Column

Van alle mensen met omahaar ben ik straks de oudste

Modeontwerpster Isabel Marant. Beeld EPA
Modeontwerpster Isabel Marant.Beeld EPA

Er komt een moment in het leven dat je je stijliconen opnieuw moet kiezen. Je kunt wel jaren blijven hangen aan Punky Brewster of, om een wijder verbreid stijlicoon te kiezen, Chloë Sevigny, of - en dit komt helaas vrij vaak voor, óók, nee júíst, bij zeer volwassen vrouwen - Pippi Langkous, maar de jaren gaan voor jouzelf tellen en voor Punky, Chloë en Pippi niet. Ik snap ook niet hoe dat kan. Het is gewoon zo. Accepteer het.

Nu ik dag in dag uit (de voorgaande vier woorden verslagen en zuchtend uitspreken) in de spiegel zie dat er tegen de grijze plukken in mijn haar niet meer op te verven valt, heb ik besloten om Isabel Marant als stijlicoon te nemen. Natuurlijk, Isabel is een extreem succesvolle modeontwerpster, graatmager en bovendien Parisienne, dus voor elke weldenkende Nederlandse een ongezond voorbeeld, maar Isabel heeft één ding dat ik ook heb en dat is halfkrullend grijs haar. En ze draagt dat haar toevallig ook in de dracht die ik al jaren verkies: de zogenoemde 'fludderige knot' - ja, zo heet dat in Parijse modekringen.

Als ik maar vaak genoeg naar mijn gegoogelde afbeeldingen van Isabel zou kijken, zou ik vanzelf tot rust komen over die grijze lokken, en ze misschien zelfs omarmen, dacht ik.

Dat heeft gewerkt. Ik ben nu op het punt aangekomen dat ik de hele doodgeperoxideerde boel in één keer grijs wil laten oververven, zodat het grote uitgroeien kan beginnen.

En toen kwam er ook nog een soort godsgeschenk: grijs haar is in. En niet alleen bij vier fotomodellen en een Britse conceptuele kunstenares, maar bij gewone mensen. Wat een ondenkbaar geluk, dat op je eigen oude dag ineens iets van ouderdom in de mode raakt. Alsof rimpels een trend worden. Of hangknieën. Of okselflebbers.

Op Instagram zetten allerlei vrouwen (meiden, wilde ik schrijven, maar dan klink je zelf zo oud) onder #grannyhair trotse foto's van hun haar dat ze helemaal grijs hebben laten verven.

Ik had er ineens tienduizend stijliconen bij, en dat was rustig.

Zo bestudeerde ik urenlang al die vrouwen met hun omahaar. Het stond ze goed. Sommige vrouwen verfden ook blauw of paars door hun omahaar: dat was ik natuurlijk niet van plan. Anderen knipten het kort, wat ze ook goed stond, maar dat is een weg die ik, en de meeste anderen, absoluut nooit mogen inslaan.

Toch hadden ze allemaal iets wat ik niet direct kon benoemen, iets extra's. Dat haar stond ze zo goed. Het was bijna te mooi om waar te zijn.

En ineens, bij foto 3.482, drong het tot me door. De reden dat dat omahaar ze zo fantastisch stond, was dat ze zelf heel jong waren. Twintig. Achtentwintig, hooguit.

Van alle mensen met omahaar ben ik straks de oudste.

Meer over