Van zondvloed tot Darwin

Herdenkingsjaren gaan gepaard met verplichte figuren: tentoonstellingen, themanummers, radio-/tv-programma’s, lezingen en boeken. In het 200ste geboortejaar van Charles Darwin is dat niet anders....

Voor het Teylers Museum in Haarlem moet het Darwin-jaar geen makkie zijn geweest. Het museum beschikt over een fraaie fossielenverzameling en een rijke bibliotheek en kon daarom niet achterblijven. Maar wat kun je nog met Darwin? Teylers koos voor het spanningsveld tussen godsgeloof en evolutieleer – een ontwikkelingsgeschiedenis die ook, maar dan anders, te zien is in Museum Boerhaave te Leiden (Van Adam tot DNA).

Op de Haarlemse tentoonstelling Noachs ark – Op weg naar Darwin loop je in betrekkelijk korte tijd van de Ark van Noach via de zondvloed naar Darwins Beagle en terug. Tussendoor lees je over het veranderende wereldbeeld in de 19de eeuw, toen de Franse anatoom Georges Cuvier ver voor Darwin aan het Scheppingsverhaal en de zondvloed begon te morrelen, en zijn theorieën over een geleidelijke verandering van de aarde publiceerde – waaraan Darwin later zou toevoegen dat de soortenverandering door een natuurlijke selectie werd bepaald.

Is de expositie spannend? Niet echt. Veel van wat er tentoongesteld wordt, is oud nieuws. Aan de andere kant blijft het een bijzondere ervaring om de kaak van een Maashagedis uit het Krijt (145-66 miljoen jaar geleden) achter glas te zien liggen. Of het fossiel van een reuzensalamander uit het Mioceen (5-10 miljoen jaar geleden), waarvan de Zwitserse fossielenverzamelaar Johann Jacob Scheuchzer in 1726 nog beweerde dat het een zondvloedmens was, de Homo diluvii testis et theoscopos.

Er is ook een levensechte reconstructie te zien van de babymammoet Lyuba die kort geleden in het Siberische ijs werd gevonden. En er is een kinderlab waar proeven kunnen worden gedaan met fossielen. De aandacht voor Darwin is voorspelbaar en bescheiden. Maar ja, wat kun je nog met Darwin?

Meer over