Van Cuilenburg was een van de invloedrijkste mannen in de Nederlandse media

Van Cuilenburg was een van de invloedrijkste mannen in media. Hij overleed zes dagen na zijn vrouw, die hij zo lang had verzorgd.

Peter de Waard
Jan van Cuilenburg. Beeld
Jan van Cuilenburg.Beeld

Dit voorjaar nog luidde hij de noodklok over de staat van de Nederlandse journalistiek in zijn boek Waarheidsvinding als journalistieke missie: Een opmaat naar een kennisleer. Het zou te veel een meningenparadijs zijn van allerlei mensen die achter elkaar aanlopen. In een interview met De Nieuwe Reporter noemde hij als voorbeeld nieuwskoppen als 'Turkije glijdt af naar dictatuur' en 'Erdogan steeds autoritairder'. 'Het eerste wat je je als journalist moet afvragen is: 'Wat bedoel je daar nou eigenlijk mee?' De tweede vraag is: 'Hoe weet je het?', en de derde vraag luidt: 'Is het waar?'

Wat hij miste in de huidige journalistiek was de heterodoxie, het andere verhaal: bijvoorbeeld dat Turkije altijd door potentaten is geregeerd. Het hoofddoel van journalistiek was in zijn ogen het publiek voorzien van informatie waar die dan een mening over zou kunnen vormen, in plaats van dat feiten bij een mening worden gezocht. Volgens zijn zoon, Rutger van Cuilenburg, was hij een aanhanger van de falsificatietheorie van de wetenschapsfilosoof Karl Popper: 'Je moet altijd proberen een bewering te ontkrachten.'

Jan van Cuilenburg overleed 1 november in Amsterdam, als gevolg van longvlieskanker, deze zomer bij hem vastgesteld. Zes dagen daarvoor was zijn echtgenote Henny van Cuilenburg-Chevallier tamelijk onverwacht overleden, zodat er een dubbele overlijdensadvertentie in de krant kwam. Van Cuilenburg was een van de invloedrijkste mannen in de Nederlandse media. Zijn echtgenote Henny was 'degene die het hem mogelijk maakte te excelleren op zijn vakgebied'.

Van Cuilenburg kwam uit een streng gereformeerd nest in Katwijk. Hij zou in 2015 met zijn zus, theoloog Paula van Cuilenburg, in het boek De jeugd vloog uit: hoe babyboomers het gereformeerde nest verlieten beschrijven hoe het gezinsleven was en hoe de kinderen later allemaal een andere kant (agnost, boeddhist, katholiek) op gingen. Zelf studeerde hij politicologie aan de VU in Amsterdam. Onder professor dr. Gijs Kuypers raakte hij geïnteresseerd in media. Hij werd hoogleraar communicatiewetenschap, eerst aan de VU en later aan UvA. Daarnaast was hij jarenlang bestuurslid en voorzitter van het Bedrijfsfonds voor de Pers, voorzitter van het Commissariaat voor de Media, en hij was oprichter en voorzitter van de Stichting Kijk Onderzoek SKO.

Hoewel hij interesse had in de snelle opkomst van sociale media, lag zijn grootste affiniteit bij de traditionele media. Hij schreef zijn proefschrift over het dagblad De Tijd. 'Ik plaagde Jan wel eens met zijn gereformeerde voorkeur voor het geschreven woord, door te zeggen: 'In den beginne was het Woord, en daar had het wat jou betreft bij mogen blijven', zegt collega Jo Bardoel, hoogleraar journalistiek en media.

Later vatte hij ook grote liefde op voor de publieke omroep. 'Hilversum is het dorp, wij zijn de politie die door de straat rijdt. En de politie is je beste kameraad, tot je een bekeuring krijgt. En het mooiste is dat er in Hilversum ondanks alles toch prachtige televisie en radio wordt gemaakt', zei hij in 2011 in een interview met Trouw.

Smetje op zijn blazoen was een commissariaat bij de Amsterdamse woningcorporatie Rochdale. Hij kon niet voorkomen dat directeur Hubert Möllenkamp daar over de schreef ging. Nadat de malversaties aan het licht waren gekomen, trad Van Cuilenburg terug als commissaris.

Hij had nog meer willen schrijven. Maar hij was de laatste jaren veel tijd kwijt aan zijn taak als mantelzorger van zijn echtgenote, die aan epilepsie leed.

Meer over