Interview

Van bubbelbad naar bedelstaf: ‘Geen auto, geen vakantie, geen nieuwe kleren’

Larissa Schonewille (l. ) en Dorine Timmerman, vriendinnen van het schoolplein van hun kinderen, staan aan weerszijden van de kloof tussen arm en rijk. Beeld Rebecca Fertinel
Larissa Schonewille (l. ) en Dorine Timmerman, vriendinnen van het schoolplein van hun kinderen, staan aan weerszijden van de kloof tussen arm en rijk.Beeld Rebecca Fertinel

Dorine Timmerman (56) weet wat het is om in weelde te leven en dan terug te vallen naar bijstandsniveau. ‘Wat verbijsterend is: het verschil dat ik zie ontstaan tussen mijn kinderen en die van rijke vrienden.’ Een gesprek over de kloof tussen rijk en arm, samen met haar hartsvriendin Larissa Schonewille (48).

Laatst was de Haagse kantinejuffrouw Dorine Timmerman (56) de kantoorpalmbomen van een hypotheek­verstrekker aan het begieteren toen ze een flard opving van een gesprek bij bijzonder beheer, de afdeling voor klanten met een betalingsachterstand bij haar werkgever.

‘Ze waren nogal luchtig aan het praten over mensen die hun hypotheek weer niet betaald hadden’, vertelt Timmerman. Die mensen hadden hun geld gewoon vergokt, dachten ze. Toen heb ik daar een opmerking over gemaakt: dat je hypotheek wel het allerlaatste is wat je niet meer gaat betalen – dan zit je zó in problemen, dan ga je je laatste geld echt niet verbrassen aan gokken.’

‘Of aan een vakantie’, vult haar vriendin Larissa Schonewille (48) aan, voorzitter van de stichting Rocking Up X-Mas, waarmee ze elke december door het hele land honderden arme gezinnen verrast met kerstpakketten vol knuffels, hondenspeeltjes, filmbonnen en genoeg ingrediënten voor een copieus driegangendiner.

Timmerman: ‘Of aan een motor. Zo van: ik koop een motor in plaats van m’n hypotheek te betalen. Doe normaal, dat denkt echt helemaal niemand.’

En hoe reageerden uw collega’s van bijzonder beheer?

‘Een beetje geschrokken. En ongemakkelijk. Ik ben zo snel mogelijk weer doorgelopen met m’n gieter, voordat ze konden doorvragen.’

Want dan hadden ze kunnen vragen waarom Timmerman zoveel weet over hypotheekproblemen. Timmerman, een montere moeder van twee zoons met een sociaal huurappartement op driehoog in het Haagse Zeeheldenkwartier, heeft namelijk aan beide kanten gestaan van de in Nederland zo relatief grote vermogenskloof tussen arm en rijk. Ooit woonde Timmerman met haar twee zoons en toenmalige echtgenoot in een stadsvilla in Scheveningen, 450 vierkante meter groot. De voormalige gymzaal telde drie badkamers, zes toiletten, een bubbelbad en een bar annex filmzaal, waar portretten van Bobby Fischer, Tigran Petrosjan en andere schaakhelden van haar man vanaf hun eregalerij meekeken met de bezoekers van de mini-bioscoop.

Door financiële en relationele problemen liep zowel haar huwelijk als het grafisch ontwerpbureau dat ze met haar man bestierde op de klippen. Op het hoogtepunt hadden ze klanten als KPN, het ministerie van Binnenlandse Zaken en de OPCW (de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens), voor wie ze logo’s, brochures en huisstijlen ontwikkelden. Op het dieptepunt verkocht de bank hun huis per executieveiling en belandde het gezin in de noodopvang. ‘Bijna al onze spullen hebben we moeten achterlaten, tot het speelgoed van onze kinderen aan toe. ‘Mama, waar is m’n Action Man gebleven?’, vroeg m’n zoontje nog. Ga dat maar eens uitleggen.’

Van rijk naar bijstand

Afgelopen zomer stuurde de Volkskrant een vragenlijst naar het vaste lezersforum van de krant over een van de heetste hangijzers onder lezers: ongelijkheid. Timmerman schreef daarop: ‘Ik ben van behoorlijk rijk naar bijstandsniveau gegaan. Dat heeft gevolgen voor de woonvooruitzichten van mijn kinderen.’ De afgelopen tien jaar leefde Timmerman grotendeels van een bijstandsuitkering, sinds kort verdient ze als kantinejuffrouw 1.477 euro netto per maand. ‘Ik zie het verschil tussen mijn kinderen en die van rijke vriendinnen groeien. Dat had ik mij nog niet gerealiseerd, hoewel er ook niet heel veel aan te doen valt. Het is meer verbijsterend.’

Als Hagenezen hebben Timmerman en haar zoons van 18 en 21 het toch al extra slecht getroffen. Want hoewel jongeren in heel Nederland moeizaam voet aan de grond krijgen op de woningmarkt – tenzij ze op de gulheid van rijke ouders kunnen rekenen – spant de hofstad de kroon.

In geen van de grote steden daalde het aantal jongeren met een eigen woning zo snel als in Den Haag, bleek onlangs uit onderzoek van de geografen Cody Hochstenbach en Rowan Arundel (Universiteit van Amsterdam). Ze keken daarbij bijvoorbeeld naar de lotgevallen van 18- tot 39-jarigen uit de armste 40 procent van de Nederlandse gezinnen. Tien jaar geleden bezat in Den Haag nog bijna één op de vijf jongeren uit deze categorie een koopwoning, anno 2018 was dit gedaald tot één op de tien.

‘Tijdens een koffie met vriendinnen besefte ik opeens wat voor verschil het voor de toekomst van je kinderen maakt als er iets misgaat in je leven’, vertelt Timmerman vlak nadat ze jodenkoeken op tafel heeft gezet. Ze is naar eigen zeggen gegaan van een situatie waarin ze nooit aan geld dacht, naar eentje waarin ze, berooid en wel, aan niets anders kon denken.

Larissa Schonewille Beeld Rebecca Fertinel
Larissa SchonewilleBeeld Rebecca Fertinel

‘Bij de koffie kwam ter sprake dat mijn oudste zoon erg moeite heeft om een kamer te vinden. Hij probeert het nu anti-kraak, wat een van de weinige manieren is om iets betaalbaars te krijgen. Terwijl een vriendin van mij gewoon een huis koopt voor haar dochter die gaat studeren. Dat ik na de executieveiling van ons koophuis met een enorme restschuld ben blijven zitten en naar beneden ben gekukeld van de maatschappelijke ladder is op zich al niet heel fijn, maar dat je je kinderen niet kunt helpen en dat je armoede doorwerkt in de volgende generatie vind ik een trieste constatering.’

‘Mijn man en ik hebben gezegd: we willen dat onze kinderen schuldenvrij afstuderen’, vertelt haar vriendin Larissa; de twee kennen elkaar van het schoolplein van hun kinderen. Larissa is behalve voorzitter van Rocking Up X-Mas moeder van vier kinderen (van 10, 12, 14 en 16) en de vrouw van een gereputeerd advocaat in financiële geschillen, die de afgelopen tijd zaken deed tegen ABN Amro, Airbnb en Rabobank. ‘Gezien onze inkomsten komen onze kinderen niet in aanmerking voor een aanvullende beurs, dus wij betalen hun studie. En dan ook in de ruimste zin des woords, dus ook hun kamer, of we kopen iets voor ze als de oudste twee bijvoorbeeld in dezelfde plaats gaan studeren.’

. Beeld .
.Beeld .

Waar merk je je financiële val nog meer aan, Dorine?

Larissa: ‘Waar niet aan?’

Dorine: ‘Het werkt in alles door.’

Larissa: ‘Geen auto, geen vakantie, geen nieuwe kleren kunnen kopen, geen hobby’s kunnen betalen.’

Dorine: ‘De kleren die ik aanheb zijn allemaal van de kringloop. Dit kost 4,50 euro’, zegt Timmerman over haar smaragdgroene trui met cache-coeurhals. ‘Daar ben ik eigenlijk wel een beetje trots op.’

Larissa: ‘Je maakt er een soort sport van.’

Dorine: ‘Ik heb geen auto, ik fiets alles. Naar de sportschool hoef ik niet, want ik fiets al naar m’n moeder als ik haar mantelzorg doe.’

Larissa: ‘Ze woont in Maasland ...’

Dorine: ‘... dus dat scheelt dan weer. Zonder elektrische fiets hè? En ik drink en rook niet meer, dat scheelt ook een hoop geld.’

Uit eten gaat Timmerman alleen als haar kinderen jarig zijn, of als Larissa trakteert, bijvoorbeeld op een diner van knolselderijsteaks of ossenhaas van het weiderund bij het Haagse Zebedeus. ‘Bij mij op m’n werk waren veel mensen gewend om bijna elke dag uit eten te gaan, of naar de kroeg of het theater. Die hadden er dus enorm last van dat dit door corona allemaal niet meer kon. Terwijl corona voor mijn uitgaansleven amper verschil maakte.’

Van haar vriendin Larissa kreeg ze geregeld schoolboeken of een zak Esprit-truien voor haar kinderen cadeau, of een uitnodiging om samen naar een Youp van ’t Hek-voorstelling te gaan. ‘En ik mag af en toe je auto lenen, zo’n hele dikke Volvo, echt niet normaal, net een ufo.’

Larissa stak ook de helpende hand toe toen Dorine een jaartje klassenouder was op het Maerlant-lyceum en een borrel moest geven. Timmerman wilde de gefortuneerde gasten niet in haar sociale huurwoning op drie hoog achter ontvangen, dus mocht ze het bijna drie keer zo grote Scheveningse huis van Larissa als borrelplek gebruiken. Nog nooit was de opkomst zo hoog geweest, stelde de verbouwereerde mentor vast, wat vooral kwam doordat veel ouders graag Larissa’s echtgenoot, de eerder genoemde advocaat, de hand wilden schudden.

Larissa: ‘Stonden er allemaal mannen te wachten tot hij thuiskwam van zijn zitting ...’

Dorine: ‘In hun mooiste Armani-pak.’

Larissa: ‘Met hun Rotary-speldje.’

Dorine Timmerman. Beeld Rebecca Fertinel
Dorine Timmerman.Beeld Rebecca Fertinel

Hun woonplaats Den Haag is een stad van contrasten. Van de vijftig Nederlandse buurten met de hoogste inkomens liggen er vijf in Den Haag, blijkt uit CBS-cijfers. Lokale uitschieter is de Archipelbuurt, de wijk waar bijvoorbeeld prinses Irenes zoon Carlos woont. Het gemiddelde inkomen bedraagt daar 55.800 euro per inwoner, 20 duizend euro minder dan de landelijke koploper, de Amsterdamse Cornelis Schuytbuurt. Tegelijkertijd zijn ook elf van de vijftig armste buurten Haags, met de Schildersbuurt-Oost (14.800 euro) als ’s lands op één na armste plek, net voor de Amstelveense studentenwijk Uilenstede.

De sociaal-geografische scheidslijnen lopen kriskras door de stad, ziet Larissa. Tussen het zand en het veen bijvoorbeeld: de geldelite woont op het zand, in rijke buurten als Benoordenhout, de Archipelbuurt of de Vogelwijk. ‘De Laan van Meerdervoort, de langste laan van Den Haag, scheidt als het ware het gepeupel van de rest, althans: zo wordt dat in hogere kringen gezien.’ En ook door rijke buurten lopen klassengrenzen, zoals tussen oud en nieuw geld. ‘Qua status kan het bijvoorbeeld uitmaken of je aan het begin of eind van een straat woont, of aan de linker- of rechterkant. Ik kom zelf uit Friesland, dus eerst had ik dat helemaal niet door.’

. Beeld .
.Beeld .

Hoe speelt het verschil in rijkdom een rol in jullie band?

Dorine: ‘Nou, niet. Bij een andere vriendin speelt het wel een rol, die vindt echt dat ze aan goede doelen doet als ze mij een beetje helpt. Daar voel ik me toch wat ongemakkelijk bij.’

De vriendin in kwestie verkeert in kringen van adel en oud geld waar mensen geen vrienden hebben, maar ‘amices’, en een feest een ‘party’ heet, vertelt Dorine. Zo gaf ze een tijdje terug een party waar veel van de genodigden kinderen op het Maerlant hadden, het lyceum waar onder anderen premier Rutte en prins Constantijns oudste dochter Eloise schoolgingen en ook Timmermans oudste zoon twee jaar in de banken zat.

Dorine: ‘Ze had mij gevraagd of ik bij het toilet wilde gaan zitten, als een soort toiletjuffrouw. Zonder erbij na te denken dat ik dat misschien gênant vind. Dan zou ik dus bij het toilet zitten terwijl allerlei bekenden van mij gezellig aan de champagne en kaviaar gingen.’

Waarom had ze een toiletjuffrouw nodig?

Dorine: ‘Nou, als je een groot huis hebt, dan wil je niet dat iedereen alle verdiepingen afzwerft op zoek naar een badkamer of toilet. Dus dan wil je dat iemand op de trap gaat zitten.’

Larissa: ‘Als een soort gastvrouw.’

Dorine: ‘En het leek haar leuk als ik dat zou doen.’

Wat antwoordde u op haar verzoek?

Larissa: ‘Volgens mij heb je gewoon vriendelijk bedankt.’

Dorine: ‘Ik heb gezegd dat ik niet kon die dag. Het mooie was ook dat ik zelf niet voor het feest was uitgenodigd, maar ik mocht wel op de wc letten.’

‘Eigenlijk’, resumeert Larissa, ‘gun je het iedereen die wel geld heeft om eens een kijkje te nemen in de wereld van mensen die dat niet hebben. Met onze stichting gaan vrijwilligers eens per jaar langs bij arme gezinnen om kerstpakketten te brengen. Die komen over de vloer bij mensen die echt niks hebben.’

Dorine: ‘Die schrikken zich rot.’

Larissa: ‘Dat slaat zó binnen. Je belt aan bij mensen die geen vloerbedekking hebben, waar kleine kinderen als ze je zien aankomen met je tas vol boodschappen en cadeaus tegen je zeggen: ‘Bent u dan Sinterklaas?’ Omdat ze nog nooit een cadeautje hebben gehad. Dat is zó schrijnend. Eigenlijk gun ik iedereen zo’n moment, niet uit vermaak of aapjeskijkerij, maar om te beseffen dat welvaart helemaal niet zo vanzelfsprekend is.’

Meer over