Van der Marel van start als favoriet triatlon Almere Als topsporter ben je bijzonder kwetsbaar

Lothar Leder legde onlangs als eerste triatleet een hele triatlon binnen de acht uur af. Hij raffelde het parkoers in het Duitse Roth - 3.8 kilometer zwemmen, 180 kilometer fietsen, 42.195 meter rennen - in 7.57.02 af....

ROLF BOS

Van onze verslaggever

Rolf Bos

ALMERE

Maar net als op de klassieke marathon is er bij de triatlon geen sprake van een officieel wereldrecord. De omstandigheden tijdens wedstrijden zijn nooit dezelfde. In Roth is het parkoers bergachtig, op Hawaii en Lanzarote is het immer heet, in Almere (waar vandaag de Holland Triatlon wordt gehouden) waait het vooral op de vlakke wegen achter de geluidswallen.

Vorig jaar werd in Almere door Frank Heldoorn een parkoersrecord gevestigd van 8.10.58, de Nederlandse triatleet verdiende er een autootje mee. Achteraf klonk het dat 'Almere een paar honderd meter' te lang was. De landmeters van de Flevopolder zijn daarom opnieuw aan het werk gegaan, en dit jaar zal er geen discussie mogelijk zijn: de lengte van het parkoers is correct.

Maar wat zou het, records betekenen niks in deze sport, al staat er dit jaar weer een auto te wachten op de man (of vrouw) die de parkoersrecords in Almere van Heldoorn of Katinka Wiltenburg (vorig jaar: 9.02.32) verbetert. Heldoorn zelf zal het in ieder geval niet zijn, hij kampt met een pijnlijke knie. Wiltenburg doet wel mee.

De houder van de wereld-besttijd van Roth, Lothar Leder, is er in Almere ook niet bij. Hij verkiest commerciëel attractievere wedstrijden in onder meer Frankrijk. Rob Barel, de bekendste (en oudste) prof-triatleet van Nederland verschijnt ook niet in de polder en de in het Nieuwe Land populaire Zwitser Olivier Barnard was afgelopen weekeinde actief in Zürich, waar hij zich kon kwalificeren voor de meest aansprekende triatlon van de wereld, die van Hawaii.

De wereldtop bij de hele triatlon bestaat uit zo'n 25 man, die allemaal onder de 8.20 uur kunnen eindigen, maar een groot gedeelte van hen laat 'Almere' links liggen. 'Roth' is interessanter, want daar zijn 'slots' voor het triatlon-paradijs Hawaii te verdienen, waar traditioneel eind oktober om het hardst gezwommen, gefietst en gerend wordt.

'Almere' is nog niet weggezakt tot een louter nationaal niveau, maar de organisatie moet wel op haar tellen passen, vindt triatleet Jan van der Marel, die vandaag het genoegen smaakt als favoriet van start te gaan in het Gooimeer. 'In het buitenland, in Roth, op Hawaii en Lanzarote, is meer geld beschikbaar. Bovendien kun je je in Almere niet kwalificeren voor Hawaii, en dat telt toch erg onder de sporters.' Dat laatste gaat misschien veranderen: 'Almere' praat binnenkort met 'Hawaii'.

Van der Marel (28) is samen met Rik van Trigt kanshebber voor de Nederlandse titel die vandaag in het centrum van Almere klaarligt. Het is een 'Open' NK - uit Japan, Zwitserland, Polen en vooral Rusland komt de belangrijkste concurrentie. Van der Marel: 'Van de Rus Fillipov had ik onlangs behoorlijk wat last tijdens de halve triatlon van Nieuwkoop, dus daar ben ik niet geheel gerust op.'

Van der Marel, schaatser van huis uit, won in 1993 tijdens zijn debuut in Almere meteen de hoofdprijs, vorig jaar werd hij tweede achter Heldoorn. De triatleet heeft een goed seizoen achter de rug: hij heerste op de NK wintertriatlon in Geleen (schaatsen in plaats van zwemmen) en was superieur tijdens de run-bike-run in Steenwijk.

Maar die laatste twee wedstrijden zijn kruimelwerk, vergeleken bij de derde plaats die hij half juli in Roth in een internationaal veld behaalde. Reikte Leder daar onder die magische acht uur, Van der Marel deed 8.12.53 over de driekamp. Jazeker, zegt hij, het was een knappe prestatie van die Leder, maar míjn fietsteller gaf na het fietsen wél drie kilometer minder aan dan de geëigende 180 kilometer.' Nogmaals, wereldrecords zeggen triatleten niet zoveel.

In tegenstelling tot veel van zijn collega's die fulltime met hun sport bezig zijn, heeft Van der Marel een volledige baan. Na een studie technisch natuurkunde in Delft werkt hij nu in Amsterdam als ingenieur. Met de auto naar het werk, fiets achterin, en met een flinke omweg 's avonds trappend terug naar Ter Aar. De volgende ochtend per rijwiel terug, en 's avonds weer met de auto naar huis.

Zo raffelt hij een gedeelte van zijn 4 á 500 fietskilometers per week af, daarnaast moet er nog vier uur gezommen ('mijn zwakste onderdeel') worden, en volgt er wekelijks nog vijf uur looptraining ('in totaal zo'n 75 kilometer'). Zijn trainingsomvang is voldoende, zegt hij, de broodnodige rust ontbreekt echter af en toe.

Tijdens de laatste twee jaar van zijn studie heeft hij wel even overwogen om zich na het afstuderen volledig op de triatlonsport te werpen, maar die gedachte zette hij snel overboord. 'Ik kreeg de ziekte van Pfeiffer. Dan besef je dat je als topsporter erg kwetsbaar bent. Ik kreeg deze baan ook aangeboden, en een maatschappelijke carrière vind ik toch belangrijker.'

Veel nadeel ondervindt hij niet van zijn volledige baan. 'Ik krijg 35 vakantiedagen, tien meer dan normaal, en die gebruik ik allemaal voor wedstrijden.' Sponsors zorgen voor materiaal en reisgeld. 's Avonds is hij soms wel te moe voor een intensieve interval-training, dus dan kiest hij voor wat duurwerk. 'Als ik me zou richten op de explosievere Olympische afstand, de kwart-triatlon, dan zou de combinatie werken-sporten minder goed mogelijk zijn.'

Vandaag van start onder de zeespiegel, eind oktober weer actief op Hawaii. Triatleten lijken sneller hersteld van een wedstrijd dan 'gewone' marathonlopers. Van der Marel glimlacht: 'Van het zwemmen en fietsen heb je nauwelijks last. En een triatlon-marathon leg ik af in 2.50, 2.51. Dat is minder extreem dan de 2.10 of 2.12 die echte marathonlopers neerzetten. Nee, ik ga zondag niet achterstevoren de trap af van de spierpijn.'

Meer over