Profiel

Van bondgenoot van de VS tot drugscrimineel: wie is Juan Orlando Hernández, ex-president van Honduras?

Juan Orlando Hernández, tot afgelopen januari president van Honduras, deed jarenlang zaken met Obama en Trump, als bondgenoot van Amerika. Donderdag landde hij er met boeien om zijn polsen, als drugscrimineel ‘JOH’. Mogelijk wacht hem levenslang.

Joost de Vries
Voormalig president Juan Orlando Hernández van Honduras tijdens zijn uitleveringsproces in Honduras, omringd door politieagenten.  Beeld ANP / EPA
Voormalig president Juan Orlando Hernández van Honduras tijdens zijn uitleveringsproces in Honduras, omringd door politieagenten.Beeld ANP / EPA

De aanklacht tegen Hernández (53) die de Amerikaanse justitie donderdag openbaarde, schetst een gitzwart beeld van een gewiekste narcopoliticus. Ver voor hij president werd, was hij al betrokken bij internationale drugshandel. De verdenkingen gaan terug tot 2004. ‘Hernández nam deel aan een corrupt en gewelddadig drugssmokkelcomplot dat de import van tonnen cocaïne naar de Verenigde Staten faciliteerde.’

Voor zijn verleende diensten ontving hij miljoenen dollars, onder meer van Mexicaanse drugskartels. Een van zijn contacten was de voormalige kartelbaas Joaquín ‘El Chapo’ Guzmán, die sinds 2017 vastzit in de VS.

‘Narcostaat’

Hernández kocht van zijn drugsgeld niet alleen mooie spullen, maar bovenal macht. Hij financierde er zijn campagnes en verkiezingsfraudes mee; eerst in 2013, later bij zijn omstreden herverkiezing in 2017. Eenmaal president veranderde hij Honduras in een ‘narcostaat’, aldus de aanklacht.

Volgens de Amerikanen beschermde hij drugscriminelen, onder wie zijn jongere broer Juan Antonio ‘Tony’ Hernández (sinds 2018 in een Amerikaanse cel), speelde hij politie-informatie door aan drugshandelaren, zette hij politie en leger in om drugstransporten te beschermen en liet hij ‘bruut geweld’ van criminele bendes onbestraft.

Honduras, een Caribisch land met tien miljoen inwoners, ligt uitstekend gepositioneerd tussen cocaïneproducerende Zuid-Amerikaanse landen als Colombia en Peru en die immense afzetmarkt in het noorden, de VS. De Amerikanen concluderen: Hernández en zijn criminele vrienden maakten van Honduras ‘een van de grootste overslagplaatsen ter wereld voor cocaïne’.

Een wonder

Zo’n machtige man zou die macht nooit zomaar opgeven, stelden Hondurezen vorig voorjaar tijdens een bezoek van de Volkskrant aan Honduras met zekerheid vast. Niemand koesterde illusies over de verkiezingen in het najaar. Die zouden frauduleus worden gewonnen door een bondgenoot van Hernández, hijzelf zou nimmer naar de gevangenis gaan.

Maar het wonder geschiedde. De linkse Xiomara Castro, de vrouw van de in 2009 afgezette president Manuel Zelaya, versloeg zomaar de diep gehate, corrupte kliek van de Nationale Partij. En JOH, die in 2017 zijn herverkiezing nog vierde met het hardhandig neerslaan van protesten, verdween van het podium. Eenmaal onttroond bleken ook zijn criminele connecties weinig meer waard.

Castro trad in januari aan, een kleine maand later sloot een eenzame Hernández zich op in zijn huis om uitlevering aan de VS te voorkomen. Het mocht niet baten. Het staatsapparaat dat in zijn opdracht had samengewerkt met criminelen, voerde hem nu met kettingen om zijn enkels af naar het gevang.

Boerengezin

Hernández groeide op als vijftiende in een boerengezin van zeventien kinderen. Zijn jeugd speelde zich af tussen uitgestrekt grasland en groene bergen in het westen van Honduras. Als 19-jarige rechtenstudent ontmoette hij zijn toekomstige vrouw aan de universiteit in de hoofdstad. Ze kregen samen vier kinderen. Hij werd advocaat en rondde daarnaast een studie af in bestuurskunde – met een focus op Amerikaanse wetgeving.

Begin twintig zette hij zijn eerste stappen bij de Nationale Partij, een conservatieve machtspartij die inmiddels een ruime eeuw bestaat. Hij ging aan het werk als assistent voor zijn broer, die parlementslid was. Acht jaar later, in 1998, werd hij zelf gekozen. De handige Hernández maakte een snelle opmars door de Partido Nacional.

Zijn tien jaar jongere broer Tony klom tegelijkertijd op in de drugscriminaliteit. De Amerikaanse aanklacht beschrijft hoe parlementariër Juan Orlando in 2005 van zijn broer 40 duizend dollar ontving voor het doorspelen van politie-informatie. De criminele organisatie waar Tony Hernández deel van uitmaakte, kon zonder problemen cocaïne transporteren richting Guatemala.

Terwijl de broers Hernández zich op het criminele pad begaven, ging president Zelaya na zijn aantreden in 2006 een steeds linksere koers varen, tot onvrede van Honduras’ machtige financiële en politieke elites. Het leger zette Zelaya af in 2009. Later dat jaar won Porfirio Lobo, de kandidaat van de Nationale Partij, omstreden nieuwe verkiezingen. De Verenigde Staten waren er snel bij om de uitslag te accepteren, zoals ze dat later ook tot twee keer toe deden bij Hernández.

De narcopresident speelde voor de bühne bondgenoot van de VS, stelt de aanklacht nu. Dat niet alleen, hij was het ook. Hij kon zakendoen met Obama en Trump. Vooral met die laatste had hij een goede verstandhouding: zolang hij migranten tegenhield, mengden de VS zich niet in Hondurese zaken. Vrijdag hoorde Hernández in een rechtbank in New York hoofdschuddend aan wat de Amerikanen hem inmiddels allemaal verwijten. Mogelijk wacht hem het lot van zijn broer: levenslang.

3x Juan Orlando Hernández

Nadat rechts Honduras in 2009 via een staatsgreep was teruggekeerd aan de macht, had politicus Porfirio Lobo geld nodig voor zijn campagne. Lobo en partijgenoot Juan Orlando Hernández wisten wel waar dat te halen: ze kregen 2 miljoen dollar van drugshandelaar Alexander Ardon Soriano (op dat moment burgemeester van het Hondurese plaatsje El Paraiso). De crimineel kreeg bescherming, een familielid kreeg een positie in de regering van Lobo.

Toen Hernández in 2013 zelf opging voor het presidentschap, had hij opnieuw geld nodig. Dit keer haalde hij met hulp van zijn broertje Tony een miljoen dollar op bij Joaquín ‘El Chapo’ Guzmán, toenmalig hoofd van het beruchte Sinaloa-kartel. Hernández beloofde zich te ontfermen over El Chapo’s belangen in Honduras.

Voor zijn omstreden herverkiezing in 2017 klopte Hernández opnieuw aan bij zijn oude vriend Ardon Soriano. Tijdens een ontmoeting zei hij te vrezen dat hij dit keer niet genoeg stemmen zou halen. Kon Ardon Soriano niet helpen, in ruil voor bescherming tegen uitlevering aan de VS? Dat kon de drugsbaas: hij gaf 1,5 miljoen dollar aan Hernández’ campagne en hielp bij het omkopen van ambtenaren.

Meer over