Mal (De bloemen van het kwaad) maar liefst twee keer vertaald, daar is voldoende over te doen geweest, maar Le Spleen de Paris (De melancholie van Parijs) mag er ook zijn. Deze petits poëmes en prose, deze kleine gedichten in proza bevatten prachtige schetsen van het negentiende-eeuwse Parijs (Ambo, ¿ 29,90).

15. In Ruisend gruis, het laatste boek van W. F. Hermans, lijkt de schrijver definitief af te rekenen met de Groningse universiteit (De Bezige Bij, ¿ 29,50).

16. Willem Brakman, ik weet het, die leest niemand die niet àl zijn werk door de jaren heen regel voor regel heeft ingedronken, schitterde met Een voortreffelijk ridder, waarin Don Quichotte zich door een Nederlandse dame laat temmen (Querido, ¿ 29,90).

17. De geheel vergeten Britse auteur Jocelyne Brooke werd ons als schrijver teruggeschonken door de vertaling van Het teken van een getrokken zwaard, een beklemmende roman over een geheim leger in Engeland waarbij de hoofdpersoon, wankelmoedig door zijn onuitgesproken homoseksualiteit, contre coeur wordt ingelijfd (Coppens & Frenks, ¿ 47,90).

18. Het Verzameld werk van de Poolse tekenaar en graficus Bruno Schulz, die in 1942 door een nazi-officier werd doodgeschoten, werd door Meulenhoff in een nieuwe editie met een beperkte oplage (duizend stuks) uitgegeven. Dat was te weinig. Vorige week zag een paperback-herdruk het licht (¿ 79,90).

19. Van Het leven een gebruiksaanwijzing, die fantastische boedelbeschrijving van een huis in Parijs, van Georges Perec, kan ik me voorstellen dat niet iedereen er meteen aan begint. Het omvat nogal veel. Maar dat niet alleen, dit boek vraagt door zijn overvloedige detaillering (en zijn eindeloze beschrijvingen van dingen) zo'n intense concentratie, dat je maar niet opschiet en het zicht op de samenhang dreigt te verliezen. Eigenlijk moet je deze, wat was het, duizend pagina's?, twee keer lezen, of drie keer. Dan zie je pas ècht wat er gebeurt, net als bij het magistrale Boek der herinneringen van de Hongaar Peter Nádas (AP, ¿ 89,-).

20. Aanzienlijk toegankelijker is Een lach in het donker, de roman van Vladimir Nabokov, waarin hij zo subliem de draak steekt met een cliché-verhaal over overspel, dat je dwars door de pastiche heen op een authentiek menselijk drama stuit. Het boek verscheen in de mooie Nabokov-reeks van De Bezige Bij, waarin tegelijkertijd Bleek vuur uitkwam (¿ 43,90 en ¿ 51,90).

21. De Volledige Werken van Louis Couperus (Veen, ¿ 1895,-).

22. Paardejam van Charlotte Mutsaers is een bundel opstellen, waarmee de schrijfster van Rachels rokje - het hoogtepunt in haar werk tot nu toe - haar ideeën over kunst en literatuur verduidelijkt (Meulenhoff, ¿ 39,90).

23. In Souffleurs van de duivel zet Rogi Wieg zijn herinneringen en ervaringen zó naar zijn hand, dat er heel veel komt bovendrijven: onzekerheid, gekte, vertedering, beklemming, dreiging en. . .liefde (Van Oorschot, ¿ 35,-).

24. Ook Afgrond van de danser en choreograaf Rudi van Dantzig is een mooi boek, omdat Van Dantzig zo geconcentreerd en fijnzinnig de haken en ogen van menselijk contact - in zijn geval meestal tussen mannen - bevoelt en zich daar zèlf aan lijkt te verwonden (Atlas, ¿ 39,90).

25. Alfred Kossmann imponeerde de kritiek met de roman Huldigingen, een 'levensschets' van een oude schrijver, voor wie Victor van Vriesland model heeft gestaan. Ik dacht toen ik het boek voor het eerst en misschien iets te gehaast las aan H. A. Gomperts, maar dat doet er niet zoveel toe, want het gaat in Huldigingen om een fictieve biografie, waarin zeer levendig recht gedaan wordt aan een tijd die verdwenen is, of bezig is te verdwijnen (Querido, ¿ 27,50).

26. Bij poëzie is het moeilijk er in kort bestek iets over te zeggen, zeker als het om de hermetisch gesloten verzen van Kees Ouwens gaat. Intrigerend is zijn bundel Afdankingen wel, juist doordat elk woord, elke regel je dwingt je eigen taal te doen opgaan in die van Ouwens, wat vaak mislukt, maar niettemin de bevrediging schenkt van een intense communicatie (Meulenhoff, ¿ 19,50).

27. Hoezeer de neerlandistiek nog steeds een vak kan zijn, dat onbekende gebieden van de vaderlandse letteren weet te ontsluiten, bewees Frits van Oostrom met zijn studie over Jacob van Maerlant, Maerlants wereld, een wereld die literair gezien - Van Oostrom geeft er voorbeelden van - niet zover van de onze afligt als we denken (Prometheus, ¿ 45,-; ¿ 75,- gebonden).

28. Zuid-Afrika blijft voor ons, mede door de vele boeken uit dat land die hier tegenwoordig verschijnen, een soort buurland en dat schept een band, maar wie in dàt gevoel geraakt wil worden, moet niet bij Johnny Coetzee zijn. Zijn laatste boek, De meester van Petersburg, gaat over Dostojevski, die in 1869 heimelijk vanuit Dresden naar Sint Petersburg terugkeerde omdat zijn 'zoon' (het was zijn stiefzoon) was vermoord (Ambo, ¿ 39,90).

29. Nanne Tepper kwam ogenschijnlijk uit het niets met zijn roman De eeuwige jachtvelden over een nogal geïsoleerd gezin in het noorden des lands, maar hij wàs er meteen op een manier die een debutant zelden overkomt (Contact, ¿ 39,90).

30. Ook Russell Artus vestigde met zijn eerste boek, Zonder wijzers, direct alle aandacht op zich. Terecht. Zijn zwier en decadente allure deden mij aan een andere, jonge Brabantse debutant denken, toen die nog geen A. F. Th. van der Heijden heette, maar Patrizio Canaponi (Meulenhoff, ¿ 34,50).

31. De Vlaming Peter Verhelst schreef een zeer poëtisch boek over een eigentijds geval van liefde, Het spierenalfabet, dat veel te weinig is opgemerkt (Prometheus, ¿ 34,90).

32. Louis Ferron ging in Een aap in de wolken verder met zijn exploratie van Haarlem, waarvan hij (althans zijn literaire alter ego) evenzeer gruwt als Thomas Bernhard van Oostenrijk (De Bezige Bij, ¿ 34,50).

33. Maar liefst twee vertalingen waren er van Aischylos' trilogie over koning Agamemnon, zijn vrouw Klytaimnestra, zijn zoon Orestes en zijn dochter Elektra, de ene, Oresteia geheten, van M. d'Hane-Scheltema, de andere, Het verhaal van Orestes, van Gerard Koolschijn (Athenaeum-Polak & Van Gennep, beide ¿ 49,90).

34. Van de Italiaanse schrijver Cesare Pavese verschijnen successievelijk al zijn romans in vertaling. De laatste was De kameraad, waarin Pavese de jonge Pablo, die alleen een beetje op zijn gitaar kan tokkelen, politiek bewust laat worden, tot en met de keuze: fascisme òf communisme (De Bezige Bij, ¿ 39,50).

35. In Het zingen van de hele wereld geeft Jean Giono, een man die in Frankrijk nu zo herontdekt is dat je zijn boeken in tal van uitvoeringen in de winkels vindt, een uiterst ruw, vreemd, ongeciviliseerd en 'western-achtig' beeld van de Provence (Coppens & Frenks, ¿ 56,90).

36. Brieven aan Sophie van Denis Diderot (AP, ¿ 125,-).

37. Het boek van violet en dood van Gerard Reve (Veen, ¿ 34,90; ¿ 49,90 gebonden).

38. Meneer Beerta, deel één van Het bureau van J. J. Voskuil (Van Oorschot, ¿ 69,-; ¿ 99,- gebonden).

39. De laatste zucht van de Moor van Salman Rushdie (Contact, ¿ 49,90).

40. De onzichtbare roos, ruim honderd gedichten van Jorge Luis Borges, vertaald door Erik Coenen (Aalders en Co., ¿ 35,-; ¿ 55,- gebonden).

Meer over