Van armenvoer naar hipsterfriet: zo lust China de aardappel wél

Lang was China het laatste frietvrije bolwerk van de wereld. Maar de westerse geneugten dringen ook daar steeds meer door. Met Nederlandse aardappelexpertise worden de zaken groots aangepakt.

Marije Vlaskamp
null Beeld Wassink Lundgren
Beeld Wassink Lundgren

Zachte puree-aardappelen of stevige bintjes voor friet: alle aardappelen zijn Wang Dengshe even lief. Zijn velden zijn goed voor 90 duizend ton aardappelen per jaar. Ze worden geflankeerd door een fabriek die patat en aardappelvlokken maakt. Het liefst is aardappelkoning Wang in het koele magazijn waar de voorraden pootaardappelen liggen. 'Dat voelt alsof ik bij mijn kleinkinderen op bezoek ga. Die piepkleine aardappeltjes zijn het succes van overmorgen.'

Een groter hart voor aardappelen is op het noordelijk halfrond niet snel te vinden, maar Wang heeft zijn evenknie gevonden in Joop van Drunen (71). De gepensioneerde topman van de Nederlandse aardappelverwerker Aviko leidt in Zhangjiakou de uitbreiding van de joint venture tussen Aviko en Wangs SnowValley in goede banen.

De fabriek spuugt nu 10 ton friet per uur uit - nog bescheiden vergeleken met de Nederlandse hoofdvestiging die 25 ton per uur aankan. Volgend jaar gaat Aviko SnowValley naar 20 ton per uur en dan kan Aviko de voorspelde onstuimige groei van de Chinese patatmarkt bijbenen.

undefined

null Beeld Wassink Lundgren
Beeld Wassink Lundgren

'China was het laatste frietvrije bolwerk ter wereld', zegt Van Drunen. 'Toen we hier vier jaar geleden begonnen wisten ze niet wat een frietje was.'

Tot China begin jaren negentig kennismaakte met Amerikaanse snackketens zoals McDonald's en KFC waren aardappelen armeluisvoedsel. 'Rijke mensen en stedelingen blieven geen aardappelen', zegt Wang. Ze vinden aardappels een minderwaardige knol. Als puree, pannenkoek of vulling voor een schrale stoofpot: de aardappel doet in China dienst als troost van de armen.

(artikel gaat verder onder het kaartje)

Hier is de fabriek in China gevestigd:

De westerse frietvorm heeft de aardappel echter van dat slechte imago afgeholpen. Friet duikt op in welvarende, stedelijke plekken. De bar van een hipsterbiercafé, naast een hamburger of in een schattig mandje bij de thee-met-hapjes.

Zelf frituren doen Chinezen niet, restaurants en fastfoodketens zijn de belangrijkste klanten van Aviko-SnowValley. 'Die willen zo lang mogelijke frites. Dan lijkt het meer op je bord', zegt Van Drunen, terwijl hij naar de dansende gele staafjes grijpt om te kijken of er geen ondermaatse patatjes tussen zitten. 'Als de aardappelkwaliteit goed is, is mijn dag ook goed. Ik denk dat ze toch steeds meer naar een westers voedingspatroon toegaan hier.'

De Chinese overheid hoopt dat ook, want die heeft aardappels tot het nieuwe, gezonde basisvoedsel uitgeroepen. De Chinese voedselconsumptie stijgt met de welvaart mee, maar het verbouwen van de vaste maagvullers in de vorm van maïs, rijst en tarwe kost per calorie meer water dan aardappelen.

Omdat China ernstig watertekort heeft en aardappels het goed doen in droge grond, wordt er nu op staatscommando een gebied ter grootte van anderhalf keer Nederland vol gepoot met wat 'de vierde graansoort' wordt genoemd.

Niet dat China te weinig aardappels had. Integendeel. Zes jaar geleden werd de bevolking al opgeroepen tot een 'pattriottische aardappelcampagne' om boeren van hun overtollige aardappelen af te helpen. De boeren zitten niet te wachten op nog meer aardappels voor nog lagere prijzen. China, goed voor ruim 20 procent van de wereldproductie, komt al om in de aardappels. Ze opeten, daar zit het echte probleem.

null Beeld Wassink Lundgren
Beeld Wassink Lundgren

China overspoelen

Wang, die in de deskundigencommissie zat die mocht meepraten over het aardappelstimuleringsbeleid, zint op manieren om het aardappeleten opnieuw uit te vinden, tot iedereen er net zo dol op is als hij. Dan volgt de smaak van de consument vast en zeker het overheidsplan.

'Ik mik op een toename van de consumptie van ruim 15 procent per jaar. In eerste instantie in de vorm van friet. Er zijn nog veel steden zonder fastfood. Daarna wil ik de geïndustrialiseerde voedselproductie die ik nu met patat onder de knie krijg, loslaten op onze eigen boerenaardappelgerechten. Daarmee overspoelen we China, en daarna jullie keukens. Waarom zou er voor Chinese aardappeldelicatessen geen exportmarkt zijn?'

Niet geautomatiseerd

Mensenhanden zijn in deze arme uithoek van de Noord-Chinese provincie Hebei goedkoper dan machines. Het uitpitten van zwarte stukjes is niet zoals in Nederland geautomatiseerd. Hygiënetraining was in het begin geen overbodige luxe, vertelt Van Drunen, maar inmiddels is twee keer per dag een rondje langs de productielijn lopen voldoende.

'Ik zou een paar maanden helpen opstarten. Dat is nu al negen maanden. Wang laat me niet gaan.' Zelf neemt hij ook moeilijk afscheid van het Chinese patatavontuur.

Zwaar werk, dat rondje van Van Drunen. De productielijnen sissen en stomen, de hal is beurtelings heet van het frituren en koud van het vriezen. De vloer is ook nog eens glibberglad. Van Drunen is dol op pionieren met aardappelverwerkers. 'Ik heb in 2008 de eerste West-Chinese fabriek voor gedroogde aardappelvlokken opgezet. Boeren sliepen met hun ezeltje in de kamer om zich warm te houden. Zo arm was het daar.'

Meer over