Van der Naalt is opmerkelijk geestig

Cabaret..

Rechts op het podium staat een gigantische trommel opgesteld. Decabaretier zit op een Oosters meditatiekleedje en blaast op een schorklinkende fluit. Een beetje lang, maar wel intrigerend. Elk ogenblikverwacht je dat de fluitist het instrument uit de mond zal nemen, terwijlhet fluiten gewoon doorgaat. Het is tenslotte Reinder van der Naalt,grappenmaker.

Maar nee, hier zit geen koddigheid verborgen. Hij vertelt iets over hetJapanse blaasinstrument, en de Nederlandse invloed op de Japanse taal. Hetis kalm, maar niet kabbelend. De Oosterse ingrediënten passen bij een mandie een tijdje het cabaretwerk zat was en zich in een jaartje vrijaf weerheeft opgeladen.

Van der Naalt is altijd een druktemaker geweest, maar Hudatso isondanks de vitaliteit een rustig programma, omdat hij de lach niet meer(zoals vroeger) forceert. En het is opmerkelijk geestig. De vooruitgang bijVan der Naalt is enorm. Lange tijd kon hij op z'n best worden omschrevenals een tweederangs Herman Finkers, een koldercabaretier die weinig totniets te zeggen had. Het jaar rusten heeft de voormalige computerdeskundigeen natuur- en wiskundedocent goed gedaan. Hij heeft om zich heen gekekenen naar zichzelf. Hij wisselt ironie, sarcasme en eendimensionale grappenover therapie en doordeweekse activiteiten keurig af.

Na de pauze ontpopt hij zich als een cabaretier die goed kan analyseren,en met een vrolijke act duidelijke punten scoort. Zoals het verhaal overde open avond in het clubhuis van de Limburgse Hells Angels en deveranderde sfeer op straat waardoor hij zich als homoseksueel niet meerzorgeloos kan gedragen in Amsterdam.

Sociaal engagement, Oosterse filosofie, humor en Hollandse nuchterheidhebben zelden zo'n aantrekkelijke combinatie gevormd.

Patrick van den Hanenberg

Meer over