Vast in armoede

Werk moet lonen. Voor honderdduizenden werkende armen gaat dit echter niet op. De komende weken doen ze hun verhaal. Vandaag: de dames van de zorgtaxi....

Door Elsbeth Stoker

Dit is haar moment van de dag. Zeven uur ’s avonds in haar flatje in Amsterdam-Noord. Zittend op de vale mosterdgele bank, die ze via via heeft gekregen. Bord met nasi op schoot. Onderweg naar morgen op de eveneens gekregen tv. Omringd door haar twee kinderen.

Nú hoeft Natasha van der Plaat (33) – die net een lange werkdag als chauffeuse van de zorgtaxi achter de rug heeft – eventjes helemaal niets. ‘Hier geniet ik echt van’, zegt de alleenstaande moeder, terwijl haar jongste dochter Vanity (5) achter haar rug kruipt en met de lange paardenstaart van Natasha begint te spelen. Haar zoon, Quinten van 10, legt uit wat hij op het tv-scherm ziet. ‘Kijk, dat meisje is verkracht’, zegt hij terwijl hij zijn nasi verdrinkt in de ketjap. ‘Door een man.’

Genieten? Dat is niet altijd makkelijk, zegt de Utrechtse Miranda Leer als je haar vraagt naar haar moment van de dag. Inmiddels gaat het de Utrechtse taxichauffeuse iets makkelijker af om zich geen zorgen te maken. ‘Een maand geleden ging ik er bijna aan onderdoor.’ Ze werkte veel uren, maar lag nog steeds wakker van de onbetaalde rekeningen. De reden: haar werkgever betaalde te laat en de loonstroken bleken niet altijd te kloppen. ‘Ze reageerde het dan af op mij en de kinderen. Dan ging het meteen van whawhawha als ze thuiskwam’, zegt haar man. Met zijn hand maakt hij een schreeuwende beweging. ‘Ik was moe’, verontschuldigt Miranda zich. ‘Maar gisteravond heb ik genoten’, zegt ze, terugkomend op de vraag. ‘Toen heb ik thuis gegeten met de kinderen. Dat lukt me meestal niet.’

Wie door de ramen van de Utrechtse Miranda en de Amsterdamse Natasha naar buiten kijkt, ziet dat hun werk altijd staat te wachten: een witte taxibus. Maar de dames hebben meer gemeen: ze zijn allebei werkende armen. Ofwel, ze werken wel, maar hebben veel moeite rond te komen. Nederland telt honderdduizenden mensen zoals zij – de angst is dat hun aantal door de crisis verder toeneemt.

Volgens FNV Bondgenoten telt de taxibranche relatief veel Miranda’s en Natasha’s. Voor zo’n 9,50 euro bruto per uur rijden ze gehandicapte kinderen, ouderen en zieken rond. Van huis naar school of het ziekenhuis en weer terug. Voor bestraling, dialyse of infuus. Daarmee verdienen deze taxichauffeuses minder dan de gemiddelde schoonmaker. En ze hebben nog geluk wanneer hun werkgever zich aan de cao-lonen houdt. Volgens cijfers van het Sociaal Fonds Taxi, de cao-politie van werkgevers en werknemers, houdt nog geen 40 procent van de 1.450 taxibedrijven zich aan de regels. (zie inzet)

Rekeningen
‘Er wordt aan alle kanten gesjoemeld’, zegt Miranda. Omdat ze bang is dat haar contract niet wordt verlengd, durft ze niet met haar echte naam in de krant. Ook wil ze niet dat de naam van haar werkgever wordt genoemd. ‘Ik ben wel kostwinner, hè’, verklaart de moeder van drie, terwijl ze de jongste van nog geen 1 pap voert. Haar man werkt zo nu en dan als uitzendkracht.

Sinds november werkt ze bij dit Utrechtse taxibedrijf en vanaf dat moment stapelen de schulden zich op in Huize-Miranda. Ze loopt achter bij Eneco, met de huur en kan de wegenbelasting niet op tijd betalen. Uit een dikke map haalt de dertiger – roze tuniek, bruin geverfd haar en een tatoeage in haar decolleté – een brief die ze in februari van haar baas ontving. Daarin staat dat de werkgever de lonen niet altijd op tijd kan betalen. Doordat de financiële afdeling het bedrijf ‘te laat, onvolledig en onjuist’ had geïnformeerd, was er te weinig geld in kas.

Inmiddels heeft haar baas de problemen grotendeels opgelost. Denkt ze. ‘Maar ik heb wel mijn mond moeten opentrekken en moeten schelden’, zegt ze. De uitbetaling gaat beter, en de schulden heeft ze onder controle. ‘Nu zijn ze poeslief.’

Gevangen
Natasha zit vast in haar situatie, dat weet ze ook. Een vast contract? Nee, dat krijg ze nooit, is haar verwachting.

‘Kijk’, zegt ze terwijl ze inlogt op de website van haar bank. ‘Ik word om de paar maanden door een ander bedrijfje uitbetaald. Op deze manier hoeven ze me nooit een vast contract te geven. Niemand van mijn collega’s heeft een vast contract.’

Vreemd vindt ze dat niet. ‘Bedrijven hebben het moeilijk vanwege de heftige concurrentie. En mijn huidige baas heeft de zaken al een stuk beter geregeld dan de vorige.’

In totaal werkt de Amsterdamse 32 uur per week voor zo’n 1.000 euro netto per maand. Met alle toeslagen en alimentatie – die alleen door de vader van Quinten wordt betaald – komt ze uit op zo’n 1.450 euro per maand. Daar gaat maandelijks 150 euro aan rente en levensverzekering vanaf. ‘Tien jaar geleden hebben mijn ex en ik een lening van 14.000 euro afgesloten bij de Ribank om een nieuwe auto te kopen. Dat is nu nog steeds een schuld van 14.000 euro’, zegt ze. ‘Ik kan de aflossing niet betalen, dus ik betaal alleen de rente. Ik ben er in getrapt.’

Meestal komt ze net uit, maar bij elke uitgave rekent ze even in haar achterhoofd of het wel kan. Soms kan het niet, maar doet ze het toch. Zoals het boek dat ze als cadeau heeft gekocht voor het jarige meisje waarop Quinten verliefd is. ‘Je wilt toch lief gevonden worden, hè’, geeft ze als verklaring. En tsja, soms is de koelkast aan het eind van de maand leeg. ‘Dan vertrek ik met mijn kinderen rond etenstijd naar een vriendin.’

Meer werken? Dat heeft voor Natasha geen zin. Dan verliest ze haar recht op allerlei toeslagen en kwijtscheldingen van de Belastingdienst. ‘Eén jaar heb ik 12 euro te veel verdiend en toen moest ik opeens wel de onroerendezaakbelasting betalen.’

Voor Miranda is meer werken wél een optie. Ze kan samen met haar man niet van dezelfde voorzieningen als de alleenstaande Natasha gebruikmaken. Voor haar was het zelfs de reden om vorig najaar over te stappen naar haar huidige werkgever. ‘Ik werkte bij Connexxion. Daar werd keurig op tijd betaald, maar ik kon er maar weinig uren maken. Nu kan ik veel meer werken. Collega’s waarschuwden me wel: ga niet naar dat andere bedrijf. Maar ik was eigenwijs. Ik dacht het valt wel mee’, zegt ze.

Officieel heeft ze een contract van 22 uur per week. Maar meestal zit ze zo’n 50 uur in de bus. ‘Ik heb de eerste twee weken van april 80 overuren gemaakt’, zegt ze tevreden. ‘Eerste en Tweede Paasdag heb ik gewerkt. En ze vroegen ook of ik afgelopen weekend wilde werken. Maar ik wilde ook bij mijn kindjes zijn. Daarom heb ik zaterdag alleen van 12 tot 12 gewerkt.’

Uitkering
Als Natasha niet zou werken, zou ze misschien honderd of tweehonderd euro minder te besteden hebben per maand. Maar stoppen? ‘Nee.’

Een paar jaar geleden zat ze in de bijstand. Het was een slechte tijd in haar leven. Ze was depressief en was behalve haar baan, ook haar relatie kwijt. Niet dat het een goede relatie was, dat weet ze ook wel. Haar ex is gewelddadig. ‘De druppel was de keer dat hij mij probeerde te wurgen.’ Als uitkeringsgerechtigde ontving ze destijds, inclusief allerlei toeslagen, zo’n 1.100 euro per maand. ‘Schoon in de hand. En dan had de gemeente al de zorgverzekering voor je betaald.’

Ze wil niet meer terug naar die tijd. Werken maakt haar gelukkiger. Ook al moet ze elke loonstrook controleren.

Maar een dubbel gevoel heeft ze wel als ze kijkt naar haar kinderen. Die hebben inmiddels de nasi van zich afgeschoven en hun skeelers aangetrokken om te ‘Sven Krameren’ door de kleine huiskamer. ‘Ik heb maar zo weinig tijd voor hen, dan vind ik het lastig om hen dingen te verbieden,’ verontschuldigt ze als Quinten roept: ‘Voeten aan de kant’ en langs komt sjeesen. ‘Het wordt weer tijd voor je pilletje’, roept ze lachend naar haar zoon.

Elke ochtend piept om half zeven de wekker. Dan is het: ‘Arghh, daar gaan we weer.’ Opstaan, aankleden, de kinderen uit bed, vlug ontbijten, en hup met z’n drieën de taxibus in. Om half acht zet ze ze af bij de voorschoolse opvang, aan het eind van de dag pikt ze hen weer op bij de naschoolse. ‘De Belastingdienst draagt 1.200 euro per maand bij voor de voor- en naschoolse opvang. Dus eigenlijk is het goedkoper om mij een uitkering te geven.’ Zelf betaalt ze ook nog eens 200 euro per maand.

Onlangs kreeg ze van de kinderleidsters het verwijt dat ze Quinten en Vanity als ‘postpakketjes’ afleverde. Pijn, heel veel pijn, deed dit haar. Want als er iemand is die weet hoe het voelt om als postpakketje over de schutting te worden gegooid, is zij het wel. Haar eigen moeder – eveneens alleenstaand – was zo nu en dan meer met haar eigen leven bezig dan met haar kinderen. ‘Soms vergat ze me op te halen van de naschoolse opvang. Dan wachtte de schoonmaker samen met mij totdat ze kwam.’

En dat zou Natasha haar kinderen nooit aandoen. Maar thuis blijven om te moederen, heeft ook niet haar voorkeur. Ze houdt van rijden, de verhalen van haar passagiers en ze is er trots op dat ze haar klanten veilig van A naar B brengt. ‘Maar soms is het wel heftig, hoor.’ Zo stierf onlangs een nierpatiënt die geregeld door Natasha vervoerd werd. ‘De familie was vergeten het door te geven. Pas toen ik voor de deur stond, hoorde ik het. Zoiets wil je graag thuis met iemand delen’, zegt ze. ‘Maar dat kan niet.’

Wat zowel Miranda als Natasha betreft, blijven ze nog jaren rijden in hun witte taxibus. ‘Vaak zeggen de klanten: dank u wel, wat fijn dat u mij hebt vervoerd en wat helpt u mij goed’, verklaart Natasha. ‘Dan denk ik: kijk, ik ben toch ergens goed in.’

Meer over