nieuws

Veelbelovend onderzoek: baby’s hebben na beroerte baat bij stamcellen via de neus

Pasgeboren baby’s die door een beroerte hersenschade hebben opgelopen, kunnen worden behandeld met een middel dat via hun neus wordt toegediend. Nederlandse onderzoekers hebben neusdruppels ontwikkeld met daarin miljoenen stamcellen die in korte tijd naar de plek van de schade trekken en daar aanzetten tot reparatie van hersenweefsel.

Ellen de Visser
Sebastian Mennes en Suzanne Nakhla met Senna (1). Senna heeft aan het stamcel-onderzoek meegedaan en is miraculeus hersteld. Beeld Rebecca Fertinel
Sebastian Mennes en Suzanne Nakhla met Senna (1). Senna heeft aan het stamcel-onderzoek meegedaan en is miraculeus hersteld.Beeld Rebecca Fertinel

Het onderzoek, waaraan neonatologen uit alle Nederlandse academische ziekenhuizen meewerkten, is woensdagavond gepubliceerd in The Lancet Neurology. Er deden tien baby’s aan mee die rondom de geboorte een herseninfarct hadden opgelopen. Dat overkomt in Nederland jaarlijks ongeveer dertig kinderen. De hersenbeschadiging die zij oplopen veroorzaakt, afhankelijk van de plek en de omvang van de schade, levenslange motorische problemen (zoals spastische ledematen), leer- en gedragsproblemen en epilepsie.

Stamcellen kunnen helpen bij de reparatie van beschadigd weefsel, maar de vraag was lange tijd hoe die stamcellen veilig in de hersenen te krijgen. De route via het bloed bleek niet doeltreffend: de stamcellen worden dan weggekaapt door grote organen als de longen en de lever. De onderzoeksgroep van Cora Nijboer, neurowetenschapper aan het UMC Utrecht, ontdekte in dieronderzoek een alternatieve route via de neus. De stamcellen reizen in een paar uur tijd vanuit de neusholte omhoog, aangetrokken door signaalstoffen die het beschadigde weefsel afgeeft.

Minder schade

Die aanpak is nu voor het eerst ook bij baby’s beproefd. Tien kinderen met hersenschade kregen binnen een week na de diagnose neusdruppels toegediend met daarin 50 miljoen stamcellen, afkomstig uit het beenmerg van een donor. De kinderen werden daarna drie maanden gevolgd. Bijwerkingen bleven uit. En hoewel de studie alleen was opgezet om de veiligheid van de behandeling aan te tonen, waren de onderzoekers verrast door wat ze op de MRI’s zagen, vertelt Manon Benders, hoogleraar neonatologie aan het UMC Utrecht en een van de onderzoeksleiders.

Vergeleken met de scans die vlak na de geboorte waren gemaakt waren de motorische zenuwbanen, die de bewegingen aansturen, minder aangedaan of zelfs hersteld. De baby’s scoorden bovendien beter dan verwacht op motorische testen. In de hersenen van de met stamcellen behandelde kinderen was gemiddeld veel minder schade zichtbaar dan op scans van onbehandelde kinderen.

‘De hersenen van pasgeboren baby’s zijn nog volop in ontwikkeling’, legt Benders uit. ‘Dat maakt het mogelijk om belangrijke verbindingen te repareren.’

Geen bijwerkingen

Neurowetenschapper Vivi Heine, niet betrokken bij de studie, reageert enthousiast. ‘De onderzoekers hebben bij dieren al overtuigend laten zien dat deze stamcellen bijdragen aan herstel van hersenschade, en dit is een belangrijke vervolgstap’, zegt Heine, die in het Amsterdamse Emma Kinderziekenhuis onderzoek doet naar stamceltechnologie. Uit dierstudies is al gebleken dat de stamcellen verdwijnen en zich niet in de hersenen nestelen. Nu zich na drie maanden bij de baby’s geen bijwerkingen hebben voorgedaan, mag worden aangenomen dat de bijzondere neusdruppels veilig zijn, aldus Heine.

Het idee is dat de stamcellen in de hersenen stofjes uitscheiden waarmee ze de eigen hersenstamcellen van de baby’s stimuleren tot reparatie. Ze dempen er ook de ontstekingsreactie, waardoor er voor hersencellen meer ruimte komt om te groeien, legt Heine uit. Hoogleraar Benders benadrukt dat officieel pas mag worden geoordeeld over het effect van de neusdruppels als meer kinderen langer zijn gevolgd. ‘Maar ondertussen zijn de eerste effecten hoopvol.’

Haar zwangerschap was voorbeeldig verlopen, dus toen Suzanne Nakhla na 39 weken minder leven voelde in haar buik, maakte ze zich niet ongerust. Maar bij controle in het ziekenhuis schoot de hartslag van de baby zó snel naar beneden dat werd besloten tot een spoedkeizersnede.

Die nacht stopte de pasgeboren Senna drie keer met ademen, later zou blijken dat ze epileptische aanvallen had gehad. Ze moest met spoed naar het Sophia kinderziekenhuis in Rotterdam, waar een MRI van haar hersenen werd gemaakt. Vader Sebastian Mennes herinnert zich het moment waarop de artsen hun kamer binnenkwamen. ‘We zagen meteen dat ze geen goed nieuws hadden.’ Senna had een groot herseninfarct gehad, in het gebied dat verantwoordelijk is voor de motoriek. Daar zou ze waarschijnlijk levenslang verlammingen aan overhouden.

Er was kans op herstel, in theorie dan: artsen uit het Wilhelmina Kinderziekenhuis in Utrecht waren begonnen aan een experimenteel onderzoek met stamcellen. Binnen een paar dagen moesten ze beslissen of ze wilden meedoen. Ze wogen de risico’s af. Het was een studie die net het stadium van de proefdieren voorbij was, wat als hun dochter een ernstige bijwerking zou krijgen? Maar wat was het alternatief? Naar huis gaan en afwachten hoe ze zich zou ontwikkelen? Was het niet ook een wonder dat deze nieuwe studie net nu voorbijkwam?

En zo trokken ze met Senna naar ziekenhuis nummer drie, waar het meisje, nog maar een paar dagen oud, neusdruppels met stamcellen kreeg toegediend. De MRI die na drie maanden werd gemaakt, bracht een prachtige boodschap, vertelt moeder Suzanne. ‘Er is nog altijd een soort hap uit haar hersenen maar de motorische banen bleken goed aangelegd.’ Haar vader noemt het ‘pure magie’.

Senna is nu anderhalf, en tijdens de Zoom-meeting met haar ouders kraait ze vrolijk door het gesprek heen. Haar vader vertelt dat hij met alles rekening had gehouden: ‘Ik zag voor me dat ze in de klas zou worden buitengesloten omdat ze anders was en dat maakte me zo verdrietig.’ Maar zijn dochter lijkt zich te ontwikkelen tot een gezond kind. En hij was opnieuw in tranen, maar toen van geluk, toen hij haar nog voor haar eerste verjaardag naar de tafel zag lopen.

Wat bijzonder, zeggen ze, dat Senna de wetenschap een beetje vooruit heeft geholpen. ‘Dit goede nieuws gunnen we ook andere ouders.’

Meer over